Hoe meer zielen op het dorp, hoe meer zeges

Drie christelijke vissersdorpen strijden vanaf morgen om de Nederlands titel bij de zaterdagamateurs. Op Urk, Katwijk en Spakenburg is voetbal een soort religie. Hoe meer zielen, hoe meer zeges.

Bidden, vissen en voetballen gaan moeilijk samen. Behalve op zaterdag, wanneer de kotters zijn aangemeerd en de preekstoel nog in de boenwas staat. Op zaterdag fietsen de dorpsbewoners van de christelijke kustplaatsen Urk, Katwijk en Spakenburg in colonne naar het plaatselijke voetbalveld, waar het weekloon van de vissers in rap tempo wordt weggespoeld met bier, heel veel bier. Voetbal is een andere passie.

Van oudsher zijn de gereformeerde gemeenten sterk vertegenwoordigd bij de zaterdagamateurs. Kampen heeft DOS, Maassluis heeft Excelsior, Werkendam heeft Kozakken Boys en zo verder. Nog aansprekender is de erelijst van Quick Boys uit Katwijk en IJsselmeervogels uit Spakenburg. In deze christelijke vissersdorpen wordt bijna elk jaar een beladen derby gespeeld. Quick Boys heeft concurrentie van VV Katwijk en IJsselmeervogels moet opboksen tegen VV Spakenburg. Op Urk is geen plaats voor een tweede voetbalclub. Zelfs de Orca's, de succesvolle basketballers op Urk, hebben het hoofd niet boven water gehouden.

Bij de drie afdelingskampioenen staat deze maand geen enkele visser in het veld. De Urker Henry Romkes werkt op zee, maar hij heeft daar zijn been gebroken. Urk staat bekend om zijn kweekvijver met voetbaltalenten. In het eerste elftal komt alleen de doelman van buiten de dorpsgrenzen. Net als in Brazilië hebben ze op Urk een chronisch tekort aan goede ballenvangers. De plaatselijke veldspelers zijn tevreden met een paar gratis voetbalschoenen. ,,Ik ben voor geen miljoen te koop'', zegt de Urker Jacob Wakker.

In Katwijk en Spakenburg wordt dezelfde vis gevangen en hetzelfde geloof gepredikt. Maar de voetbalsport is hier gemoderniseerd. De grootste talenten worden voor veel geld geïmporteerd of geëxporteerd. Met als gevolg dat lang niet alle spelers van Katwijk en Spakenburg op zondag naar de kerk gaan. Maar de clubcultuur is onveranderd protestants gebleven. Het publiek wil mouwopstropers, geen balgoochelaars. Het liefst zonder te vloeken op het veld. Onder het mom: christelijk voetbal bestaat niet, maar je kunt je wel christelijk gedragen.

P.J. Stam is één van de dertien predikanten in de gemeente Katwijk. Hij heeft vaak en veel voetballers getrouwd. Als publiek persoon durft hij ,,uit tactische overwegingen'' niet openlijk partij te kiezen voor VV Katwijk of Quick Boys. Hij beaamt dat de voetballers in de Bollenstreek (Noordwijk, FC Lisse en Rijnsburgse Boys spelen in de buurt) steeds minder clubliefde koesteren en veelvuldig van vereniging wisselen. ,,Er wordt heel wat heen en weer verkocht'', weet Stam. ,,Maar de mentaliteit van de clubs verandert niet. In Katwijk gaan ze recht door zee.''

De dominee, opgegroeid in Vlaardingen, roemt de werklust op Katwijk. Hij verwijst naar een theorie van de socioloog Max Weber. Deze Duitser heeft een verband gelegd tussen calvinisme en kapitalisme. `Hard werken voor je brood.' Volgens Stam is deze mentaliteit kenmerkend voor de gemiddelde Katwijker. ,,Hij gaat nooit naar de dokter. Daarom zijn bouwvakkers uit Katwijk zo geliefd bij aannemers in het hele land.''

Marktkoopman Jaan de Graaf was in de jaren zeventig de vedette van IJsselmeervogels, dat in die periode kon wedijveren met sommige eredivisieclubs. ,,Wij zijn het Ajax van de zaterdagamateurs'', meent De Graaf. Op latere leeftijd speelde hij nog drie jaar voor de profs van AZ. Maar niet op zondag, want dan ging hij naar de kerk. Hij weet uit ervaring waarom zijn geboortedorp zo'n voetbalbolwerk is. IJsselmeervogels (de Rooien) tegen VV Spakenburg (de Blauwen).

,,Twee clubs in één dorp houden elkaar scherp'', zegt De Graaf. ,,Die rivaliteit heb je nodig. Ik sta zeker niet te dansen als Spakenburg kampioen wordt. We zullen ook nooit fuseren. Vergelijk onze situatie met de situatie in Amersfoort. Daar wonen vijf keer zo veel mensen, maar daar wordt ook vijf keer zo slecht gevoetbald. De mensen in een grote stad zijn minder betrokken, minder prestatiegericht. Bij ons staan de sponsors in de rij.''

Jaap Bax was tussen 1969 en 1997 radioverslaggever bij de NCRV en de NOS. Hij was deskundige van het zaterdagvoetbal. Sinds zijn pensioen heeft hij geen wedstrijd meer bezocht. Hij is verrast door het succes in de drie vissersdorpen. ,,In mijn tijd was alleen de voorzitter van Urk in grote vorm. Een hele vrolijke man die wel een glaasje lustte. Maar hij kon de resultaten niet beïnvloeden. Urk komt van heel ver'', weet Bax.

D. Hak is socioloog aan de Rijksuniversiteit van Groningen en gespecialiseerd in godsdienst en antropologie. Hij is geboren in Lemmer en kwam als kind veelvuldig in aanraking met het nabijgelegen Urk. Tijdens de vechtpartijen met een pedofiel en een drugshandelaar raakte hij de afgelopen jaren bekend als Urk Watcher voor radio en televisie. Hij heeft een sociologische verklaring voor de voetbalsuccessen op het voormalige eiland in de Zuiderzee.

,,Op Urk is weinig vertier behalve het voetbal en de alcohol'', zegt Hak. ,,De jeugd heeft veel geld te besteden en kan beide zaken uitstekend combineren. Vissen is een andere zaak. Als je vist, kun je niet voetballen. Ben je goed met voetbal, dan moet je op Urk blijven. Ga je weg, dan word je de rest van je leven met de kont aangekeken'', meent Hak.

    • Jaap Bloembergen