Monarchie en cultuur

Je hoort soms dat achter je oor krabben op een veiling opgevat kan worden als een bod. Zo kun je blijkbaar ook gepolst worden over het aanvaarden van een koninklijke onderscheiding zonder je daarvan bewust te zijn. ,,Niet alleen wij, maar ook andere mensen uit de omgeving van de auteur hebben op de meest subtiele manier getaxeerd of Remco zo'n onderscheiding zou accepteren. Wij hadden de stellige indruk dat dat het geval zou zijn'', aldus Robbert Ammerlaan, directeur van de Bezige Bij. ,,Maar nu blijkt dat we toch een lelijke inschattingsfout hadden gemaakt.''

In mijn geval, kan ik hieraan toevoegen, was noch ikzelf, noch iemand in mijn omgeving zich ervan bewust te worden gepolst. Twee dagen voor de uitreiking werd ik per brief verwittigd: als ik had willen weigeren zou dat niet meer op een discrete manier hebben gekund. Was dat soms de bedoeling?

Remco Campert vond dat hij als lid van het Republikeins Genootschap een koninklijke onderscheiding diende te weigeren. Volgens mij had hij dat niet hoeven doen: om een Sinterklaassurprise te aanvaarden hoef je niet in Sinterklaas te geloven. De achtergronden zijn mijns inziens niet anders dan bij elke andere literaire onderscheiding: voordracht en beslissing zijn het werk van anderen dan de uitreikende instantie. Je kunt die anderen daartoe onbevoegd achten: dat is een consequent standpunt, dat bijvoorbeeld door Jan Wolkers wordt aangehangen; maar ik vind dat Remco Campert deze onderscheiding meer dan wie ook heeft verdiend en het spijt mij dat hij hem heeft geweigerd.

Er komt wat mij betreft nog iets bij: we leven in Holland in een monarchie – niet op mijn verzoek, maar voor het ogenblik is dat nu eenmaal zo. Een van de functies van zo'n monarchie is het bevorderen van respect voor de kunsten, de wetenschap en de literatuur. Als dat dan ook gebeurt moet je dat toejuichen. Ook al heeft het iets van een operette, of juist daarom. Het initiatief van Rudi Fuchs om de koningin te vragen een tentoonstelling samen te stellen, de sonnetten van Gerrit Komrij op Koninginnedag, dat zijn niet alleen dingen waar ik plezier in heb, maar ik zie ze ook als culturele verworvenheden. Als beginsel is erfelijk koningschap natuurlijk onverteerbaar, maar ik heb bijna veertig jaar van mijn leven in een republiek gewoond en dat heeft mij gevoelig gemaakt voor de nadelen.

Over Koninginnedag: ik las dat er in Katwijk een Oranjevereniging bestaat die deze dag viert, of gevierd wil hebben, op 31 augustus. Ik was vertederd: Ook voor mij is 31 augustus nog steeds de echte datum, net als in mijn jeugd in Nederlands-Indië, toen Koninginnedag gevierd werd met bamboe erepoorten en kinderen met vlaggetjes van Sabang tot Merauke, en aan de andere kant van de aardbol in de West. In een artikel van Philipse en Sundholm (Opinie, 27.4.00) kwam ik deze zin tegen: `Voor de traditionele oranje-theologie is de gedachte dat een Oranje ook Moslims als onderdanen zou hebben anathema.' Hoe tragisch dat de Oranje's juist voorbestemd waren te regeren over een rijk waarin die ver in de meerderheid waren, 60 tegen 6 miljoen.

    • Rudy Kousbroek