Koninklijk huis 1

In zijn artikel over de omvang van het koninklijk huis (2 mei) schrijft Harry van Wijnen dat prins Bernhard jr voorgoed van de troonsopvolging is uitgesloten zodra zijn neef Willem-Alexander en zijn vrouw kinderen krijgen, zulks krachtens artikel 25 Grondwet. Van Wijnens stelling is niet geheel juist. Art. 25 Grondwet bepaalt in het einde van de tweede zin: ,,bij gebreke van eigen nakomelingen gaat het koningschap op gelijke wijze over op de wettige nakomelingen eerst van zijn ouder, dan van zijn grootouder, dan van zijn grootvader, in de lijn van erfopvolging, voor zover de overleden koning niet verder bestaand dan in de derde graad van bloedverwantschap.'' Dit betekent dat de kinderen van prinses Margriet en mr. Pieter van Vollenhoven reeds voorgoed van de troonsopvolging zijn uitgesloten zodra Willem-Alexander koning wordt, of hij nu kinderen heeft of niet. Neven bestaan elkaar namelijk tot in de vierde graad van bloedverwantschap. Prins Bernhard jr bestaat zijn tante, koningin Beatrix, tot in de derde graad. Zou er dus een calamiteit gebeuren waarbij Beatrix en haar drie zonen van het toneel verdwijnen en Willem-Alexander nog geen koning is, dan zou prinses Margriet koningin worden en na haar overlijden of abdicatie prins Maurits, en na hem Bernhard jr. koning. Vandaar dat zowel Maurits als Bernhard jr parlementaire goedkeuring voor hun huwelijk hebben gevraagd om deze eventualiteit het hoofd te bieden.