Het `VOC-gevoel' te koop

Als commanditair vennoot beleggen in de scheepvaart- industrie biedt fiscale voordelen. De scheepsbouw en scheepvaart profiteren van de regeling. Maar voor hoe lang nog? Binnenkort komt de overheid met een overgangsregeling.

Participatie in een commanditaire vennootschap (CV) in de scheepvaart is niet voorbehouden aan een bepaald soort belegger. Toch wordt deze beleggingsvorm weleens afgedaan als `leuk voor bootjesgekke tandartsen'. Vast staat dat participanten in een scheepvaart-CV in elk geval een aardig inkomen moeten hebben – en tandartsen hebben dat – en dat de liefde voor de scheepvaart zeker een drijfveer is om te beleggen in deze specifieke vorm. Commanditaire vennoten in zo'n scheepvaart-constructie moeten minstens 25.000 gulden meebrengen om te worden geaccepteerd. Verder moeten ze het aan het scheepsmanagement overlaten of dat rendement uit de scheepvaart-CV weet te halen.

,,De verhalen over deelname in scheepvaart-CV's zijn mooi, maar niet altijd waar'', zegt J.C. Goudriaan, die de roemruchte geschiedenis van Van Nievelt Goudriaan & Co. Stoomvaart een modern vervolg wil geven en daarvoor de financiële hulp nodig heeft van grote en kleine beleggers. ,,Soms is men wel zo eerlijk om aan te geven dat bepaalde exploitatie van schepen niet zo rooskleurig is. Deelname in een scheepvaart-CV kan aantrekkelijk zijn. Participanten kunnen gebruikmaken van de fiscale ruimte die er voor scheeps-CV's nog is en de Nederlandse scheepvaart en scheepsbouw varen er wel bij.''

Er zijn voorbeelden bekend van scheepvaartbedrijven waarvoor de geboden fiscale ruimte zelfs de `reddingsboei' was voor het bedrijf. Het in Rotterdam gevestigde GenChart (reders, bevrachters in de wilde vaart, operators) was zo'n onderneming die de scheepvaart-CV nodig had om nieuwe schepen in management te krijgen. De oude schepen waren nodig aan vervanging toe, maar daarvoor ontbrak het budget. Het plan van GenChart om scheepvaart-CV's in de markt te brengen, was dus in feite uit nood geboren. Inmiddels heeft GenChart op deze manier acht schepen kunnen financieren. Goudriaan spreekt zijn waardering uit voor de manier waarop dat gebeurt en dat kan hij als kenner van de sector doen. Hij weet, net als anderen, dat de markt in scheepvaart-CV's wordt `vervuild' door tussenpersonen die als `pure commissiejagers' bekendstaan. Ze hebben – zo zeggen de kenners – nog nooit een schip gezien en weten dus niet of een schip winstgevend kan worden geëxploiteerd. Dat kunnen aanbieders van dit soort CV's wel als ze zelf actief zijn (geweest) in de scheepvaartsector.

Die noodzakelijke kennis van de praktijk is niet alleen nodig voor het aanbod van scheepvaart-CV's, maar ook voor CV's voor filmproductiebedrijven. Daarvoor is ook fiscale ruimte geschapen, al is de ruimte niet onbeperkt. Geïnteresseerden kunnen nog tot 31 december van dit jaar gebruik maken van de aantrekkelijke regeling om (als stille vennoot) deel te nemen in dit soort CV's. Door legale, fiscale handgrepen is het bijvoorbeeld mogelijk de eerste jaren versneld af te schrijven op schepen. Mensen krijgen zelfs de gelegenheid fiscaal verlies af te trekken van hun belastbaar inkomen.

De ministeries van Financiën en van Verkeer en Waterstaat zijn bezig te werken aan een overgangsregeling, die volgens een woordvoerster van Verkeer en Waterstaat ,,vergelijkbaar is met de huidige regeling''. Daarmee lijken de ministeries tegemoet te komen aan de verwachting van het bedrijfsleven. Dat verwacht de handhaving van een versoepeld fiscaal regime, gezien het succes van het bestaande regeling. De markt reageert daarop. Aanvankelijk was er niet veel animo om deel te nemen in vooral scheepvaart-CV's, maar die is er nu wel.

Dat is bijvoorbeeld gunstig voor Goudriaan, die daarmee het realiteitsgehalte van zijn plannen ziet toenemen. Voor hem is toch al zeker dat Van Nievelt Goudriaan & Co. Stoomvaart nieuw leven kan worden ingeblazen. De directeur/eigenaar rekent op vijf of zes deelnemende ondernemers uit de maritieme sector of aanverwante bedrijvigheid, van wie er al vier serieus hebben toegezegd. De aanvullende gelden moeten komen van ongeveer twintig andere participanten. Als die er zijn is Van Nievelt Goudriaan & Co. een feit. Goudriaan wil onder meer het aandelenpakket van zijn onderneming Wilcamar & Co. van een paar binnenvaart- en binnenvaart gerelateerde bedrijven over laten nemen door Van Nievelt Goudriaan & Co. Deze onderneming kan verder participeren in kleinere cargadoorsbedrijven en hulp bieden bij overnames van kleinere ondernemingen in de transportsector.

Goudriaan gaat het liefst in zee met mensen die de oude naam van zijn familierederij willen herstellen, maar het moet in alle gevallen gaan om actief betrokken aandeelhouders die met het management meedenken: ,,Dus niet in de vorm van de bekende scheepvaart-CV's. Daarin kunnen mensen deelnemen, maar ze mogen zich verder nergens mee bemoeien. Zie onze opzet maar als een soort VOC.''

Het `VOC-gevoel' is al te koop voor drie aandelen van elk 100 euro, maar erg veel zeggenschap is daarmee niet ingekocht. Dat hebben aandeelhouders met een aandelenpakket van boven de 25.000 euro wel. Zij krijgen de kans deel te nemen in nieuwe projecten. Goudriaan: ,,Dat betekent niet dat we de houders van drie aandelen niet belangrijk zouden vinden. Zij zitten in het eerste rijtuig. We zullen eerder met hen gaan praten over uitbreiding van hun pakket, dan met vreemden. De aandeelhouders lopen in elk geval geen risico. We zullen namelijk nooit het volledige individuele kapitaal inzetten, maar ernaar streven hooguit projecten te financieren, waarbij per project 20 procent van het dan aanwezige vermogen nodig is. Daarmee is feitelijk elk risico voor iedere aandeelhouder tot een aanvaardbaar minimum beperkt. De inleg moet lonend zijn. Er moet minimaal 15 procent rendement voor belastingen na twee jaar worden behaald.''

Van Nievelt Goudriaan & Co. kan pas werkelijk beginnen als een-vijfde van het totaal gestort maatschappelijk kapitaal bijeen is. Dat is 1 miljoen euro. Het benodigde kapitaal zal zijn verdeeld in aandelen van 100 euro. Goudriaan: ,,Die 1 miljoen euro maatschappelijk kapitaal is eigenlijk een historisch aantal. Van Nievelt Goudriaan is in 1905 begonnen met 1 miljoen gulden.''