Spanje beziet fusie met KPN vol wantrouwen

De overname van KPN door Telefónica wordt in Spanje niet met gejuich onthaald. De nieuwe combinatie wordt slechts de nummer vier in Europa. Critici zien dan ook vooral de zoveelste truc van topman Villalonga om zijn huid te redden.

Een stap in het lange termijn belang van Telefónica of een nieuw konijn uit de hoge hoed van bestuursvoorzitter Juan Villalonga? Dat is de centrale vraag die in politiek-financiële kring wordt gesteld na de bekendmaking van de gsprekken tussen Spanjes telecommunicatie-gigant en het Nederlandse KPN.

Sinds Villalonga vier jaar geleden door zijn vriend, premier José María Aznar werd benoemd om het staatsbedrijf Telefónica naar de beurs te brengen, heeft de bestuursvoorzitter zich ontwikkeld tot een van de meest dynamische, maar tevens meest omstreden topondernemers van Spanje. Veelvuldige aankopen in Zuid-Amerika, het afsluiten en vervolgens weer afbreken van de ene na de andere internationale alliantie, samenwerking met Spanjes nieuwe reuzenbank BBVA en de recente aankoop van Endemol: saai is het niet geweest met Villalonga aan het roer. En nu weer in zee met de Nederlanders, waar het volgens Villalonga zo prettig zaken doen mee is.

Mede als gevolg van Telefónica's internet-divisie Terra werd de koers in de afgelopen vier jaar verzevenvoudigd. Dat gaf Telefónica een stevige impuls voor verdere uitbreidingen. Het is echter tevens een bron van zorg. Critici menen dat de waarde van Telefónica in hoge mate speculatief is, wat geen rustige gedachte is voor veruit het grootste fonds op de Spaanse beurs. Een aanwijzing voor dat laatste zijn de extreme schommelingen van het aandeel in de afgelopen weken. Een waardedaling of -stijging van tien procent op een dag zijn geen uitzondering.

De meest fundamentele kritiek op Villalonga is dat hij ondanks alle turbulentie er maar niet slaagt om een degelijke alliantie op langere termijn te sluiten die de positie op de wereldmarkt veilig stelt. Unisource, MCI en Worldcom, British Telecom: om de zoveel tijd stond de bestuursvoorzitter handenschuddend op de voorpagina's met weer een nieuwe kandidaat, die doorgaans binnen enkele maanden het veld ruimde.

De vraag is of Telefónica met een overneming van KPN – of een fusie zoals de mogelijke verbintenis beleefdheidshalve genoemd zal worden – de ideale partner heeft gevonden om zich mondiaal sterk te maken. In de vele Spaanse commentaren werd licht beteuterd uitgerekend dat de nieuwe combinatie zich weliswaar sterk kan maken op het gebied van de mobiele telefonie, maar dat ze qua omvang slechts op de vierde plaats in Europa komt. Dat oogt aanzienlijk minder imposant dan de vorige potentiële partners zoals BT of MCI.

Er zitten nog wat andere addertjes onder het gras. Vanuit Brussel is Telefónica onlangs op de vingers getikt dat het met de vrije concurrentie in de markt van vaste lijnverbindingen droef gesteld is in Spanje. Telefónica heerst nog altijd als een monopolist op de markt voor lokale telefoongesprekken, waar de klanten met betrekkelijk lage abonnementskosten worden binnengelokt en vervolgens de duurste gesprekskosten van heel Europa voor hun kiezen krijgen. Dat moet anders, meent Brussel, wat andermaal ingrijpen op termijn van de Spaanse staat impliceert.

De verhoudingen tussen de Spaanse regering en zijn voormalige telefoonmaatschappij zijn de afgelopen jaren danig bekoeld, omdat Villalonga standvastig zijn eigen weg ging op een wijze die de regering Aznar niet altijd welgevallig was. Bij onderhandelingen over een volledig fusie/overneming komt dit maal een van de weinige machtmiddelen in het geding die de Spaanse staat nog rest: het veto-recht bij aan- en verkopen van meer tien procent van het aandelenkapitaal gedurende tien jaar na de privatisering van februari 1997. Bij een aandelenruil leert de berekening dat de Nederlandse staat met 43 procent van het aandelenkapitaal KPN, de grootste aandeelhouder van Telefónica wordt. Geen vooruitzicht waar men in Madrid erg warm voor loopt.

Het groeiend leger van vijanden van Villalonga heeft al ronduit gesuggereerd dat de hele operatie vooral een poging is van Villalonga om zijn eigen huid te redden. Kies een verhoudingsgewijs zwakkere bondgenoot, ruil aandelen en verwater aldus de greep van de grote aandeelhouders in eigen land op het bedrijfsbestuur. Een fusie die de positie op wereldschaal slechts mondjesmaat vooruit brengt, maar bestuursvoorzitter Villalonga weer wat adempauze gunt, zo becommentarieerde vanochtend het dagblad El Mundo de gesprekken. De zelfde krant wees er fijntjes op dat binnen de Spaanse bank BBVA, waar Telefónica een veelbesproken pact mee heeft, niets van de besprekingen met de Hollanders af zou weten.