Het Genootschap

De wijze waarop ik ben uitgenodigd toe te treden tot het Republikeins Genootschap kan wat licht werpen op de discussie die Ben Knapen over het Genootschap heeft aangezwengeld. Kort na de oprichtingsvergadering ben ik benaderd door Martin van Amerongen, die mij vroeg of ik benaderd kon worden voor het lidmaatschap. Inmiddels was de oprichtingsvergadering `uitgelekt' en o.a. deze krant meldde dat het Genootschap niet openstond voor allochtonen en vrouwen. Hieromtrent nieuwsgierig geworden stemde ik in met een oriënterend gesprek. Daarop kreeg ik een uitnodiging voor een gesprek. Dat gesprek vond plaats in een chique restaurant, dat wel, en daaraan namen vanwege het Genootschap deel Pierre Vinken, prof. Hans van den Bergh en dhr. Salomons. Ik kreeg een uitvoerige toelichting omtrent ontstaan, doelstelling en werkwijze van het Genootschap. Ik vernam dat men alleen op uitnodiging kon toetreden tot het Genootschap; dat het bij het Genootschap niet ging om het aantal als wel om de kwaliteit van de leden en dat als men eenmaal is toegetreden men lid blijft van het genootschap.

Uiteraard is ook gesproken over de leden die na alle rumoer over de oprichtingsvergadering zich inmiddels onder opgave van de meest wonderlijke redenen van het Genootschap hadden gedistantieerd, waaronder dus Ben Knapen. Voor dezen had men geen goed woord over: zij wisten wel degelijk waarover het ging en dat het om een serieuze zaak ging. Ik heb na het gesprek de uitnodiging om tot het Genootschap toe te treden aanvaard. Op grond van mijn ervaring kan ik niet anders zeggen dan dat ik het verhaal van Ben Knapen erg verwonderlijk vind.

    • André Haakmat