Korter werken in België

Een werkweek van 35 uur, recht op een vierdaagse werkweek zonder koopkrachtverlies, recht op een sabbatical van maximaal een jaar met behoorlijk inkomen en behoud van sociale rechten, en geleidelijke afvloeiing van vijftig-plussers.

Dit zijn de vier pijlers van een `werkdocument' dat Laurette Onkelinx, de Belgische minister van Werkgelegenheid en Gelijke-kansenbeleid, gisteren presenteerde. Onkelinx, lid van de Waalse Parti Socialiste (PS), wil de plannen deze zomer met de sociale partners bespreken. Eind dit jaar zou het werkdocument zijn weerslag moeten vinden in een ontwerp-wet voor de regering. Over de kosten wil Onkelinx zich nog niet uitlaten.

In België geldt nu een werkweek van 39 uur. ,,Het is mijn ambitie'', zei de minister, die geregeld brainstormsessies organiseert of bijwoont over de combinatie van werk en gezin, ,,om de kwaliteit van het leven te verbeteren''. Volgens haar hoeven haar ideeen over een kortere werkweek geen verbazing te wekken, omdat daar in het regeerakkoord van vorig jaar al melding van wordt gemaakt. De werkgeversorganisaties VBO, NCMW en UCM hebben negatief op de voorstellen gereageerd. Volgens hun draaien zij op voor de kosten, die zij op 378,3 miljard frank ramen (ongeveer 19 miljoen gulden), en zorgt arbeidstijdverkorting voor organisatorische problemen. Ook wijzen zij op de krapte op met name de Vlaamse arbeidsmarkt, die het moeilijk zou maken om meer mensen in dienst te nemen. De werkgevers willen wel over de combinatie tussen arbeid en gezin praten, maar alleen vrijwillig en op voorwaarde dat de vakbonden willen praten over flexibiliteit. De leider van de Vlaamse liberale partij (VLD), Karel de Gucht, is evenmin enthousiast: ,,In het regeerakkoord is geen sprake van een verplichte werkweek van 35 uur. Het vermeldt enkel de kostenneutrale en vrijwillige vermindering van de arbeidsduur.'' Omdat de liberalen deel uitmaken van de Belgische regering, kan Onkelinx volgens waarnemers op fikse problemen stuiten voor ze haar plan in een (ontwerp)wet omzet. De Groenen, die eveneens in de regering zitten, en de vakbonden reageerden wel positief.

De minister wil dat werkgevers en werknemers eerst samen om de tafel gaan zitten om de arbeidstijdverkorting onderling, via CAO's, te regelen zoals dat in Nederland is gebeurd. Zij stelde de werkgevers bij wijze van stimulans een lastenverlaging in het vooruitzicht. Mocht het overleg tussen werkgevers en werknemers op niets uitlopen, dan moet de staat volgens Onkelinx naar Frans voorbeeld een nationale regeling opleggen.