`Verrassend' vertrek Trojan legt misser bloot

Nederlands hoogste ambtenaar in Brussel moet weg. Een `volslagen verrassing' voor diplomaten en politici. Hoe kan dat?

Het gebeurt op 28 maart tijdens een door Britse diplomaten in Brussel georganiseerde ontvangst. Onder het genot van een glas wordt gesproken over de missers van de voorzitter van de Europese Commissie, Romano Prodi, en over de kritische artikelen die de hele Europese pers aan hem wijdt. Eén van de aanwezigen, een direct onder Prodi ressorterende medewerker van de Commissie, zegt dat het wachten is op het ogenblik dat zijn hoogste baas zich zal ontdoen van zijn perswoordvoerder, Ricardo Levi, en van de secretaris-generaal van de Commissie, de Nederlander Carlo Trojan. Levi is een belemmering voor Prodi's betrekkingen met de pers. Trojan is als hoogste ambtenaar van de Commissie te veel een symbool van vroegere Europese Commissies en daarmee een blok aan het been bij Prodi's pogingen om een beeld van totale vernieuwing uit te dragen. Dat is de redenering.

Op 5 april zit de 58-jarige Carlo Trojan in hemdsmouwen in zijn Brusselse werkkamer, niet ver van de kamer van Prodi. Aan de wand hangen foto's van zijn boerderij in Zuid-Frankrijk, waar hij graag ontspanning zoekt. Als hij het zich kan veroorloven, reist hij per hogesnelheidstrein uit Brussel naar zijn boerderij. Hij heeft dan wel stapels werk bij zich. Want Trojan werkt vrijwel altijd. Trojan ziet al vele jaren zijn vrouw in Frankrijk of in hun woonplaats Den Haag slechts in de weekeinden dat hij vrij is. Dankzij de neiging van leden van Europese regeringen om in weekeinden te vergaderen komt het daar maar in beperkte mate van.

Trojan laat zich achter de gesloten deur van zijn werkkamer tegen een bezoeker ontvallen dat hij in zijn positie als secretaris-generaal niet meer functioneert zoals hij lang gedaan heeft. Voor de vorige voorzitter van de Europese Commissie, de Luxemburger Jacques Santer, was hij een topadviseur. Maar de vorig jaar aangetreden Prodi heeft eigen raadgevers naar Brussel meegebracht. Trojans invloed is afgenomen.

Bernard Bot, de 62-jarige permanente vertegenwoordiger (ambassadeur) van Nederland bij de Europese Unie, weet op dat ogenblik niets van wat er gezegd wordt over Trojan door medewerkers van de Commissie en door de betrokkene zelf. Vorig jaar hield hij de positie van Trojan nauwlettend in de gaten, omdat toen het risico bestond dat Prodi deze topambtenaar uit zijn functie zou zetten. Niet alleen omdat Bot grote waardering heeft voor Trojans kundigheid wilde hij diens ontslag voorkomen. De ambassadeur wilde verzekeren dat Nederland genoeg ambtelijke topfuncties bij de Commissies bleef bezetten. Als Trojans ontslag onvermijdelijk zou zijn, moest gezorgd worden dat een andere Nederlander op een hoge ambtelijke functie kwam.Maar dat waren zorgen van vorig jaar. Sinds Prodi in oktober '99 zei dat Trojan als gewaardeerde secretaris-generaal kon aanblijven, dacht Bot dat er geen vuiltje meer aan de lucht was. Noch van Trojan, noch van zijn eigen diplomatieke medewerkers, kreeg Bot te horen dat die zorgeloosheid niet terecht was.

Hoe Prodi de hele Nederlandse diplomatie in Brussel verraste

Toen ambassadeur Bot vorige week in de nacht van dinsdag op woensdag vanuit Den Haag te horen kreeg dat Prodi had besloten dat Trojan de hoogste ambtelijke functie bij de Commissie moest opgeven, was het dan ook alsof hij het in Keulen horde donderen.

Hij maakte er tegenover zijn medewerkers geen geheim van compleet verrast te zijn. Omdat hij het belangrijkste kanaal is van Brussel naar Den Haag, waren premier Kok, minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) en staatssecretaris Benschop (Europese Zaken) ook in het geheel niet op dit nieuws voorbereid.

Bot (62) is een diplomaat met een grote reputatie. Hij is het type aan wie men geen opheldering vraagt als hij vandaag het tegendeel beweert van wat hij gisteren zei, omdat aangenomen wordt dat hij iedere opmerking heeft overdacht. Hij is onder andere ambassadeur in Ankara geweest, permanent vertegenwoordiger bij de NAVO en secretaris-generaal bij het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Hij overlegt regelmatig in Den Haag met premier Kok, minister Van Aartsen en staatssecretaris Benschop over het Europese beleid van Nederland, en neemt daarbij nogal eens eigenzinnige standpunten in. Bot, die tot zijn pensioen in Brussel hoopt te blijven, wist niet dat Trojans positie op het spel stond. Buitenlandse Zaken in Den Haag is ervan overtuigd dat dit de waarheid is.

Vorig voorjaar circuleerde in Brussel een lijstje met namen van ambtenaren die de Europese Commissie zouden moeten verlaten. Daarop prijkte Trojan bovenaan. Gespannen wachtte Bot in september op het rapport van drie `wijzen' over het functioneren van het ambtenarenapparaat van de Commissie. Tot zijn opluchting werden daarin geen namen genoemd. Toen vervolgens Prodi zijn vertrouwen in Trojan uitsprak, waren de zorgen definitief voorbij.

Althans, zo leek het. Want Prodi ging er daarna anders over denken en voor de secretaris-generaal werd toch een andere baan gezocht. De Bruisselse diplomatie staat er paf van dat Trojan daarover noch Bot, noch de Nederlandse regering ingelichtte.

Carlo Trojan is als Europees ambtenaar doordrenkt van loyaliteit aan de Commissie. Hij is de laatste die ervoor voelt om vuile was buiten te hangen. Dat is één van de redenen waarom hij vorig jaar weinig begreep van Paul van Buitenen, de Nederlandse ambtenaar die vorig jaar bestuurlijke misstanden bij de Commissie naar buiten bracht. Toen hem duidelijk was dat Prodi hem weg wilde hebben als secretaris-generaal, vroeg hij zelf om overplaatsing. Kon hij wellicht de vacante post van directeur-generaal voor buitenlandse handel onder de Franse Eurocommissaris Pascal Lamy krijgen? Dat leek Prodi een uitstekende oplossing.

Maar toen Prodi dit in de vergadering van de voltallige Commissie voorstelde, kreeg hij tegenstand. Dat is uitzonderlijk, want het eerste half jaar waagde geen Eurocommissaris het kritiek te uiten op hun voorzitter. Pas toen Prodi onlangs een bijzondere bijeenkomst belegde over zijn slechte reputatie in de pers, zeiden enkele Commissieleden dat hij daarover niet moest klagen en beter zijn perswoordvoerder kon vervangen. Tot de critici behoorde de Lamy, een hardwerkende asceet die 's morgens zijn ontbijt van kwark met graanproducten als een machine tot zich neemt om daarna resoluut naar een afspraak te stevenen.

Volgens bronnen bij de Commissie was het diezelfde Lamy die zei dat Trojan geen directeur-generaal kon worden. Hij zou persoonlijke bezwaren tegen de Nederlander hebben.

Daardoor zat Prodi plotseling met een levensgroot probleem. Hij had premier Kok vorige week dinsdagnacht pas op het laatste ogenblik geïnformeerd. Als Trojan geen directeur-generaal zou worden, zou de Nederlandse regering woedend reageren. Ambtenaren van Prodi's Commissie worden weliswaar op grond van hun kwaliteiten benoemd, maar binnen de Commissiebureaucratie moeten de EU-lidstaten wel evenwichtig vertegenwoordigd zijn. Dat is het omgekeerde van de oude regel dat de EU-lidstaten evenwichtig vertegenwoordigd moeten zijn, maar dat de ambtenaren wel kwaliteiten moeten hebben. Prodi zag geen kans de weerstand van Lamy te breken, die – gesteund door de voor personeel verantwoordelijke Eurocommissaris Neil Kinnock – betoogde dat er al een Deen voor de functie van directeur-generaal voor buitenlandse handel was geselecteerd. (De Deense Eurocommissaris van Ontwikkelingssamenwerking, Poul Nielson, hoorde toen overigens voor het eerst dat een landgenoot deze functie kreeg.)

Trojan werd naar een lager niveau `afgevoerd': vertegenwoordiger van de Europese Commissie bij de Wereldhandelsorganisatie in Genève. Nederlandse diplomaten deelden na Prodi's persconferentie in de perszaal van de Commissie Nederlandse protestverklaringen uit.

Afgelopen zaterdag in Furnas, een dorpje op de Azoren, troffen de EU-ministers van Buitenlandse Zaken elkaar voor informeel overleg, wat niet veel meer betekent dan dat zij geen stropdas dragen. Daar geeft minister Van Aartsen nog eens uiting aan zijn verrassing en verontwaardiging over Prodi's aanpak van Trojan. Hij daagt de voorzitter van de Europese Commissie, die officiëel geen enkele verantwoording aan EU-regeringen behoeft af te leggen, uit om in Den Haag opheldering over zijn gedrag te komen geven. Hij vertelt bovendien dat Trojan dankzij de inspanningen van de Nederlandse regering de baan in Genève heeft gekregen.

Even verder loopt Trojan rond. Tot algehele verbazing is hij nog naar Furnas gekomen, hoewel hij met ingang van 1 juni zijn functie neerlegt en daarmee al is uitgespeeld. Hij is met minister Van Aartsen vanuit Nederland meegevlogen en heeft tijdens de reis toelichting op de gebeurtenissen gegeven. Hij zegt een poosje op vakantie te gaan en daarna snel weer met werk te beginnen, omdat hij zonder werk niet kan leven.

Dan wordt hij omringd door Nederlandse journalisten. Hij vertelt dat hij zelf ontslag heeft genomen als secretaris-generaal en dat hij hoopt van zijn vrije tijd met zijn gezin te kunnen gaan genieten. Van Aartsen weigert later de vraag te beantwoorden hoe het kan dat Trojan zegt dat hijzelf een andere functie vroeg en dat de Nederlandse regering over het verlies van zijn functie was verrast. Na de bijeenkomst op de Azoren stuurt Trojan Van Aartsen nog een brief. Daarin hij meedeelt dat hij niet zelf het tijdstip van zijn vertrek heeft bepaald en neemt hij afstand van zijn opmerking dat de nieuwe baan hem om privéredenen goed uitkomt.

Staatssecretaris Benschop (Europese Zaken) bewaart tijdens de hele affaire een stilzwijgen. Hij beroemt zich graag op de goede resultaten van zijn netwerken, maar in het geval-Trojan hebben zijn informatiebronnen hem ook niet zo tijdig op de hoogte gesteld, dat hij een ,,volslagen verrassing'' voor de Nederlandse regering heeft kunnen voorkomen.

En de Nederlandse Eurocommissaris Frits Bolkestein, als VVD'er partijgenoot van Trojan, heeft niets méér willen zeggen dan dat Trojan zelf om overplaatsing heeft verzocht. Totdat hij vorige week dinsdag, na zijn terugkeer van een reis naar de Verenigde Staten, van Prodi het nieuws van Trojans overplaatsing hoorde, had hij niets gesignaleerd dat hem bijzonder ongerust maakte over de positie van de Nederlandse topambtenaar. Voor hem was Prodi's maatregel net zo'n ,,verrassing'' als voor de Nederlandse diplomatie.

    • Ben van der Velden