Griek is orthodox, en dat wil hij weten

Moet de godsdienst wel of niet vermeld worden op het identiteitsbewijs? Daarover wordt in Griekenland een verbeten strijd gevoerd.

De nieuwe Griekse minister van Justitie Michalis Stathópoulos is het voorwerp geworden van woedende aanvallen uit de mond van orthodoxe kerkleiders, met voorop de Atheense aartsbisschop Christódolous. De minister had zich in een vraaggesprek voorstander betoond van identiteitsbewijzen waarop niet langer het geloof van de bezitter vermeld staat. Dit is een persoonlijke zaak, zo vindt hij, en het ministerie van Orde dat ze uitgeeft – de politie in feite – heeft daar niets mee te maken. Griekenland is het enige EU-land met vermelding van de religie op het identiteitsbewijs.

De woede van de kerkleiders richtte zich vooral tegen het feit dat de minister de Grieks-orthodoxe kerk in het algemeen `overbeschermd' noemde. En de gemoederen raakten nog heviger verhit, nadat de `Autoriteit ter Bescherming van Persoonlijke Gegevens' de regering heeft geadviseerd niet alleen het geloof maar ook het beroep, de naam van de echtgenoot en de vingerafdruk buiten het nieuwe identiteitsbewijs te houden. Dit wordt waarschijnlijk begin volgend jaar ingevoerd, samen met nieuwe paspoorten. De veranderingen die Stathópoulos voorstaat hebben een klimaat geschapen dat, volgens de meest pessimistische voorspellingen, op een burgeroorlog, dan wel een conflict tussen Kerk en Staat, kan uitdraaien.

Het vuur wordt verder opgestookt door een omstreden rechtszaak over het boek M tot de macht N van de vroegere communistische parlementariër Mimi Androulakis. In dit boek, een reeks fictieve dialogen tussen vrouwen wier namen allemaal met een M beginnen, wordt gehint naar seksuele verlangens van Jezus. De Grieks-orthodoxe kerk, aangevoerd door monikken van de berg Athos, beschouwen het daarom als blasfemisch en hebben de rechter gevraagd het te verbieden. Eerder al werd het in het noorden van Griekenland verboden door een rechter uit Thessaloniki, die onrust vreesde. Gisteren demonstreerden tientallen monikken, priesters, nonnen en anderen voor het gerechtsgebouw in Athene.

Kerk en Staat zijn in Griekenland niet gescheiden. Artikel 3 van de Grondwet noemt de Oosters-Orthodoxe kerk de `heersende' in Griekenland. Dat dit de godsdienstvrijheid niet uitsluit, moet blijken uit artikel 13, waarin deze uitdrukkelijk wordt gestipuleerd. Maar 97 procent van de Grieken hoort bij de orthodoxe kerk.

Velen vinden dat de kerk deeluitmaakt van de `identiteit' van de Griek. Die heeft er recht op hiervan te getuigen, zeggen ze. Maar het identiteitsbewijs is een praktisch document en geen getuigschrift, vinden anderen. Juist omdat 97 procent van de Grieken Orthodox is, zeggen zij, hoeven ze dit niet nog eens vast te leggen – ze staan sterk genoeg. De religieuze minderheden daarentegen – katholieken, protestanten, joden, moslims – kunnen met zulke papieren worden gediscrimineerd en daarvan zijn voorbeelden. Al deze minderheden zijn ook tegenstanders van de vermelding.

Het conflict wordt met de dag heviger. De aartsbisschop hield zondag maar liefst drie preken, waarin hij ervoor waarschuwde, alles uit Europa klakkeloos over te nemen. "Het is een schande", zo riep hij, "dat een klein groepje intellectuelen alles van dit land wil verkopen". In het voorbijgaan waarschuwde hij ook, niet voor het eerst, voor het 'homohuwelijk'.

De bisschop van Jánnina, Theoklitós, kwam inmiddels verrassend de staat te hulp, maar hij lijkt vooralsnog een eenling. Anderen binnen de kerk komen met voorstellen die zij als `compromis' aankondigen, maar die volgens anderen de zaak nog zullen verergeren. Bijvoorbeeld het idee om vermelding van het geloof vrijwillig te maken. De voorstanders hiervan hopen dan op een volksactie, waarbij zo'n 90 procent zich als orthodox laat inschrijven. Maar dan wordt het, zeggen de tegenstanders, nog moeilijker voor de overigen, kleine godsdiensten en principiëlen. Het gevaar van discriminatie wordt dan alleen maar groter.

De voorstanders van de vrijwilligheid herinneren aan de wijze waarop in 1982 de kwestie van het burgerlijk huwelijk is opgelost. De socialistische regering van Andreas Papandreou wilde dit toen naar Westers voorbeeld verplicht invoeren, maar stuitte op zo'n kerkelijke weerstand dat een compromis werd bereikt. De Grieken konden zelf kiezen of ze in het stadhuis wilden trouwen of in de kerk die op dat moment de burgerlijke stand vertegenwoordigde. Het aantal burgerlijke huwelijken bleef miniem, aldus triomfantelijk de kerk. Inmiddels pleit minister Stahópoulos weer voor het verplichten van een burgerlijk huwelijk.

Velen binnen de kerk opperen de laatste dagen een referendum over de kwestie. Dit lijkt democratisch, maar het is het grootste kwaad, zeggen de tegenstanders, het leidt tot een campagneoorlog tussen kerk en staat met onvoorzienbare gevolgen. Het tegenvoorstel van de kant van de regering luidt: waarom gaat de kerk geen eigen identiteitsbewijzen uitgeven? Iedereen die wil `getuigen' dat hij orthodox is kan dan zo'n papier aanschaffen.

Maar de kerkelijken wuiven dit voorstel weg: Een bisschop heeft al gedreigd met burgerlijke ongehoorzaamheid, weigering enig identiteitsbewijs in ontvangst te nemen en de straat op te gaan (of `de bergen in', zoals de vrome zangeres Vicky Moscholióu proclameert). Intussen is er opvallend weinig aandacht voor het nuchtere voorstel van Pandelis Kapsis redacteur van de grootste krant Ta Nea, het identiteitsbewijs gewoon af te schaffen, met als voorbeeld de Verenigde Staten en andere landen in de EU.

    • F.G. van Hasselt