Strontstank

Het kabinet en de boeren lijken het eens te worden over de aanpak van de mestberg. Tien jaar geleden, toen wij terugkwamen van vakantie, was dat nog anders.

We hadden in Luik onze traditionele `laatste patat voor de grens' genuttigd en reden voldaan Nederland binnen. Dat duurde niet lang. Na enige tijd bespeurden we een irritant luchtje, dat zich ontwikkelde tot onvervalste strontstank. Omdat het ongerief alsmaar aanhield, besloten we te stoppen om onze schoenzolen te inspecteren. Kennelijk hadden we in Luik niet goed opgepast waar we liepen. In zo'n vieze stad, met een grote buil friet voor je neus, is een misstap gauw begaan.

Het resultaat was ontluisterend. Onze zolen waren brandschoon. Het was ons eigen land dat zo stonk.

    • Bert Determeyer