Kunstenaars als zakkenvullers in BMW Roadster

De kunstenaars op Plan B, zo meldt de folder bij de laatste tentoonstelling in het Amsterdamse centrum voor hedendaagse kunst De Appel, gebruiken in hun werk allemaal elementen uit de `bestaande sociale en economische systemen'. Ze halen de buitenwereld de kunst binnen of trekken er zelf op uit, de maatschappij in. Dat klinkt spannend, maar wat levert het aan kunstwerken op?

Swetlana Heger en Plamen Dejanov, een kunstenaarsduo uit Zwitserland, sloten een contract van een jaar af met autofabrikant BMW, en noemen de resultaten daarvan hun kunst. In De Appel hangen twee reclameposters die ze voor BMW ontwierpen, en tijdens de opening van Plan B konden bezoekers een ritje in een echte BMW maken. Heger en Dejanov zelf rijden, zolang de deal van kracht is, rond in een Z3 Roadster. De bedoeling van dit alles is om de `grenzen van sponsoring te verkennen', schrijven ze. Als zo'n `verkenning' voor het publiek niet meer dan twee oninteressante posters en een kans op het maken van een proefritje oplevert, rijst echter de vraag of de kunstenaars niet gewoon op een handige manier hun zakken gevuld hebben.

Het kan ook anders. Als je je er eenmaal op ingesteld hebt dat de kunst op Plan B meer bedoeld is om over na te denken dan om alleen te bekijken, valt er wel wat te beleven. Alicia Framis doet voorstellen voor een nieuwe vorm van architectuur, waarin behalve met de materiële ook met de emotionele behoeften van de bewoners rekening gehouden wordt. Ze maakte een schaalmodel van een `Anorexic center': een soort Barbapapa-huis van witte ballonnetjes, met de woorden `I-want-to-be-nothing' erop. Anorexia-patiënten willen zich bevrijden van hun lichaam, en de `lichtgewicht-kliniek' van Framis erkent deze wens. Framis' `Mixed buildings' bestaan alleen op foto's en in de soms wel erg cryptische begeleidende teksten, maar vormen toch een interessante, utopische aanvulling op de hedendaagse bouwkunst.

En dan Jens Haaning – zijn bijdrage aan Plan B bestaat slechts uit een minuscuul videocameraatje, dat hangt in een hoek van een verder geheel lege, witte ruimte. Wie er binnenkomt wordt gefilmd en is via internet meteen zichtbaar voor de patiënten van De Gelderse Roos in Wolfheze, een psychiatrische inrichting. Haaning wil het isolement van deze patiënten aan de kaak stellen, en dat lukt hem wonderwel – de gefilmde voelt zich meteen een gezegend, vrij mens, dat naar buiten kan lopen zodra hij er genoeg van heeft.

Minpunt van `Plan B' is het overschot aan aandacht dat er op de tentoonstelling zelf aan de totstandkoming ervan wordt besteed. De eerste zaal wordt gevuld door Orgacom, een bedrijf in `organisatie en communicatie'. Orgacom organiseerde in een café een speciale netwerkavond voor de zes curatoren van `Plan B', die allemaal uit een ander West-Europees land komen. Tijdens de cursus mochten ze over alles praten, behalve over werk. Het werd heel gezellig, zo blijkt uit interviewfragmenten en een foto aan de muur – maar dat is nog geen stof voor een tentoonstelling, dunkt me. In de folder wordt dezelfde fout gemaakt: daarin staat bijvoorbeeld dat Plan B een `platform voor discussie' wil zijn, en `de vraag oproept hoe men (de verschillende bijdragen) kan tentoonstellen'. Voor de curatoren zijn dit belangrijke kwesties, maar als bezoeker word je er liever buiten gelaten. Het tentoongestelde is op zichzelf al ingewikkeld genoeg.

Tentoonstelling: Plan B. In: De Appel, Nieuwe Spiegelstraat 10, Amsterdam. T/m 21/5. Inl.: (020) 625 56 51.

    • Sandra Heerma van Voss