Prijs aidsremmer drastisch omlaag

Vijf farmaceutische producenten van de belangrijkste medicijnen tegen HIV en aids zijn bereid hun prijzen in ontwikkelingslanden drastisch te verlagen. Daarover is gisteren een akkoord bereikt met VN-organisaties..

De goedkopere medicijnen worden alleen verkocht binnen projecten waarin ook aids-preventie aan de orde komt, waarbinnen een betrouwbaar distributiesysteem bestaat, waaraan regeringen zich politiek hebben verbonden en waaraan ook nationale en internationale organisaties meebetalen.

Hoe laag de prijzen precies zullen zijn is nog niet bekend. Volgens de Amerikaanse krant The Wall Street Journal overwegen de farmaceutische concerns Glaxo Wellcome, Merck, Boehringer Ingelheim, Bristol-Myers en Roche om de aidsmedicijnen 85 tot 90 procent onder de Amerikaanse prijs aan te bieden. Ten opzichte van de prijs in de Nederlandse apotheek kan de korting nog veel hoger uitpakken, want een capsule van het oude aidsmedicijn AZT (merknaam Retrovir) kost in de VS $1,67, maar in Nederland bijna tweemaal zoveel, volgens een vorig jaar door hulporgansiatie Artsen zonder Grenzen gemaakte prijsvergelijking.

De farmaceutische industrieën staan al enige jaren onder druk om hun prijzen voor aidsmedicijnen in de ontwikkelingslanden te verlagen. Sinds vorig jaar is vooral UN-aids, de van de Wereldgezondheidsorganisatie afgescheiden organisatie van aidsbestrijders onder leiding van de Belgische aids-onderzoeker Peter Piot, hard gaan lobbyen. In Afrikaanse en Aziatische landen leeft 90 procent van alle aidspatiënten die er op de wereld zijn, terwijl er ongeveer 10 procent van de medicijnen terechtkomt.

Artsen Zonder Grenzen, eveneens een actief lobbyist tegen hoge prijzen voor noodzakelijke medicijnen, zegt in een reactie een echte langetermijnstrategie in de nu gesloten overeenkomst te missen. Die kan volgens woordvoerder Kevin Moody pas ontstaan als de grote industrieën ruimte laten voor lokale medicijnproductie of goedkope parallelimport van de medicijnen. Het effect van deze overeenkomst kan volgens AZG zijn dat de productie altijd in handen van de grote marktleiders blijft en dat lokale productie geen kans krijgt. De farmaceutische industrieën vreesden dat als ze hun prijzen in arme landen verlagen ook de prijzen in het Westen onder druk komen te staan. Uit de prijsvergelijking van het aidsmedicijn AZT die Artsen Zonder Grenzen maakte blijkt overigens dat producent en patenthouder Glaxo Wellcome zijn prijzen verregaand aan de lokale situatie aanpast. Thailand, India, Canada en Spanje hebben het patent op AZT voor aidsbehandeling nooit erkend. Glaxo verkoopt een 100 mg capsule AZT in Thailand voor 70 dollarcent, in Spanje voor $1,24, in Canada voor $1,38 en in Duitsland voor $2,80.

AZG-woordvoerder Moody: ,,Er is een aparte, maar samenhangende ontwikkeling. AZG heeft 15 West-Afrikaanse Franssprekende landen, en daar zitten enkele van de armste landen ter wereld, zoals Benin en Burkina Faso, die in Ivoorkust op het punt staan een vrijhandelsovereenkomst te sluiten, aangeraden om de voorgestelde tekst niet te tekenen.''

[Vervolg op pagina 5]

Dat is omdat zij zich daardoor afsluiten van mogelijke goedkope medicijnen voor levensbedreigende ziekten. Het Bengui99-verdrag dat de landen in het kader van de WTO-verdragen zouden tekenen legt volgens AZG striktere regels op over patenten dan het laatste verdrag van de Wereldhandelsorganisatie voorschrijft. Moody: ,,Lokale productie of parallelimport blijft onder de WTO-verdragen toegestaan als een land vindt dat er bijvoorbeeld gezondheidsbelangen mee zijn gemoeid. Maar de tekst van het Bengui 99 verdrag verbiedt dat en is dus strikter dan de WTO.'