Dichtbevolkt

Iets wat plotseling mag op televisie: ,,Nederland is vol'' zeggen in verband met immigratie. Het vaste Camera-lid Boris Dittrich (D66) deed het en er gebeurde daarna niets bijzonders. Nu ja, hij zei niet, ,,vol'' maar ,,ontzettend dichtbevolkt''. Misschien dat hij daarom nog niet is ingerekend. Dittrich weet wat hij zegt, want hij is ooit zelf rechter geweest. Leden van de Centrumpartij zijn vier jaar geleden voor de kreet ,,vol is vol'' bestraft.

Dittrich wil niet dat er personeel in het buitenland wordt geworven om arbeidstekorten in ziekenhuizen en uitlaatcentra aan te vullen. ,,De hoofdreden is dat we in een klein land wonen, met 16 miljoen mensen'', zei hij gisteren in B&W. ,,Het is ontzettend dichtbevolkt hier en dan moet je niet ook nog een blik mensen uit het buitenland halen''.

Sonja Barend begon er een beetje van te blozen, want zij kent haar jurisprudentie. ,,Nederland is vol, dat is een gevaarlijke zin'', wierp ze met een glimlach tegen.

,,Voor een politicus is het een gevaarlijke zin'', beaamde Dittrich en dus kwam hij weer met dat synoniem uit de aardrijkskundeles: ,,Nederland is dichtbevolkt''. Later zei hij dat ,,we ook in Nederland een stuk natuur, stuk stilte en stuk ruimte om ons heen moeten hebben.'' De werkgevers moesten maar eens wat meer om zich heen kijken in plaats van in het buitenland te gaan recruteren, vond Dittrich en hij werd daarin gesteund door vakbondsvertegenwoordiger Roozemond. Er zijn nog zoveel werklozen in eigen land. Maar dan is er een andere revolutionaire formulering nodig, namelijk dat een uitkering alleen bestemd is voor degenen die niet kunnen werken. Dat zou teveel zijn voor één uitzending. Wie het heikele onderwerp van de hoge verborgen werkloosheid aansnijdt, moet praten over ,,training'', ,,scholing'' en ,,imago-verbetering'' van het werk en daar hield iedereen zich gisteren keurig aan. Geen onvertogen woord viel.

Nou iets totaal anders dat mij is opgevallen: oude mensen die in de oorlog min of meer fout zijn geweest en daar voor de camera getuigenis over afleggen. De Duitse televisie heeft afgelopen paar jaar heel wat documentaireseries gehad.

Op de Nederlandse zender zag ik vorige week een Zwitserse grenswacht die vroeger vluchtende joden volgens instructie had teruggewezen naar Frankrijk. Als een toeristengids ontving de grenswacht degenen die het overleefd hadden en legde hij uit dat hij zich aan de wet had moeten houden. Als mensen ouder worden, gaan ze voor buitenstaanders meer op elkaar lijken. Wat hen vroeger scheidde, bindt hen, want ze horen tot een steeds kleiner groepje overlevenden uit een tijd die gelukkig voorbij is.

Gisteren een documentaire over het geheime Silbertanne-moordcommando dat Nederlanders doodschoot uit wraak voor aanslagen op NSB'ers. De documentaire was zo beeldend en muzikaal gemaakt dat je als kijker bijna de ernst van het onderwerp uit het oog verloor. Veel archieffilms uit die tijd. Een man praatte over de vreselijke, zoetelijke bloedgeur die jaren na de moord op zijn vader in het huis bleef hangen. Een naar Duitsland gevlucht lid van het commando kwam voor de camera. Hij was indertijd Nederlander maar was in Duitsland geboren en vandaar dat hij zich misschien minder verrader voelde. Zijn verpauperde Duitse moeder had de bezetting verwelkomd. Hij praatte in zacht Duits-Limburgs accent over het Oostfront. ,,Ik heb op het veld gezeten om te eten. Ik heb op doden gezeten. Dat was gans normaal, hè. Ik moest toch ergens zitten. De lucht was zoet van het bloed.''

,,Dat stonk'', zei de interviewer.

Nu werd de brave man die we eerder op de stoep zijn hondjes zagen uitlaten vampier: ,,Het stonk niet, want het is zo zoetig hè. Zo is het gegaan tot Stalingrad''. Hij zag geen verschil met dat moordcommando. Akelig omdat het zo gans normaal leek dat brave burgers in monsters veranderen.