Van den Doel raakt tegen Fritz in de war

Er zijn schakers die alleen al bij de gedachte dat ze tegen een computer moeten aantreden de kluts kwijt raken. Erik van den Doel had gisteren in het NK wit tegen Fritz SSS*. Hij had zich grondig voorbereid en oefenpartijen tegen de computer gespeeld, maar die hadden hem kennelijk dolgedraaid. Gisteren deed hij op de derde zet iets raars. Dat ging nog wel, maar op de zevende zet maakte hij een grove fout. Na negen zetten was zijn positie hopeloos en zes zetten later gaf hij op.

Het was wonderlijk hoe hij er achteraf over praatte. Hij had niet zijn vaste openingszet 1. e4 willen doen, want dan verwachtte hij dat de computer Russisch zou spelen en daar zag hij niets in. Inderdaad geldt het Russisch als een solide, op remise gerichte verdediging waar moeilijk doorheen te komen is, maar zo bedoelde Van den Doel het niet, hij dacht dat hij zou verliezen als het Russisch op het bord kwam.

En met 1. d4 was het van het zelfde laken een pak, want dan zou de computer de Tarrasch-verdediging spelen en dan was het ook mis.

Het klonk alsof Van den Doel zich had voorbereid op een partij tegen God zelf, waarin alle normale schaakbeginselen niet meer golden en waar de mens met wit niet een prettig voordeeltje had, maar op de eerste zet al bijna geforceerd verloren was.

Zo kwam de computer op de gedeelde eerste plaats. Loek van Wely en Paul van der Sterren, die na twee ronden de leiding hadden, moesten gisteren tegen elkaar. Van Wely was zeker van plan om met wit Van der Sterren een moeilijk examen af te nemen, maar dat kwam er niet van. Hij kreeg niets uit de opening en zag zich een paar zetten later gedwongen om remise door eeuwig schaak te maken. Van der Sterren speelt ontspannen en sterk in dit toernooi. Hij heeft een nul in het verschiet tegen de computer, maar dat spaart hem veel zorgen.

Bij het kopgroepje voegde zich ook Dimitri Reinderman, die een breed aanvalsfront dat Manuel Bosboom in de opening had opgebouwd met een scherpe tegenactie knakte. `Een reus op lemen voeten' noemde Euwe vroeger de opstelling van Bosboom. In dit geval een reus op lemen voeten die wild zwaaide met een knots, want behalve het brede pionnenfront c4 t/m f4 had Bosboom ook nog zijn loper op g5 agressief buiten de keten geplaatst. Het bleek teveel gevraagd.

Op een half punt achter de leiders volgen Sergei Tiviakov en Jeroen Piket. Tiviakov heeft met zwart zijn geliefd versneld fianchetto zo goed in de vingers dat hij eindspelen die volgens de theorie net goed zijn voor een moeizame remise nog weet te winnen, in dit geval van Dennis de Vreugt.

Nijboer-Piket was een vreemd geval. Eerst 22 zetten openingstheorie (Anand-Shirov, Linares 2000), toen een nieuwtje van Nijboer. Piket in diep gepeins. Nadat hij zijn eerste zelf bedachte zet had gedaan, had Piket nog een half uur over van de twee uur die hij aan het begin had gekregen.

Dat liet Nijboer natuurlijk niet op zich zitten. Als er iemand in tijdnood komt, hoort hij dat te zijn. Hij dook diep in de stelling onder, maar zonder resultaat, want hij gaf op slag de winst weg die voor het grijpen lag. Tenslotte remise na dertig zetten, met nog twee minuten bedenktijd voor Nijboer, die aan het bord slechts zeven zetten had moeten vinden.

Wit Van den Doel-zwart Fritz SSS*

1. c2-c4 Pg8-f6 2. Pb1-c3 e7-e5 3. e2-e4 Lf8-c5 4. g2-g3 0-0 5. Lf1-g2 Pb8-c6 6. Pg1-e2 d7-d6 Van den Doel had de indruk dat Fritz in dit soort stellingen niet weet wat hij doen moet. Misschien had hij gelijk, maar na wits volgende fout schudt de computer de rest uit zijn mouw.

7. d2-d3 Pf6-g4 8. 0-0 f7-f5 9. Pc3-a4 Pg4xf2 10. Tf1xf2 Lc5xf2+ 11. Kg1xf2 f5-f4 12. g3xf4 e5xf4 13. Pe2-g1 Dd8-h4+ 14. Kf2-f1 f4-f3 15. Pg1xf3 Dh4xh2 Wit gaf op.

    • Hans Ree