Worst

Het was in Nijmegen. Ik stond voor het stoplicht in de Van Schevichavenstraat, hoek Oranjesingel. Gerrit Kolthof zat naast me. Vrijdagmiddag, tegen zessen. We moesten naar Twente om de marxistisch-leninistische boodschap te verbreiden, Gerrit in Hengelo, ik in Enschede. Het was 1971.

Gerrit kwam van origine uit Vroomshoop of daaromtrent. Hij had dat accent, hij had dat gevoel voor humor. Hij had iets te eten meegenomen. Hij liet me, terwijl we daar op het groene licht stonden te wachten, een stuk worst zien en en zei: `Ik ga deze worst veranderen door hem op te eten.'

Deze buitensporige geestigheid was te herleiden tot een citaat van voorzitter Mao, handig verzameld in een rood boekje: `Wie kennis wenst, moet meedoen aan de praktijk van het veranderen van de realiteit. Als men wil weten hoe een peer smaakt, moet men de peer veranderen door hem op te eten...'

Deze woorden van Mao op hun beurt (en vergis je niet, dit ging niet over tafelmanieren, dit ging over de manier om revolutie te maken) waren te herleiden tot een standpunt van Marx, namelijk dat filosofen zich zo onderhand genoeg hadden ingespannen om de wereld te begrijpen, dat ze nu maar eens moesten proberen haar te veranderen.

Zo produceert elk idee zijn eigen jargon, elk jargon zijn eigen humor.

Goed, ik besloot dit maar eens op te schrijven en toen moest ik opeens aan een vaste wending in mijn latere werk denken. Altijd als een dier een ander dier begint op te eten – dat hij dat doet om dat dier te veranderen in een dier als hijzelf.

Een keer, over een roofvogel die even tevoren een spreeuw had geslagen: `Ongetwijfeld had de sperwer daar ergens een beschut plekje gevonden en was hij al driftig bezig van twee vogels één te maken. Want dat is alles wat sperwers voor ogen staat: de wereld veranderen door haar op te eten.'

Zou me niks verbazen als deze hele gedachtegang te herleiden was tot die aankondiging van Gerrit Kolthof met betrekking tot een stuk worst, toen voor dat stoplicht, Nijmegen, 1971.