De Super(markt)man

Aflevering 3: Waarin Peter mijmert over Miranda en hij zelfs de zwerver charmeert.

Hij is lang. Hij is blond. Hij heeft staalblauwe ogen en een kreukloos schort. Peter Verbaan, de vleesgeworden Supermarkt-droom. Vanachter de kraakheldere traiterievitrine maakt hij grapjes tegen mevrouwen in broekrok die dan, waarschijnlijk voor het eerst sinds jaren, weer eens blozen en met een meisjesachtig gebaar 'ach, jij!' giechelen. Weifelende klanten legt hij geduldig uit wat er achter de toonbank ligt: zoute haring, 'in de aanbieding meneer, een meeneemprijsje' en lekkerbekjes, 'hier opeten of keurig verpakt voor u?'

Peter (19) is een charmeur, een grapjas, een echte gentleman. De supermarkt is zijn leven en de tekst die de posters in de bedrijfsruimtes prediken, lijkt op hem geïnspireerd: 'We love food. We worden gedreven door onze passie voor food. Die willen we delen met onze klanten. Daarom moeten we zorgen voor het beste aanbod, dit voorzien van het beste advies, de beste ideeën en de laagst mogelijke prijs. De winkel is hierbij onze etalage. Dag in, dag uit.' Die missie is Peter op het lijf geschreven. Als hij niet werkt, studeert hij voor vakdiploma's, want hij wil hogerop. Meisjes, uitgaan, uitslapen...Peter zet het graag opzij voor zijn doel: ooit, net als zijn broer, filiaalchef worden. Al vanaf zijn zestiende werkt hij aan zijn droom. Hij begon als vakkenvuller, kwam vervolgens terecht op de 'Food' (etenswaar in de schappen) en is inmiddels opgeklommen naar de traiterie-afdeling. Die heeft nog het meeste weg van een steriele operatiekamer. Als een volleerd chirurg klikt Peter met zijn elleboog de box met ontsmettende handzeep aan, alvorens een plastic wegwerpschort voor te doen en twee exemplaren uit de doos 'Latex onderzoekshandschoenen' aan te trekken. Dan zet hij geconcentreerd het mes in een haring. Kop eraf, opensnijden en dan in één vloeiende beweging de graten er uittrekken. Zweetdruppeltjes parelen op zijn bovenlip, maar de operatie is geslaagd. 'Ze zijn in de aanbieding, dus ik heb nog heel wat emmertjes haring voor de boeg', zegt Peter, die intussen met een schuin oog stagiair Cor in de gaten houdt.

Die rent heen en weer langs de lange rij luxe opgemaakte bakken in de vitrine, maar houdt plotseling stil als een man met een woeste blik in zijn ogen drie blikken bier op de toonbank deponeert. 'Vis moet zwemmen, wat jullie mensen!' Cor kijkt wanhopig naar Peter, die geruststellend terug- knikt. 'Help jij die mevrouw maar even.'

De man van de bierblikken wankelt en trekt een tandeloze grimas. 'Wat kan ik voor u doen, meneer?', informeert Peter onverstoord. 'Ik wilde eens even weten...', de man brengt een hand naar zijn kin, denkt een moment na, en schreeuwt: 'Wat kost deze shit nou zoal?' Zijn vuist zeilt langs de vitrine en eindigt met een klap op de toonbank.

Er valt een stilte. De twee wachtende dames die net nog luid stonden te kwebbelen, pulken plotseling zwijgend wat aan hun jas. De klant naast de dronkaard tuurt strak naar de boodschappen in zijn karretje en krijgt een rood hoofd. Het enige geluid dat nog klinkt, is het gesis in het pannetje van de dame die voorverpakte poffertjes promoot naast de toonbank. Peter zucht en zet zijn knuisten op het werkblad voor hem. Hij laat even zijn hoofd hangen en kijkt de man dan recht aan. 'Weet u wat, ú denkt er nog even over na, en dan kom ik zo bij u terug. Is dat een goed idee?' De man kijkt Peter dreigend aan, maar dan klaart zijn gezicht op en steekt hij twee duimen de lucht in.

De twee kwebbeldames beginnen opgelucht te kirren, de man met de volle boodschappenkar haalt een zakdoek langs zijn voorhoofd en ook de promotiedame durft weer adem te halen. 'Poffertjes iedereen?' Peter hijst een nieuwe emmer haring op het werkblad. Het werk gaat voor poffertjes. Het werk gaat voor alles, zelfs voor de twee meisjes die op het rumoer zijn afgekomen en draaiend aan een pluk haar tegen de toonbank leunen. Ze staren bewonderend naar zijn lange gestalte en stoten elkaar aan, maar Peter ziet ze niet staan.

Hij heeft geen tijd voor meisjes, zegt hij even later resoluut. Hij heeft wel vriendinnen, 'maar dan gewone', zoals Miranda van de drogisterij-afdeling, die Peter onlangs vergezelde naar het Blueband-Unoxfeest voor supermarktmedewerkers. 'We hebben tot middernacht staan hossen op de muziek. Met Miranda klikt het echt.' Hij laat zijn fileermes een moment op het werkblad rusten. 'Ze heeft me uitgenodigd voor haar bruiloft, maar ik heb helaas precies op die datum een vakantie geboekt. Op de mooiste dag van haar leven zal ze het zonder mij moeten stellen.'

Dan klinkt een luide boer en een vermanend 'Meneer toch!' van de poffertjesdame. 'Doe mij maar twee lekkerbekken en keep the change maar, jongen', roept de gulle dronkaard. Hij legt een handvol kleingeld op de toonbank, opent een nieuw blik bier en steekt de peuk in zijn mondhoek aan. Voordat de toegesnelde bewaker hem met zachte dwang de winkel uit leidt, maakt de bierdrinker een paar danspasjes en buigt hij diep. 'Jongens, het was weer beregezellig!'

Volgende keer in Zeep: Hoe bewaker Fred Kouwenberg koelbloedig de orde in de supermarkt handhaaft.

    • Aranka Klomp