Jokeren in Londen

DE GROOTSTE STAD van Europa, Moskou niet meegerekend, is sinds vannacht in handen van een radicale socialist. De eerste burgemeestersverkiezingen in de geschiedenis van Londen zijn gisteren gewonnen door Ken Livingstone. Vanaf een open dubbeldekker heeft hij al zijn tegenstanders uit het gezeten partij-establishment verslagen. Niet alleen de Conservatieve kandidaat Norris, maar ook (ex)partijgenoot Dobson, die namens premier Blair een gooi deed, heeft het moeten afleggen tegen `Red Ken'.

De uitslag in Londen is de climax van een bredere trend in Engeland. Bij de gemeenteraadsverkiezingen gisteren stonden 3.300 zetels op het spel. Labour verloor er ongeveer zeshonderd, merendeels aan de Tories. De Conservatieven zijn zo teruggekeerd in de lokale arena en hebben zich een gunstige positie verschaft voor de parlementsverkiezingen van vermoedelijk volgend jaar.

DE OVERWINNING van Livingstone is geen verrassing en toch verrassend. De raadsverkiezingen van gisteren zijn door de kiezers gebruikt om `control freak' Blair een tik op de neus te geven. Maar dat juist de burgers van Londen, hét financiële centrum van Europa, hun stad toevertrouwen aan een man die de city bij voorkeur beledigt, blijft opmerkelijk. In zijn campagne schroomde hij niet het financieringskapitaal meer slachtoffers in de schoenen te schuiven dan Hitler. Hij riep zelfs op tot `directe actie', waarna op 1 mei de daad bij dit woord werd gevoegd.

Bovendien heeft Londen ervaring met de nieuwe burgmeester. Livingstone was, toen Thatcher eind jaren zeventig premier werd, al eens de eerste man van de stad. Als `meerderheidsleider' van de Greater London Council (GLC) zocht hij de confrontatie met Thatcher én zijn eigen partij. Zijn bondgenoten vond hij bij de linkervleugel van Labour, zowel bij de radicale chic als de stalinistische mijnwerkersleider Scargill. Maar hij kon toch niet voorkomen dat Thatcher de GLC ontbond.

Deze koers leverde hem de hartgrondige haat op van toenmalig partijleider Kinnock. Livingstone koos geen eieren voor zijn geld. Tijdens de transformatie van Old naar New Labour stond hij buitenspel. Bij de kandidaatstelling voor de burgemeestersverkiezingen wist premier Blair zijn partij zelfs zo te manipuleren dat de horzel met hangen en wurgen werd uitgerangeerd. Livingstone liet ook dat niet over zijn kant gaan. Hij stelde zich buiten de partij om kandidaat en appelleerde zo aan het gemoed van brede lagen in het Londense electoraat. Lagere én hogere klassen zagen in hem een boeiende joker tegen Blairs machine, die de suggestie wekt alles te beheersen maar het zelfs na drie jaar nog altijd meer moet hebben van retoriek dan van beleid.

WAT KAN KEN? Niet veel. Minister Straw van Binnenlandse Zaken heeft al aangekondigd dat de nieuwe burgemeester geen greep zal krijgen op de hoofdstedelijke politie. Omgekeerd zal Livingstone de strijd moeten aanbinden met de publiek-private opzet van het openbaar vervoer in Londen, een agglomoratie die door congestie wordt verstikt.

Een loopgravenoorlog dreigt. Als Livingstone de handschoen oppakt, worden vijf miljoen kiezers de dupe van een interne partijstrijd tussen Old en New Labour. Omgekeerd heeft premier Blair zichzelf danig in de nesten gewerkt. Juist nu elders in Engeland de middengroepen de weg naar de oppositie terugvinden, moet hij om de hoek van 10 Downingstreet in de slag met een echo uit het verleden.