Leesvoer voor de versnipperaar

Een paar maanden geleden beloofde Herman Brusselmans dat hij een writer's block had, maar nu heeft de overproducerende Vlaming toch weer een roman geschreven, Vergeef me de liefde, een dikke pil van 954 bladzijdes. Gelukkig kwam Brusselmans de lezer tegemoet door alvast 654 bladzijdes weg te gooien, zodat het boek in feite slechts 300 bladzijdes telt. De nummering gaat, in sprongen, gewoon door tot 954.

Ook zonder de ontbrekende pagina's is de roman prima te volgen want een noemenswaardig verhaal ontbreekt. Vergeef me de liefde gaat over een schrijver, Herman Brusselmans, die vrijwel niets meemaakt. Hij gaat naar een café om Lipton thee te drinken, hij laat zijn hond uit, maakt een ritje op de motor, of hij zit thuis te kniezen onder een deken. Hij heeft een vrouw en een bijvrouw, dat levert problemen op, en er sluipt een seriemoordenaar door de stad.

Een grappig onderdeel van de roman is de selectie foto's achterin, die passages uit het boek illustreren. Brusselmans verwijst in de tekst steeds expliciet naar deze foto's. Schrijft hij over een meisje met `enorme prammen', dan staat achterin een plaatje van `Enorme prammen'. Evenzo voor `Mensen op straat', `De sokken van Julien', en `het ik-personage met zijn hond tijdens een wandeling'.

Aangezien het een autobiografische roman is, hoop je ook iets te lezen over het smaadproces van enkele maanden geleden waarin de rechter Brusselmans' roman Uitgeverij Guggenheimer verbood. Helaas heeft Brusselmans daar niet veel over te melden. Het ik-personage wordt op straat steeds aangesproken over `het verboden boek', maar weigert daar verder zelf iets over te zeggen. Als hij mensen beledigt, verwijst hij steeds even naar het proces, maar dat is alles.

Als altijd schrijft Brusselmans een anti-roman waarin hij zoveel mogelijk romanwetten tracht te overtreden. Het weglaten van honderden pagina's en het verwijzen naar de foto's zijn daar voorbeelden van. Hij zet onbekommerd verhaallijnen en personages op die hij, als ze niet bevallen, weer laat vallen. Steeds becommentarieert hij zijn eigen verhaal. Hij kondigt aan wie hij wel en niet `sprekend' gaat `opvoeren' en of personages zich al dan niet ontwikkelen. Door zijn manipulaties te beschrijven, laat hij ook zien welk spel hij speelt met fictie en autobiografie.

Dat klinkt boeiender dan het is want Brusselmans heeft één wet teveel overtreden: de wet die verbiedt dat een roman overbodig en saai is. De eerste zin van de flaptekst is leuk: `Vergeef me de liefde is typisch zo'n roman waarvoor ik zelf deze reclametekst heb geschreven'. De foto's en de grap met de paginering zijn ook leuk, maar verder valt er bitter weinig te lachen en bevat het boek geen enkele ontroerende, interessante, tot nadenken stemmende passage. Vergeef me de liefde is typisch zo'n roman die je over kunt slaan, om geduldig te wachten op de volgende van Brusselmans. De resterende 300 bladzijdes had hij net zo goed ook in de papierversnipperaar kunnen gooien.

Herman Brusselmans: Vergeef me de liefde. Prometheus, 954 blz. ƒ31,95.

Nederlandse literatuur