Gerommel op het Chinese platteland

Namaakproducten uit China veroveren de Chinese en buitenlandse markt. Het probleem is inmiddels zo groot dat sommige buitenlandse bedrijven overwegen nieuwe investeringen in China te staken.

Wat is het verschil tussen een pot echte Skippy pindakaas en het Chinese namaakproduct? Het antwoord dient zich vanzelf aan; wacht tot U diarree krijgt, want aan de verpakking is het niet te zien. Sinds Bestfoods, de Amerikaanse producent van de gemalen pindapasta, haar producten in China maakt, heeft het bedrijf het aantal schadevergoedingen voor `persoonlijk letsel' zien verdubbelen. Niet omdat de producten van Bestfoods van slechte kwaliteit zijn, maar omdat de boerenproducenten die de Bestfoods etenswaren namaken het niet zo nauw nemen met de hygiëne.

,,Het is niet te geloven wat een smeerboel we hebben aangetroffen'', zegt president Joseph Johnson van Bestfoods China. De illegale producenten werken vanuit vieze kelders of stoffige stallen. Ze malen hun pinda's met de hand, ,,en alles wat naast de pers op een houten tafel belandt, verdwijnt hop, zo in de pot.''

Er wordt wat afgerommeld op het Chinese achterland. Iedere provincie kent zo zijn districten waar op grote schaal goederen worden nagemaakt. En overal is wel een dorp waar in het geniep of soms zelfs openlijk producten worden vervalst. Wie bijvoorbeeld goedkope tl-buizen of auto-onderdelen wenst, moet in Yiwu, in de provincie Zhejiang zijn. Voor Marlboro-sigaretten kan hij in Puning, in de provincie Guangdong, terecht. Voor kookolie in Binnen-Mongolië, voor elektriciteitskabel en wijn in Hebei.

Je kunt het zo gek niet bedenken of er is wel een plek in China waar het nagemaakt wordt. Het zijn goedkope producten die uiterlijk soms niet van echt te onderscheiden zijn, maar vaker derderangs van kwaliteit zijn. Wee dan ook de goedgelovige gebruiker die dacht waar voor zijn geld te hebben gekregen; de tl-buizen zullen voortijdig springen, de auto-onderdelen lekken, de sigaretten smaken onbestemd, de olie bederft snel, het snoer raakt oververhit en de wijn smaakt zuur.

In China maakt de markt van namaak een ongekende ontwikkeling door. In geen land wordt zoveel nep voor echt verkocht als in China en in geen land laten zoveel consumenten zich bijna met graagte een loer draaien – de doorslag voor een aankoop geeft de prijs, niet de kwaliteit. De Chinese autoriteiten nemen het probleem serieus, maar buitenlandse bedrijven zijn niet overtuigd. ,,Soms draait de hele lokale economie op de productie van vervalste producten. En de plaatselijke instanties doen niets'', zegt Joseph Johnson. Yiwu, even onder Shanghai in de kustprovincie Zhejiang, en Chaoyang in Guangdong, aan de grens met Hongkong, spannen de kroon. De namaakindustrie is daar zo structureel aan de bloei van de lokale economie gebonden dat geen autoriteit het in zijn hoofd haalt tegen de illegale fabrieken op te treden. ,,Op die plaatsen wil men niet eens optreden. De provincie belooft beterschap, maar doet niets.''

In Yiwu en Chaoyang steken ambtenaren niet alleen hun kop in het zand, ze werken zelfs samen met boerenproducenten. ,,Vorig jaar hebben we tijdens een inval in een boerenfabriek in het Chaoyang-district de naam en het telefoonnummer gevonden van de lokale aanklager'', zegt Cao Cong, hoofd van het Antivervalsingenteam van Unilever in China. ,,Het stond in witte karakters op een schoolbord geschreven.'' Volgens Cao is dat niet eens opmerkelijk. ,,Ik ben er zeker van dat op veel plaatsen waar we invallen doen, het lokale bestuur betrokken is bij de productie van de valse goederen.'' Voor Cao en zijn tien onderzoekers is dat heel frustrerend. Van de dertig invallen die hij vorig jaar in Chaoyang heeft gedaan, was maar de helft een succes. De reden: waneer Cao de deur van een illegale fabriek liet openbreken, bleek al het bewijs verdwenen. ,,Onze informanten hadden misschien de dag ervoor die fabrieken nog productief gezien.'' Voor Cao het bewijs dat de lokale autoriteiten de fabrieken vooraf hebben gewaarschuwd. ,,Een inval gaat in overleg met de plaatselijke Bureaus voor technisch toezicht. Zij kennen de details.''

Dertig buitenlandse bedrijven hebben er de buik vol van. Zij hebben vorige maand de handen ineengeslagen en het Comité voor de bescherming van kwaliteitsmerken opgericht. ,,De aanpak van vervalsers stijgt boven onze concurrentiebelangen uit, we werken nu samen'', zegt Bestfoods manager Joseph Johnson. Hij is de voorzitter van het comité van bedrijven die gezamenlijk voor vijftien miljard gulden in China hebben geïnvesteerd. Op de lijst van leden staan klinkende namen als Adidas, Bosch, Coca-Cola, DaimlerChrysler, Gillette, Mars, Nike, Philips, Procter & Gamble, Unilever en Yamaha. ,,Niet veel van deze bedrijven maken echte winst in China'', zegt Johnson. ,,Namaakproducten zijn daar een reden van.''

Het comité heeft de zegen van de Chinese regering, want volgens de voorzitter van de Chinese associatie van ondernemingen met buitenlandse investeringen (CAEFI), heeft de namaakindustrie ,,verreikende effecten en is het een groot verlies voor zowel Chinese als buitenlandse bedrijven.'' Tijdens een persbijeenkomst begin vorige maand, besloten de bedrijven die zich bij het comité hebben aangesloten geen geheim meer te maken van de problemen die ze hebben en de verliezen die ze maken. ,,Het is voor geen enkele bedrijf prettig wanneer je klanten weten dat je producten worden nagemaakt'', zegt Philip Yang, directeur van Gillette in China. Yang vermoedt dat jaarlijks drie miljoen batterijen worden nagemaakt in China. Zijn bedrijf, dat eveneens batterijen produceert, lijdt daar sterk onder.

De Amerikaanse schoenenfabrikant Nike schat het aantal paar nep-Nikes dat jaarlijks door illegale fabrieken naar het buitenland wordt geexporteerd op 150.000. Patrick Wang, de Chinese vertegenwoordiger van het sportschoenenmerk zegt dat voor ieder Nike product dat in China wordt gemaakt, ook een nagemaakt product op de markt is. Wasmiddelenproducent Proctor & Gamble vermoedt door toedoen van hetzelfde probleem jaarlijks tussen de vijftien en veertig procent aan omzet te verliezen, zo'n 350 miljoen gulden. En Bestfoods schat het omzetverlies op 15 procent. De Chinese regering maakt zich daarom terecht zorgen dat buitenlandse bedrijven die in China opereren uiteindelijk het geduld zullen verliezen en vertrekken.

Het Comité voor de bescherming van kwaliteitsmerken wil samenwerken met de Chinese autoriteiten om de achterdocht en afstand tussen de Chinese autoriteiten en de buitenlandse bedrijven weg te werken. De Chinese instellingen die zijn belast met de aanpak van illegale fabrieken hadden aanvankelijk grote moeite met de aanwijzingen en adviezen van getroffen buitenlandse bedrijven. Maar het vervalsen van bestaande en geregistreerde merken blijkt strafrechtelijk moeilijk vervolgbaar in China. Meer dan een relatief kleine boete van de tussen de 2.500 en 25.000 gulden kan vervalsers meestal niet worden opgelegd.