`Architectuur is voor iedereen'

Goede opdrachtgevers in de architectuur worden bekroond door de overheid. Rijksbouwmeester Patijn over de noodzaak om architecten te sturen. ,,In concepten kun je niet wonen.''

,,Zonder goede opdrachtgever geen goede architectuur'', zegt Wytze Patijn in zijn kantoor in het ministerie van VROM in Den Haag. ,,Een architect heeft iemand nodig die iets wil, die kritisch is en vragen stelt. Zonder goede opdrachtgever begint een architect weinig.''

Patijn, Rijksbouwmeester sinds 1995, introduceerde twee jaar geleden de Pyramides, de tweejaarlijkse prijzen voor opdrachtgevers voor woningen, ruimtelijke ordening, landschapsarchitectuur, infrastructuur, utiliteitsbouw en monumentenzorg. Patijn: ,,De prijzen zijn Pyramides genoemd, omdat die gebouwen verbonden zijn met de opdrachtgever, niet met de ontwerpers. De kandidaten voor de prijzen zijn instellingen die regelmatig gebouwen neerzetten.''

Zonder goede opdrachtgever dus geen goede architectuur. Toch klagen architecten vaak over hun opdrachtgevers, die allerlei moois niet willen.

,,Ik maak me zorgen over architecten die een opdrachtgever zien als een noodzakelijk kwaad om hun `concept' te verwezenlijken. Veel architecten hullen zich tegenwoordig in het gewaad van het `concept' zonder zich al te druk te maken over de functionaliteit, de techniek en het gebruik van hun gebouwen. Maar zoals de Amsterdamse wethouder Jan Schaefer zei; `In geouwhoer kun je niet wonen', zo zeg ik: `In concepten kun je niet wonen'. Architectuur is verwant met de beeldende kunst, maar het is tegelijkertijd ook anders. Architectuur is een maatschappelijk verschijnsel, en meer dan een concept of esthetiek: er wordt in gewoond, gewerkt en geleefd. Een architect moet beseffen dat hij een opdrachtgever nodig heeft om antwoord te geven op de vraag die hem wordt gesteld.''

Hoe is het Rijk zelf als opdrachtgever? Een jaar of tien geleden was er veel kritiek, omdat het rijk had besloten niet meer zelf als opdrachtgever op te treden maar zijn gebouwen door projectontwikkelaars te laten bouwen en deze vervolgens te huren.

,,De periode dat het Rijk op grote schaal zijn gebouwen leaste is sinds de komst van het paarse kabinet voorbij. Minister Zalm kwam tot de conclusie tot het te duur was. Het Rijk bouwt weer zijn eigen gebouwen. Bovendien is het Rijk ook op het gebied van de infrastructuur en het landschap een grote opdrachtgever. Door de aanleg van spoorlijnen als de Hoge Snelheids Lijn, van dijken, natuurgebieden, woonwijken enzovoorts gaat Nederland de komende tijd drastisch veranderen. `Ontwerpen aan Nederland' wordt ook een hoofdthema van de nieuwe architectuurnota, een gezamelijk product van de ministeries van VROM, OCenW, Verkeer en Waterstaat en Landbouw, Natuurbeheer en Visserij dat in september verschijnt.''

Hoe krijgt het thema `Ontwerpen aan Nederland' gestalte in de nieuwe architectuurnota? En wat worden de andere thema's?

,,In de nieuwe architectuurnota worden heel concreet een aantal Grote Projecten aangewezen. Te denken valt aan de HSL-lijn, de Tweede Maasvlakte, maar ook aan de restauratie van het Rijksmuseum en een verschijnsel als de cataloguswoning. Deze grote projecten worden onder de hoede gebracht van een van de vier ministeries die bij het opstellen van de architectuurnota zijn betrokken. Dat wordt geen vrijblijvende zaak. Na verloop van tijd kan de Kamer aan de verantwoordelijke minister vragen: wat is er terechtgekomen van dit of dat Grote Project?

,,De eerste twee architectuurnota's hebben gezorgd voor een stevige infrastructuur in de vorm van het Nederlands Architectuurinstituut, het Stimuleringsfonds voor Architectuur, het Berlage Instituut en een stuk of dertig locale architectuurcentra. Het is nu tijd om daar gebruik van te maken bij het tweede hoofdthema van de komende architectuurnota: `Architectuur is een zaak van iedereen.'

,,Als architectuur al te autonoom wordt, worden er kansen gemist. De nieuwe nota wordt geen pleidooi voor populistische architectuur, maar een confrontatie van architecten met het publiek, denkers en gebruikers is essentieel voor het vak. Er moeten, mede door de bestaande architectuurinstellingen, studies en debatten worden georganiseerd over de architectonische en stedenbouwkundige kanten van onderwerpen als mobiliteit en de multiculturele samenleving. Architecten lopen zelden voorop als het om maatschappelijke ontwikkelingen gaat. Neem zoiets als de cataloguswoning. Daar hielden architecten zich tot voor kort niet of nauwelijks mee bezig, hoewel de opkomst van Ikea en andere zelfbouwmeubelzaken erop wijzen dat het om een belangrijk maatschappelijk verschijnsel gaat. Zoiets als Ikea moet er in de woningbouw ook komen. We moeten de bakens verzetten.''

    • Bernard Hulsman