RECHTVAARDIG

Lisbeth Strauss (77)

Woonplaats: Fort Lee (VS)

,,De St Louis was een groot passagiersschip, dat in 1939 vanuit Hamburg naar Cuba voer. Aan boord zaten honderden Duits-joodse vluchtelingen die de eerste voortekenen van het nazisme op waarde schatten. Mijn man, Fred Strauss, was één van hen. Fred was 19 toen zijn vader en hij werden opgepakt en naar Buchenwald afgevoerd. Freds vader was een vermogend man en wist zijn zoon met een fors bedrag vrij te kopen. Hij kocht een kaartje voor de St Louis in de hoop dat zijn zoon op Cuba een veilig heenkomen zou vinden. Maar het passagiersschip werd nog voor aankomst teruggestuurd en de opvarenden gedropt voor de Franse, Nederlandse en Engelse kust. Kijk, hier is de lijst met goederen die Fred meenam op het schip: een slaapkamerameublement, naaimachines, antiek, bontjassen, donsdekens en schilderijen. Goed verzekerd uiteraard. Bij aankomst in Rotterdam ging Fred linea recta naar Westerbork. Zijn bezittingen werden opgeslagen bij een veilinghuis in Amsterdam.

,,Na verloop van tijd kwam er een brief: of de heer Strauss voor de geboden diensten wilde betalen. Maar mijnheer Strauss had geen rooie cent, die genoot in Westerbork geen inkomen. `Dan gaan we over tot verkoop', verklaarde de veiligmeester. Fred kreeg ook een uitnodiging. Ongelooflijk toch?

,,Fred en ik hebben elkaar in Westerbork ontmoet. Na de oorlog – die geen van onze familieleden overleefde – zijn we getrouwd en naar de Verenigde Staten geëmigreerd. Voor Fred was het verleden een gesloten boek, maar mijn rechtvaardigheidsgevoel bleef al die jaren overheersen. Na zijn dood, in 1984, heb ik contact opgenomen met het Centraal Meldpunt Joodse Oorlogsclaims in Amsterdam. De verzekeringspapieren, het ticket, alles had ik nog. Nu alleen nog de directie van de Hamburg-Amerika-lijn overtuigen. Na veel getouwtrek rolde er een bedrag van 9.000 dollar uit. Daar krijg ik mijn familie niet mee terug, maar mijn kinderen en kleinkinderen zullen er blij mee zijn.''