Iedereen houdt van Zuster Betty

Renee Zellweger is een moderne Doris Day in de charmante zwarte komedie `Nurse Betty' van Neil Labute.

De eerste hit van Cannes heet Nurse Betty. Publiek over de hele wereld zal deze zwarte komedie van regisseur Neil LaBute in de armen sluiten, niet in de laatste plaats door de briljante hoofdrol van Renee Zellweger als een moderne Doris Day. Betty is een serveerster in Kansas, die nadat haar afschuwelijke echtgenoot voor haar ogen is vermoord, in een shocktoestand terechtkomt en de werkelijkheid niet meer van haar favoriete ziekenhuissoap kan onderscheiden. Betty praat, loopt en handelt als een dociele verpleegster en gaat naar Hollywood om de knappe dokter uit de televisieserie aan de haak te slaan.

LaBute, een praktizerend mormoon, stelde eerder het cynisme en materialisme van de huidige Amerikaanse samenleving aan de kaak in kleine, onafhankelijke films (In the Company of Men en Your Friends and Neighbors), die op het eerste gezicht weinig troost boden. In Nurse Betty wordt het procédé omgedraaid: de film speelt met de nostalgie van de kijker naar de overzichtelijke, voorspelbare wereld uit soaps. Deze conservatieve boodschap wordt in de film zo charmant en humoristisch uitgeserveerd, dat zelfs de grootste knorrepot er door overtuigd zal worden.

Waar de televisierealiteit in programma's van het type Big Brother de notie exploiteert dat de mens een wolf is voor zijn medemens, gaat de Deens-Engelse speelfilm The King Is Alive nog een stapje verder. Debuterend regisseur Kristian Levring, een van de vier opstellers van het Dogma95-manifest, biedt de acteurs - onder wie Jennifer Jason Leigh - alle ruimte. In de woestijn van Namibië stranden elf blanke buspassagiers. De benauwde microkosmos leidt, net als bij Big Brother, tot rivaliteit en seksuele spanningen, maar de troost komt van een opvoering van King Lear, waarvan een theaterregisseur toevallig de tekst uit het hoofd kent. Het is een intense Dogma-oefening, met een verre van vlekkeloos scenario: interessanter dan Mifune, maar een beetje kunstmatig.

Veel realistischer en visueel beter uitgebuit is het dorre grenslandschap van Iran en Irak in Blackboards, de tweede film van de slechts 20-jarige Samira Makhmalbaf. Tijdens de oorlog tussen de twee landen lopen onderwijzers met een schoolbord op hun rug tussen smokkelaars en vluchtelingen, met het oogmerk het analfabetisme te bestrijden. Blackboards zit vol fascinerende beelden en creatieve toepassingen van een schoolbord: brancard, kamerscherm, spalk en dekking tegen chemische wapens. De jongste regisseur die ooit de competitie van Cannes haalde bevestigt met deze film haar twee jaar geleden met De appel geponeerde reputatie van een enorm talent.