Koppeling kan aftrek kosten

De hypotheekrente is voor veel mensen de belangrijkste aftrekpost. Dat blijft zo na de belastingherziening die op

1 januari 2001 ingaat. Toch loopt voor tienduizenden huizenbezitters hun lievelingsaftrekpost gevaar als ze in de verleiding komen een verzekerings- polis aan hun huis te koppelen.

In het huidige systeem is het onvoordelig een hypotheek af te lossen. Men vermindert namelijk een aantrekkelijke aftrekpost. Daarom is de aflossingsvrije hypotheek ongekend populair. Doorgaans is daar een zogenoemde gemengde verzekering aan gekoppeld. De uitkering op deze verzekering is voor de bank de garantie dat zij altijd het hypotheekbedrag terugkrijgt. Daardoor is ze bereid van aflossingen af te zien. De polis keert uit bij overlijden of bij de afloop van de normale looptijd van bijvoorbeeld 30 jaar. Een tussentijdse aflossing kan ook, maar dan is het bedrag van de uitkering lager.

De belastingherziening die op 1 januari 2001 ingaat, maakt een eind aan deze eenvoud. Verzekeringspolissen zoals deze, worden voortaan belast door de zogenoemde vermogensrendementsheffing. Die jaarlijkse heffing van 1,2 procent over de vermogenswaarde blijft evenwel achterwege als aan enkele voorwaarden is voldaan. De polis moet zijn gekoppeld aan het door de eigenaar zelf bewoonde huis (hoofdverblijf). Daarnaast moet de betrokkene zich hebben verplicht de uitkering te zijner tijd alleen te gebruiken voor de aflossing van de hypotheek.

Het gaat hier om verplichtingen die men ten behoeve van de fiscus in de polis opneemt. De eerdere afspraak met de bank is voor de belastinginspecteur onvoldoende, terwijl de extra binding ten behoeve van de fiscus voor de bank niet nodig is. Als aan de fiscale voorwaarden is voldaan, heeft men voor wat de polis betreft geen last van de vermogensrendementsheffing en behoudt men toch de aftrek van hypotheekrente. Dit aantrekkelijk ogende pakket kan veel huizenbezitters er toe verleiden om de koppeling tussen de verzekering en het eigen huis inderdaad fiscaal tot stand te brengen. Maar het pakket heeft een fikse prijs terwijl men het nagestreefde effect vaak ook op een andere manier kan bereiken.

Het verraderlijke van de prijs is dat men die aanvankelijk niet ziet. Wie voor de koppeling heeft gekozen, ziet eerst alleen de voordelen: geen vermogensrendementsheffing over de waarde van de verzekering en daarnaast de volle aftrek van hypotheekrente. Men merkt pas wat bij een verhuizing. Nu is het nog gebruikelijk dat men dan zowel de hypotheek als de verzekering doorschuift naar het nieuwe huis. Dat kan straks niet meer. De verzekering én de hypotheek worden eerst vervroegd afgelost en vervolgens opnieuw afgesloten. Daarbij is men door de koppeling verplicht de verzekeringsuitkering te gebruiken voor de aankoop van de nieuwe woning. Dat verlaagt de hypotheek op die woning en daarmee gaat de aftrekpost aan hypotheekrente natuurlijk ook omlaag. De koppeling van de verzekering aan het huis die enkele jaren voordeel heeft gegeven, leidt nu tot een veel lagere aftrekpost aan hypotheekrente.

Tegenover dit nadeel levert de koppeling een vrijstelling in de vermogensrendementsheffing op. Een dergelijke vrijstelling geldt evenwel hoe dan ook voor veel van dergelijke verzekeringspolissen. Als die vóór 14 september 1999 zijn afgesloten, blijven ze onder de nieuwe wet namelijk hoe dan ook buiten bereik van de vermogensrendementsheffing.

Die vrijstelling geldt zowel tijdens de looptijd, als bij de afloop van de polis (expiratie). De wetgever heeft die vrijstelling aan een grens gekoppeld. De waarde van de polis moet minder zijn dan 272.000 gulden. Voor gehuwden geldt het dubbele bedrag, mits de polis op beider naam staat. De koppeling van verzekering en hypotheek biedt doorgaans pas voordeel bij polissen op aflossingsvrije hypotheken die de afgelopen acht maanden zijn afgesloten én als de polisbedragen ver boven de normale vrijstellingen uitgaan (maar zelfs dan niet altijd).

Wie nu zijn eerste huis koopt, komt niet in aanmerking voor de vrijstelling van de hier besproken `oude' gemengde verzekeringen. Dat is een nadeel voor de jongere generatie. Deze hypotheek op de jongeren heeft de wetgever evenwel vrijwel onzichtbaar gemaakt doordat de kopers van nu de nadelen pas merken als ze hun nieuw aangeschafte huis weer verkopen. Dan offeren ze immers een fors deel van hun aftrek voor hypotheekrente op. Het kabinet verzekert keer op keer dat de aftrek van hypotheekrente blijft bestaan, Die toezegging maakt ze aan de ene kant waar, terwijl de sluipende beperking van de aftrek van hypotheekrente ondertussen een feit is.

Voor nieuwe kopers is het verleidelijk in te gaan op het aanbod van de fiscus om bij een aflossingsvrije hypotheek de verzekering aan het huis te koppelen. Maar ook zij kunnen zich afvragen of het behoud van de aftrek voor hypotheekrente op lange termijn hen niet meer waard is dan de vrijstelling voor de vermogensrendementsheffing. De verzekeringspolis heeft in het begin toch nog niet zo'n hoge waarde. Bovendien kent de vermogensrendementsheffing een vrijstelling van 75.000 gulden voor gehuwden.

Deze kopers kunnen overwegen de nu gangbare aflossingsvrije hypotheek te nemen zonder de fiscale koppeling van verzekering en hypotheek. Met wat eigen geld en dus een lagere hypotheek kunnen ze ook een eind komen met een aflossingsvrije hypotheek met als dekking van het overlijdensrisico een relatief goedkope risicoverzekering. Met de rekenmachine in de hand en een visie op de toekomst kunnen ze de hogere vermogensrendementsheffing afwegen tegen het behoud van de aftrek van hypotheekrente over het grootste deel van hun leven.

Bijna alle huidige hypotheekhouders blijft deze keuze bespaard; de grote meerderheid van hen hoeft er alleen maar voor te zorgen dat ze zich niet laten verleiden tot de fiscale koppeling tussen verzekering en hypotheek.

    • Aertjan Grotenhuis
    • Kees van Hooft