In de naam van Franco

Een klassieke Spaanse verschijning, rechtstreeks weggelopen uit een filmproductie uit de jaren veertig. Boven de smetteloze krijtstreep een koket Errol Flynn-snorretje en een indringende blik. Een zweem van ironie rond de rechter-mondhoek. Als het uitsluitend aan zijn uiterlijk had gelegen, was Ángel Sanz Briz bij uitstek geschikt om als jonge carrière-diplomaat het Spaanse imago onder Franco op te poetsen. Het is echter de vraag of de Caudillo in Madrid in 1944 erg in zijn nopjes zou zijn geweest als hij precies wist wat de 33-jarige Sanz Briz als zaakgelastigde uitspookte op de Spaanse delegatie in Boedapest.

Oskar Schindler werd geëerd met een film, Raoul Wallenberg zag zijn naam vereeuwigd in talloze boeken en documentaires. Maar de naam Ángel Sanz Briz zal slechts bij weinigen herkenning oproepen. Toch was het aan de moed en de vindingrijkheid van deze jonge Spaanse diplomaat te danken dat tussen de vijf- en de zesduizend Hongaarse joden werden gered van de dood in de gaskamers van de nazi's.

Boedapest was in de loop van 1944 veranderd in een totale chaos. Het vazallenregime van de Hongaarse Miklós Horthy werd na bezetting door de Duitse troepen opzijgezet door het bloedige terreurbewind van Ferenc Szálasi en diens Pijlkruizer-milities. Terwijl het Sovjet-leger oprukte, zond Berlijn tot tweemaal toe Adolf Eichmann naar de Hongaarse hoofdstad om persoonlijk het transport van de resterende 100.000 joden in Boedapest ter hand te nemen. Eichmanns effectieve organisatie kon zich er toen reeds op beroemen ondanks alle problemen in een maand tijd het record van bijna 440.000 Hongaarse joden te hebben afgevoerd of geëxecuteerd.

Net als Wallenberg, met wie hij persoonlijk enkele keren sprak, behoorde Sanz Briz tot de diplomaten van de neutrale landen die zich het lot van de joden in Boedapest aantrokken. In zijn uitgebreide rapportages aan Madrid maakte de handelsvertegenwoordiger, in die dagen de hoogste in diplomatieke rang, gedetailleerd melding van de gruwelen in de Duitse concentratiekampen. Dat was vooral zo opmerkelijk omdat het jodendom, samen met het communisme en de vrijmetselarij, tot de persoonlijke obsessies van de Caudillo behoorde. ,,Vernietig en verbrand hun kranten, hun boeken, hun tijdschriften, hun propaganda'', bulderde Arriba España, het lijfblad van het regime.

Zaakgelastigde Ángel Sanz Briz benutte de redelijke verhouding tussen zijn regering en het Duitse regime evenwel op geheel eigen wijze. Daarbij werd naast diplomatieke tact en persoonlijke moed gebruikgemaakt van die andere eigenschap waar Spanje een reputatie hoog te houden heeft: de picareske manier om indien nodig, de regels creatief toe te passen. Dat laatste betrof een enigszins hilarisch decreet uit 1924, waarin de toenmalige Spaanse dictator Primo de Rivera in een vlaag van verzoeningsgezindheid alsnog alle sefardische joden die in 1492 het land waren uitgegooid, het recht gaf op de Spaanse nationaliteit. Het decreet was inmiddels verlopen en het aantal sefardische joden in Boedapest op een hand te tellen. Maar dat bleek geen beletsel om de regel ruimhartig toe te passen.

De honderd paspoorten voor sefardische joden waarvan de Hongaarse autoriteiten de uitgifte hadden toegestaan, werden al snel vermenigvuldigd door achter ieder cijfer een letter toe te voegen, zodat het totaal in de 2.800 liep (de ñ en ll als aparte lemma's in het Spaans meegerekend). De capaciteit werd verder opgerekt door hele families op één paspoort te zetten en vrijgeleides uit te schrijven. Zo werd een groep van vijfhonderd joodse kinderen uit Bergen-Belsen teruggehaald op een collectief Spaans paspoort.

Probleem voor Ángel Sanz Briz was dat het paspoort slechts recht gaf op doorgang door Spanje en dan nog alleen als een andere groep joden het land verliet, zodat het totaal binnen de landsgrenzen binnen de perken bleef. Het sefardische decreet was niet ingesteld om de noeste arbeid van katholieke koningen ongedaan te maken, zo veel was wel duidelijk. De Spaanse diplomaat zag zich gesteld voor een groeiend aantal wachtende joodse landgenoten die bescherming nodig hadden tegen de groeiende geweldsterreur van de Pijlkruizers en SS'ers. Nadat de Spaanse delegatie overbevolkt dreigde te raken, werd de oplossing gevonden in huizen die Sanz Briz op eigen kracht huurde. De Spaanse vlag er op en een plakkaat met de tekst dat het hier het grondgebied van een bevriende natie betrof deed wonderen.

Ángel Sanz Briz stierf in 1980 tijdens zijn ambassadeurschap in het Vaticaan. Israel zette zijn naam bij in het Yad Vashem, het museum voor de holocaust. Spanje eerde hem met een postzegel. ,,Ik heb slechts de orders opgevolgd van het staatshoofd'', pleegde Sanz Briz te zeggen over zijn opmerkelijke acties in Boedapest. In geen enkel dossier is tot op heden een dergelijke order van Franco teruggevonden.

(Voor de bovenstaande gegevens werd geput uit het recent verschenen boek Un Español frente al Holocausto van Diego Carcedo, uitgever Temas de Hoy)

    • Steven Adolf