Kamer stemt in met wet stadsvervoer

De Tweede Kamer heeft vanmiddag in meerderheid voor een nieuwe wet op het stads- en streekvervoer gestemd, die beoogt een beperkte vorm van marktwerking in te voeren. Vooral de VVD toonde zich echter weinig geestdriftig meer over de wet, omdat die volgens haar te zeer was ontdaan van marktelementen. Ook de oppositie stemde niet voor.

De steun van de VVD voor de wet was tot op het laatst onzeker gebleven, omdat deze partij ongelukkig was met een amendement van PvdA en D66, dat vorige maand was aangenomen. Dat bepaalde dat lagere overheden zouden mogen afzien van openbare aanbesteding, indien een van de vervoersmaatschappijen al een te dominante positie in die regio genoot. Dit amendement was van belang voor het vervoersbedrijf Connexxion dat op veel plaatsen in een dergelijke positie verkeert.

Ook minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) was weinig enthousiast over dit amendement. Zij hield liever vast aan een verplichting tot aanbesteding. De minister betoogde bovendien dat een amendement hierover, dat door de Kamer was aangenomen, juridisch niet deugde omdat niet duidelijk zou zijn wie bevoegd zouden zijn tot het verlenen van een ontheffing tot een verplichting tot aanbesteding.

Daarop stuurde Netelenbos een voorstel tot een aanpassing van de wet, waarbij niet het oordeel van de lagere overheden of de minister de doorslag zou geven maar dat van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMA). Zij stelde voor de nieuwe wet alsnog in die zin aan te passen. Dit schoot vooral de SGP in het verkeerde keelgat. Die betoogde bij monde van het Kamerlid Van den Berg dat het volgens de Kamerregels voor Netelenbos niet mogelijk is om na stemming over de amendementen nog wetsteksten te veranderen, tenzij de wet anders juridisch niet zou kloppen. Ook de VVD bracht bezwaren van deze aard in.