Herzien

De lijst van gebrekkig functionerende gebouwen is eindeloos. Voor de gebruikers is dit vervelend, maar voor de architecten heeft het zelden gevolgen. Meestal doet het hun reputatie geen enkele schade: talloos zijn de gebouwen die weliswaar niet goed functioneren maar toch beroemd zijn geworden.

Zo luidt de meest gehoorde klacht over de Kunsthal in Rotterdam van Rem Koolhaas dat bezoekers de ingang niet kunnen vinden. Heeft men die eenmaal na veel gezoek gevonden, zo klaagt men vaak verder, dan blijkt deze veel te klein. En als men dan eindelijk binnen is, dan moet men een steile hellingbaan af, die vooral voor de ouden van dagen problemen oplevert. Enzovoort, enzovoort: over bijna elk onderdeel van de Kunsthal wordt wel geklaagd, maar Koolhaas is desondanks Nederlands beroemdste architect en werd onlangs nog geëerd met de Amerikaanse Pritzker Prize.

Ook toen de nieuwe bibliotheek in Almelo in 1994 werd geopend, was er reden om je hart vast te houden. Was het wel zo'n goed idee van de ontwerpers van het architectenbureau Mecanoo om een deel van de gevel te laten bestaan uit knalblauwe blinkende glasplaten? Was dit niet vragen om een vandalistische daad van een boosaardige of dronken Almeloër? In Amsterdam liggen de glazen abri's van de tram tenslotte ook regelmatig in duigen.

Maar Almelo is Amsterdam niet, zo blijkt vijf jaar later. Er heeft zich in Almelo een wonder voltrokken: alle blauwe platen van de gevel zijn nog intact en glanzen nog als nieuw. Het is juist het ongenaakbaar ogende `schone beton' van andere geveldelen dat al door roestsporen van de ijzeren wapening is aangetast en een beetje aftands oogt. Ook het geveldeel dat met koper is bekleed is nu anders dan je in 1994 zou verwachten: het is nog steeds niet groen uitgeslagen, maar bijna zwart.

Binnen zet het wonder van Almelo zich voort. Vaak worden interieurs van gebouwen al snel na de oplevering veranderd, omdat ze niet blijken te functioneren zoals de architect had gedacht. Maar de Almelose bibliotheek is zes jaar later nog precies zo als in 1994: na binnenkomst is links het café, rechts het `actuele informatiecentrum' met daarachter de eigenlijke bibliotheek. Boven het informatiecentrum ligt een vide, die als een kloof de bovenste etages in tweeën splijt en die wordt overbrugd door steeds verspringende trappen.

Mecanoo heeft dus goed werk afgeleverd, ook in esthetisch opzicht. Met de bibliotheek heeft Almelo een hoofdwerk van de recente Nederlandse architectuur gekregen. Toen het gebouw in 1994 werd opgeleverd, was dit de doorbraak van de collage-bouwkunst in Nederland. In de jaren tachtig was Mecanoo bekend geworden om zijn neomodernistische gestucte woningdozen en dat juist dit bureau nu een collage van ongebruikelijke vormen en materialen in Almelo had neergezet, betekende dat het neomodernisme in de Nederlandse architectuur op zijn retour was. Inmiddels is ook de collage-bouwkunst alweer over zijn hoogtepunt heen. Achteraf gezien was de doorbraak van de collage-bouwkunst meteen ook het hoogtepunt: een mooier collage-gebouw dan de bibliotheek in Almelo is er in de jaren negentig van de twintigste eeuw niet neergezet.