Leuk buurtje van autochtone en allochtone arbeiders

De verwoeste wijk Roombeek telde 330 bewoners en behoorde tot de 20 procent armste buurten van Nederland.

De buurt Roombeek ligt aan de zuidelijke rand van de bonte lappendeken van woongebieden die het stadsdeel Enschede-Noord kenmerkt. Vroeger liep hier een riviertje; de namen van naburige buurten als Mekkelholt en Deppenbroek herinneren nog aan de boerderijen die hier eens hebben gestaan. Ook de textielfabriek van industrieel N.J. Menko, op het terrein ten westen van de Stroinksbleekweg, heette `Spinnerij Roombeek'.

De volksmond kent zijn eigen indelingen. Zo staat het meest getroffen gebied, even ten westen van de vuurwerkopslagplaats aan de Tollensstraat, ook wel bekend als de Kroedhöftebuurtje. Bijna alle huizen die woningbouwvereniging Patrimonium hier in 1924 bouwde, zijn verwoest. De architectuur van de wijk was bepaald bijzonder, vertelt oud-gemeentearchivaris T. Wiegman. ,,De architectuur lijkt op die van de Pathmosbuurt, die landelijk bekendheid geniet. Het was een leuk buurtje.'' Een ander gedeelte van de buurt Roombeek dat grote schade heeft opgelopen, ligt om de Grolsch-fabriek, even ten noorden van de Roomweg. De kleine woningen voor de arbeiders die hier voor de oorlog werden gebouwd, worden ook wel `Grolsch-huisjes' genoemd.

In de gehele buurt geldt dat de vooroorlogse bebouwing de laatste jaren plaats heeft moeten maken voor nieuwbouw. Bovendien stond met het Vinex-project Groot-Roombeek een stadsvernieuwingsproject op stapel dat behoort tot de grootsten van Nederland. De bewoners van de straatjes ten oosten van de Grolschfabriek (het `Roomveldje') konden nog tot 2005 hier blijven wonen, waarna het buurtje tegen de vlakte zou gaan. De Grolschfabriek zelf moet op termijn verhuizen naar Boekelo, waar de lokale bevolking daar verzet zich nog tegen de verhuizing. De vuurwerkopslagplaats en de rest van de bedrijven ten westen van de Tollensstraat hadden in 2002 moeten uitzien naar een andere locatie, waarna er woningen moeten worden gebouwd op het bedrijventerrein.

Roombeek telt 330 inwoners. Het is geen rijke buurt: met een gemiddeld netto inkomen van 27.850 gulden behoort het bij de 20 procent armste buurten van Nederland. Toch is Roombeek bepaald niet de armste buurt van Enschede: in buurten als Mekkelholt en en Pathmos is het gemiddelde inkomen veel lager. Veertig procent van de inwoners van de wijk woont in een koopwoning, bepaald veel voor een echte achterstandswijk.

De bevolking van Roombeek is een mengeling van autochtone arbeiders en de Turkse en Marokkaanse werknemers die hier vanaf de jaren zestig in de textiel kwamen werken. De autochtone bevolking is van oorsprong katholiek, maar niet echt kerkelijk, zegt pastor B. Tiedink van de Mariaparochie. ,,De kerk heeft deze mensen in het verleden niet echt gewaardeerd. De arbeiders waren het spul voor de achterbankjes.''

De situatie van de ongeveer 10 procent allochtone bewoners is na het grote failliet van de Twentse textielindustrie in de jaren zeventig lange tijd weinig florissant geweest, vertelt I. Faydali, secretaris van de Turkse moskee in Deppenbroek, ten noorden van de wijk. ,,Nog niet zo lang geleden was de situatie echt schrijnend. Nu zijn er gelukkig de banenpool en de Melkertbanen gekomen.'' Ook de nieuwbouw van de laatste jaren heeft volgens Faydali voor een wat evenwichtiger sociaal/economische bevolkingsopbouw gezorgd.

Vrijwel niemand wist dat er in de buurt zo'n groot vuurwerkcomplex was, vertelt Faydali. ,,Voor de meeste mensen kwam de klap als een volslagen verrassing. Voor mij ook. Ik fietste regelmatig langs de Tollensstraat. Ik had geen idee.''