Telecomveiling

EENSGEZIND HEBBEN de mededingers naar de frequenties voor de derde generatie mobiele telefonie (UMTS) een protestbrief gestuurd naar de regering. Zij zijn bang dat de prijzen op de komende veiling uit de hand lopen. Zo vreemd is die zorg niet. Geïnspireerd door de enorme opbrengst die is gerealiseerd in Groot-Brittannië denkt minister Zalm (Financiën) wellicht twintig miljard gulden binnen te kunnen halen.

Het vooruitzicht van zo'n bonanza leidt tot twee zeer uiteenlopende reacties. En dat niet alleen over de hamvraag of de opbrengst moet worden teruggesluisd naar de telecomsector dan wel ten goede mag komen aan de algemene middelen. Ook het instrument van de veiling zelf staat ter discussie. Terwijl de industrie klaagt dat haar een poot wordt uitgedraaid – waarvoor de consument uiteindelijk de rekening betaalt – zien anderen de verwachte enorme opbrengsten juist als een bewijs van de kwaliteiten van het instrument telecomveiling.

Veiling is een bij uitstek transparante methode om te komen tot verdeling van het spectrum. En het bezwaar van prijsopdrijving dan? Het klassieke antwoord op deze tegenwerping is dat de veilingprijs in beginsel ten koste gaat van de winst. De prijs moet worden gezien als een vorm van vaste kosten voor de vergunninghouders, legde minister Jorritsma (Verkeer) vier jaar geleden uit bij de introductie van de Veilingwet.

TOCH ERKENDE zij dat er speciale voorzieningen nodig kunnen zijn om de concurrentie te waarborgen. Met name de binnenkomst van nieuwe aanbieders. Zoals wel vaker in de economie kan het dubbeltje naar beide kanten vallen. De veiling is niet per definitie een ideaal instrument, al was het alleen omdat er verschillende formules bestaan (open of besloten bieding, opbieden of dalende veilingklok?)

De veiling van mobiele frequenties heeft ook nog eens plaats in een ware sellers market, met alle aandrang voor de kopers om hoger te bieden dan strikt verantwoord is. Dat kan dan weer worden goedgepraat als een stimulans voor de winnaars om er extra hard tegen aan te gaan, maar dit kan ten koste gaan van de kwaliteit en leiden tot nieuwe monopolievorming. De Europese Commissie die in een Groenboek de telecomveiling nog aanprees als een efficiënt verdelingsmechanisme, lijkt zich nu toch ook zorgen te maken over de bijeffecten. Zo blijken niet alle lidstaten de UMTS-frequenties te gaan veilen, hetgeen tot onevenwichtigheden op de Europese markt kan leiden.

HET VOORNAAMSTE argument voor veiling is dat er weinig alternatief is. Een loterij leidt al gauw slechts tot ,,private veilingen'' door allerlei speculanten. Dan is het wel zo eerlijk het publieke goed ten behoeve van de publieke kas te gelde te maken. Bij een zogeheten schoonheidswedstrijd gunt de overheid de vergunningen aan de aanbieders die het best voldoen aan de voorwaarden die zij stelt. Deze methode werkt onwenselijke overheidsbemoeienis met ondernemersactiviteiten in de hand. Het is wel zo zuiver het aan de ondernemer over te laten om scherp te calculeren in een openlijke competitie zoals een behoorlijk ontworpen veiling. Bij alle bedenkingen ziet het er niet naar uit dat de Europese Commissie gaat proberen de telecomveilingen af te blazen.