Landen EU handhaven sancties tegen Oostenrijk

Een poging van ministers van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie om sancties tegen Oostenrijk af te zwakken is het afgelopen weekeinde mislukt. Diplomaten van verschillende EU-lidstaten gaven de schuld van de mislukking aan Oostenrijk zelf.

De Oostenrijkse regering heeft vorige week gedreigd een referendum te organiseren, waarmee de Oostenrijkers zich zouden kunnen uitspreken over de sancties van de andere veertien EU-lidstaten tegen hun land. Volgens diplomaten heeft dat dreigement averechts gewerkt omdat ministers die aanvankelijk Oostenrijk tegemoet wilden komen, niet de indruk wilden wekken voor Oostenrijkse druk te zwichten. Ze besloten onverminderd aan de sancties vast te houden, hoewel hun Oostenrijkse collega Ferrero-Waldner verzekerde dat het idee van een referendum niet was geopperd als dreigement.

Toch ontstond er tijdens informeel overleg van de EU-ministers het afgelopen weekeinde op de Azoren voor het eerst een discussie over de vraag hoe lang de speciale behandeling van Oostenrijk nog kan worden voortgezet. Met name de Italiaanse minister Dini vond de tijd gekomen om de sancties opnieuw in overweging te nemen.

Veertien EU-lidstaten besloten begin februari om de bilaterale betrekkingen met Oostenrijk op een laag pitje te zetten wegens de deelname van de extreem-rechtse FPÖ aan de Oostenrijkse regeringscoalitie. Deze sancties mochten het functioneren van de EU echter niet belemmeren. De Nederlandse minister Van Aartsen zei dat de maatregelen van kracht blijven zolang de FPÖ in de Oostenrijkse regering zit. Maar zijn Britse collega Cook vond de tijd gekomen om vast te stellen welk gedrag er van de Oostenrijkse regering wordt verlangd. De Oostenrijkse minister Ferrero-Waldner had daar ook om verzocht, omdat volgens haar op het beleid van haar regering niets aan te merken valt en bovendien de omstreden Jörg Haider niet langer voorzitter is van de FPÖ.

De voorzitter van de bijeenkomst op de Azoren, de Portugese minister van Buitenlandse Zaken Gama, weigerde aanvankelijk om de kwestie Oostenrijk op de agenda te plaatsen. Maar nadat de Oostenrijkse minister had gesproken, ontstond er toch een discussie. Minister Van Aartsen verklaarde samen met zijn collega's van België, Luxemburg, Frankrijk, Duitsland, Portugal en Zweden, dat er voor zo'n discussie geen reden was.

Diplomaten konden gisteren niet zeggen waaruit een versoepeling van de sancties tegen Oostenrijk zouden kunnen bestaan. Ze zeiden dat alleen Frankrijk, België en Portugal voor een onverminderde strikte handhaving van het isolement van Oostenrijk zijn. De landen die het sterkst op opheffing van de sancties aandringen zijn Italië, Denemarken, Finland en Duitsland.

Hoewel er officieel niets is veranderd, bleken op de Azoren de ministers van Buitenlandse Zaken van veertien EU-lidstaten vriendelijker tegen hun Oostenrijkse collega dan de afgelopen maanden het geval was. In maart tijdens de Europese top in Lissabon weigerden regeringsleiders van veertien EU-landen samen met hun Oostenrijkse collega Schüssel voor een traditioneel groepsportret te poseren. In Furnas werd van de EU-ministers van Buitenlandse Zaken wel een groepsportret gemaakt, waarbij de Oostenrijkse minister Ferrero-Waldner breed glimlachend tussen haar ontspannen kijkende Duitse collega Fischer en de Franse minister Védrine stond.

    • Ben van der Velden