Basken verdeeld door terreur ETA

Tienduizenden demonstranten zijn gisteravond in de Baskische stad Bilbao de straat opgetrokken in protest tegen de moord afgelopen zondag door de Baskische afscheidingsbeweging ETA op de journalist José Luís de Lacalle. De optocht werd bijgewoond door vertegenwoordigers van politieke en sociale organisaties en vakbonden. De Baskisch-nationalistische partij PNV, die de minderheidsregering in de Baskische regio vormt, weigerde gisteren mee te lopen, omdat de demonstratie protesten ,,tegen de Baskische instellingen'' zou omvatten.

Het protest werd gisteren aangevoerd door leden van het Forum van Ermua, de groep van kunstenaars, politici en schrijvers die mede door De Lacalle werd opgericht uit protest tegen de moord op het conservatieve raadslid Miguel Ángel Blanco drie jaar geleden. Onder het motto ,,Tegen het fascisme van de ETA'' en ,,Voor de vrijheid'' hadden zich de voorlieden van zowel de linkse als rechtse niet-nationalistische partijen en vakbonden verzameld. In de stoet werden protest-borden meegedragen tegen de PNV-leider Xavier Arzalluz en de zegsman van de politieke tak van de ETA, Arnaldo Otegi.

De Baskische regioregering van de PNV veroordeelde gisteren in felle bewoordingen de oproep van de Spaanse premier José María Aznar om vervroegde verkiezingen in Baskenland uit te schrijven. Hiertoe is volgens de premier uit oogpunt van ,,democratische hygiëne'' alle aanleiding toe. Aznar beschuldigde daarbij de PNV de Baskische maatschappij richting ,,afgrond en zelfmoord'' te leiden. De afgelopen week onthulde de ETA het bestaan van een geheim pact met de PNV. De PNV-minderheidsregering kan daarnaast niet langer op voldoende steun in het Baskische parlement rekenen.

Een woordvoerder van de Baskische regioregering veroordeelde gisteren de uitspraken van Aznar als ,,niet te rechtvaardigen''. Daarnaast beschuldigde hij de premier ervan ,,het meest elementair gevoel voor ethiek te missen'' en geen respect te tonen voor de rouw rond de moord van afgelopen zondag. Van niet-nationalistische zijde werd deze laatste reactie als hypocriet van de hand gewezen. De woordvoerder van de Baskische regering erkende dat de recente gebeurtenissen het risico in zich dragen van het ontstaan van een tweedeling in de Baskische maatschappij tussen nationalisten en niet-nationalisten.

Onderwijl besloot de rechtbank in Madrid gisteren tot de voorlopige hechtenis van de voormalige generaal van de Guardia Civil Enrique Galindo en twee van zijn medewerkers in de zaak rond de doodseskaders in de jaren tachtig. Galindo werd twee weken geleden veroordeeld tot 71 jaar gevangenisstraf omdat hij leiding heeft gegeven aan de ontvoering en de moord op twee veronderstelde ETA-leden in 1983. De generaal geldt als de meest gedecoreerde terroristen-jager van Spanje, die gedurende 12 jaar de politionele strijd tegen de ETA leidde vanuit de Guardia Civil-kazerne Intxaurrondo nabij San Sebastián. Het is de eerste maal dat hoge beambten uit het veiligheidsapparaat zijn veroordeeld, omdat zij zich bij de vervolging van de ETA zich schuldig hebben gemaakt aan moord.

De veroordeling van Galindo heeft tot gemengde gevoelens geleid. Terwijl de aanpak van het eigenmachtig optreden in veel commentaren wordt toegejuichd, kan de generaal op veel steun rekenen wegens zijn verdiensten in de strijd tegen de ETA. Galindo is tegen het vonnis in beroep gegaan.