Bootleg

Een collega die nog steeds aan Elvis Presley verslaafd is, vroeg of ik voor hem in een tweedehands platenzaakje in Amsterdam een bootleg van Elvis wilde kopen. Een bootleg is een illegaal gemaakte plaatopname, meestal via clandestiene registraties van concerten tot stand gekomen.

Het winkeltje bleek uit een chaotische verzameling stoffige platen te bestaan, en de eigenaar was een royale vijftiger die voorlopig niet aanspreekbaar was omdat hij telefonisch in vlot Amerikaans zijn vroegere huwelijksleven stond door te nemen. Alleen was je nog maar het beste af, luidde zijn conclusie. Hij zei het niet echt vrolijk, en de indruk ontstond dat hij inmiddels het hele leven als één grote bootleg beschouwde.

Toen hij opgehangen had, kwam ik snel terzake, uit angst voor weer zo'n telefoontje. Hij keek me aan alsof ik een bivakmuts had opgezet en nu mijn Browning tevoorschijn zou halen.

,,Wie bent u?'' vroeg hij, ,,ik ken u helemaal niet.''

,,Wat doet dat ertoe?'' vroeg ik.

,,Heel veel'', zei hij. ,,Waarom wilt u die plaat hebben?''

,,Het is voor een collega.''

,,Wie is die man?''

,,Zal ik vragen of hij u even belt?''

,,Bellen.'' Hij herhaalde het met een mengeling van weerzin en minachting, alsof het om een activiteit ging die hem wezensvreemd was. ,,Niks bellen. Ik wil die man zien. Hier.''

,,Hij hoeft toch niet te solliciteren?'' vroeg ik, maar ik begreep dat ik me steeds hopelozer verstrikte in mijn naïviteit.

,,Meneer, u kunt wel een spion van Buma/Stemra zijn'', zei hij.

Kwam het door mijn nieuwe zomercolbertje dat ik er als een spion van de gevreesde auteursrechtenorganisatie Buma/Stemra uitzag? In deze omgeving, die veel weg had van een obscure coffeeshop, had ik misschien beter mijn oude spijkerjack en mijn gympies kunnen aantrekken. Maar had ik die nog wel? Pijnlijke vraag.

De man merkte iets van mijn verwarring en zei wat rustiger: ,,Die Buma-kerels hangen zó duizend gulden boete aan mijn kont. Een schande is het. Op elke straathoek kun je in Amsterdam de illegaalste drugs kopen, maar zo'n plaatje van Elvis mag ik niet verkopen.''

,,Maar u kunt mijn collega wel helpen?''

Hij draaide zijn hoofd af en ik meende dat hij `ja' zei, maar ik hoorde het niet duidelijk genoeg ik zeg het maar vast om het tegenover een rechter-commissaris te kunnen bevestigen.

Thuis nog maar even de Buma/Stemra gebeld. Jazeker, ze hadden een eigen opsporingsdienst. Kleine handelaren hangt een dwangsom van 1000 gulden boven het hoofd, grote jongens worden strafrechtelijk aangepakt.

Die handelaar had gelijk: de popmuziek verliest het van de drugs. Elvis was daar overigens al eerder achtergekomen.

    • Frits Abrahams