`Drugsbeleid berust op foute getallen'

Het onderzoek naar coffeeshops en niet-gedoogde illegale verkooppunten van softdrugs dat ten grondslag lag aan een beleidsnotitie van minister Korthals (Justitie) is ondeugdelijk.

Tot die conclusie komt de actualiteitenrubriek Nova op basis van eigen onderzoek. Volgens Nova trekt minister Korthals als gevolg van het ondeugdelijke onderzoek in zijn recente notitie `Het pad naar de achterdeur' ten onrechte de conclusie dat er sprake is van een afname van vooral niet gedoogde, illegale verkooppunten. Nova zond het eigen onderzoek gisteravond uit.

Het onderzoek naar de coffeeshops werd in november vorig jaar uitgevoerd door het Groningse onderzoeksbureau Intraval onder auspiciën van het aan Justitie gelieerde Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum (WODC). Het bureau belde met de 538 gemeenten in Nederland met een verzoek om informatie over het aantal coffeeshops en illegale verkooppunten. Deze informatie werd vergeleken met gegevens van in 1997 gehouden onderzoek.

Nova benaderde steeksproefsgewijs twintig gemeenten om de informatie van Intraval te verifiëren. In een aantal gevallen bleken er verschillen te zijn, vooral in het aantal illegale verkooppunten. Zo noteerde Intraval bij de gemeente Maastricht `niet bekend' achter het aantal illegale verkoopppunten, terwijl dit er volgens politiewoordvoerder W. van Kleef ,,circa 45'' zijn.

In het geval van de gemeente Hulst kloppen noch de cijfers van het aantal gedoogde coffeeshops, noch die van het aantal illegale verkooppunten. Volgens Intraval zijn dit er respectievelijk twee en tien. Maar volgens beleidsmedewerker juridische zaken W. Suijkerbuijk van Hulst, die de medewerker van Intraval te woord heeft gestaan ,,zal ik dit nooit hebben gezegd''. De gemeente voert een zogenoemd nulbeleid ten aanzien van coffeeshops. Het aantal van tien illegale verkooppunten is ,,uit de lucht gegrepen'', stelt Suijkerbuijk.

Directeur B. Bieleman van Intraval noemt de verschillen tussen zijn cijfers en die van Nova ,,verbazingwekkend'', maar houdt vast aan zijn materiaal. Een mogelijke verklaring ziet Bieleman in het feit dat er een klein half jaar ligt tussen de twee onderzoeken. Volgens Bieleman verandert de situatie ten aanzien van illegale verkooppunten snel. Het bureau heeft overigens gewerkt met dezelfde onderzoeksmethode als drie jaar eerder.

Projectbegeleider extern onderzoek M. Timmers van het WODC vindt de kritiek van Nova ,,niet helemaal fair naar Intraval toe''. Volgens Timmers kan het Intraval niet worden verweten als ,,de communicatiestructuur van de politie in Maastricht niet in orde is''. Het particuliere bureau Intraval is volgens Timmers ,,geen duurzame partner'' van het WODC.