Titel Bloemendaal, coach toch ter discussie

Onder leiding van Bert Bunnik prolongeerde Bloemendaal zaterdag de landstitel. Maar de vraag is of de hockeycoach mag blijven. ,,Soms voel ik me een roepende in de woestijn.''

Drie keer op rij in de finale van de play-offs, twee keer op rij landskampioen. Wie kan Bert Bunnik dat nazeggen? ,,Bijna niemand en dat is meteen het probleem. Hoe succesvoller je bent, hoe groter de afgunst en hoe minder het krediet'', aldus Bunnik zelf.

Onder leiding van Bunnik prolongeerden de hockeyers van Bloemendaal zaterdag de landstitel door Den Bosch in het derde en beslissende finaleduel met 5-0 opzij te zetten. Desondanks dreigt de 47-jarige coach zijn biezen te moeten pakken, omdat een deel van de spelersgroep op hem is uitgekeken. Het laconieke commentaar van Bunnik: ,,Als ze vinden dat ik moet gaan, prima, dan ga ik. Gelukkig ben ik niet afhankelijk van het hockey.''

Bunnik is één van de laatste hobbyisten in een tak van sport die steeds meer professionals telt. Hij combineert het trainersvak met een fulltime-baan als directeur van een ziekenhuis in Tilburg. ,,Ik ben een buitenbeentje, iemand die graag verder kijkt dan het hockey en die jongens daarom regelmatig aanspreekt op de noodzaak van een maatschappelijke carrière. Dat is niet eenvoudig, want van veel kanten wordt tegenwoordig ten onrechte de indruk gewekt dat ze met deze sport hun brood kunnen verdienen.''

Vijf spelers zijn tegen het aanblijven van de coach die – niemand die dat kan of wil ontkennen – de trotse familieclub uit het slop heeft gehaald. ,,Bert heeft gedaan waarvoor wij hem gehaald hebben: Bloemendaal terugbrengen naar de top'', beseft Floris-Jan Bovelander. ,,Daarom is het moeilijk te verkopen om hem nu weg te sturen.''

Als lid van de commissie topsport weegt de stem van `clubman' Bovelander zwaar. Het bestuur beslist, benadrukt het voormalige strafcornerkanon die twee dingen zeker zegt te weten: ,,Spelers hebben altijd wat te mekkeren en elke coach heeft zo zijn nadelen. Ik nodigde Hans Jorritsma (oud-bondscoach, red.) ook niet uit op mijn verjaardag, hoewel hij een van de beste coaches ooit is geweest.''

Een van de voorstanders van het vertrek van Bunnik is Jaap-Derk Buma, zaterdag met twee puntgave doelpunten één van de uitblinkers bij Bloemendaal. ,,Ik heb persoonlijk niets tegen Bert, maar vrees dat de chemie volgend seizoen weg is. In het belang van beide partijen is het verstandiger om nu uit elkaar te gaan, ook al heeft hij ons dit seizoen naar de titel geleid.''

Volgens Buma lieten de trainingen de laatste maanden te wensen over en heeft Bunnik zijn oren te veel laten hangen naar de vijf internationals, waar de 27-jarige aanvaller er ironisch genoeg één van is. ,,Bert heeft te weinig oog gehad voor die jonge gasten. Die zijn daardoor ontevreden. Onbewust heeft hij daarmee een wig gedreven in het team en dat kan ons volgend seizoen nog wel eens lelijk gaan opbreken.''

Hockey staat bekend als een sport waar de macht van de spelers ver reikt. Bestuurders laten het begaan. Daar kan Bunnik over meepraten na een trainerscarrière die ruim twintig jaar geleden begon en hem via onder meer Laren, SCHC, Pinoké, Spanje (bondscoach), Nederland (assistent), Pakistan (assistent) en Amsterdam (assistent) twee jaar terug bij Bloemendaal bracht. ,,Spelers claimen tegenwoordig rechten, maar plichten ho maar. Individuele belangen staan voorop, de rest is bijzaak. Het is te veel en te vaak eenrichtingsverkeer.''

Bunnik erkent dat hij niet met iedereen op even goede voet staat, maar: ,,Een coach kan niet het billenmaatje zijn van alle spelers. Dat is onmogelijk, zeker met een selectie van zestien spelers waarvan de meesten ook nog eens tamelijk eigenwijs zijn. Als ik met iedereen de beste vrienden was geweest, waren wij beslist geen kampioen geworden. En vergeet niet: één regenbui en die jongens draaien als een blad aan een boom.''

Eén fout maakte Bunnik het afgelopen seizoen naar eigen zeggen: hij stond toe dat de spelers de koppen bijeen staken en onderling de toekomst bespraken. ,,Het gevaar van dat soort bijeenkomsten is dat één speler het hoogste woord voert en de rest niet of nauwelijks aan bod komt. Dat werkt tweespalt in de hand.''

Dat gesprek, aan de vooravond van de slotdag van de reguliere competitie, had sowieso beter achterwege kunnen blijven, erkende sterspeler Teun de Nooijer zaterdag. Een paar dagen later ging Bloemendaal immers op eigen veld met 7-2 over de knie bij het modale HGC. ,,We waren teveel bezig met de toekomst en te weinig met het heden'', sprak de middenvelder schuldbewust.

Bunnik op zijn beurt signaleerde nog een verschil van inzicht tussen spelers en coach. ,,Vorig seizoen hadden Cees (assistent Diepeveen, red.) en ik de touwtjes stevig handen, dit jaar hebben we bewust de verantwoordelijkheid bij de spelers gelegd. Ik ben een groot voorstander van individuele vrijheid. Nu blijkt dat niet iedereen daarmee om kan gaan. Sommige spelers wanen zich de topacteurs, maar weigeren de daarbijbehorende verantwoordelijkheden te nemen.'' Na een korte pauze: ,,Soms voel ik me een roepende in de woestijn.''