Birmingham is uitgekeken op Tony Blair

De Engelse gemeenteraads- verkiezingen, donderdag, zijn een generale repetitie voor de parlementsver- kiezingen in 2001. De crisis rond Rover stelt Labour op de proef.

Labour, de Britse regeringspartij, voert nog steeds de landelijke opiniepeilingen aan. Maar wint ze ook de gemeenteraadsverkiezingen van donderdag? Wie gisteren een steekproefje deed in Longbridge, de voorstad van Birmingham waar de met sluiting bedreigde Rover-autofabriek staat, zou het niet meteen zeggen.

,,Ik heb mijn hele leven Labour gestemd'', zegt de gepensioneerde Rover-arbeider die op zijn oprit een metallic Rover 45 staat te poetsen. ,,Dit keer niet. Wij hebben Tony Blair als premier gekozen, maar wat heeft hij eigenlijk voor ons gedaan?''

,,Mijn broer is er ontslagen vlak voor deze nieuwe crisis uitbrak'', zegt de jonge huisvrouw boven het serviesgoed dat ze op de drukke 1 mei-rommelmarkt te koop aanbiedt. ,,Mijn stem gaat nu zeker naar de Conservatieven.''

,,Ik heb geen vertrouwen meer in welke politicus dan ook'', zegt de middelbare man die met een tas golfclubs de green oploopt. ,,Daarom ga ik niet stemmen.''

Met 150 andere Engelse gemeenten kiest Longbridge donderdag in totaal 3.000 gemeenteraadsleden. Dan zal blijken of premier Blair – terecht of niet – de schuld krijgt van de duizenden ontslagen die rond Birmingham zijn te verwachten. Want BMW, het Duitse moederbedrijf van Rover, is de aanhoudende verliezen beu en wil zijn dochter óf verkopen óf sluiten. Zonder koper en zonder de gebruikelijke noodinjectie van de staat kan dat in Longbridge en omstreken direct en indirect 50.000 banen treffen. `Don't let Rover die!' smeken overal affiches. Zo knaagt Longbridge aan de `Derde Weg', Blairs politieke formule die de vrije markt pijnloos wil combineren met sociale rechtvaardigheid.

Longbridge is een links bolwerk. De kieskring waartoe de deelgemeente behoort stemde bij de laatste parlementsverkiezingen voor meer dan 57 procent op Labour, een voorsprong van dertig procentpunt op de Conservatieven. De drie gemeenteraadsleden die Longbridge in de raad van Birmingham heeft, onder wie burgemeester Ian McArdle, zitten daar namens Labour. Dat de partij deze week moet inleveren staat wel vast, maar Labour kan in Longbridge vermoedelijk tegen een stootje.

Een paar kilometer noordelijker is dat minder zeker. In Edgbaston, tegen het centrum van Birmingham, vind je geen fabrieksrook en grauwe terraswoningen maar botanische tuinen en de universiteit. De burgerij van Edgbaston, die sinds 1922 alleen Tories naar het parlement van Londen stuurt, koos in 1997 onverwachts óók in meerderheid Labour. Het bewees toen hoe breed de aantrekkingskracht van Blairs `New Labour' was. Maar bij de volgende landsverkiezingen hoeft hier maar één op de twintig Labourstemmers opnieuw Tory te stemmen om de rollen weer om te draaien.

Meer nog dan Longbridge is Edgbaston een sleutelgemeente voor Labour. Rover is er ver weg, al wonen er managers die hun baan zullen verliezen. Hier rekenen burgers Blair donderdag ook af op gezondheidszorg, het onderwijs, de belastingen en de misdaadcijfers. Hier houden de parlementsverkiezingen van 2001 generale repetitie.

,,Edgbaston is een cruciale toets voor de twee grote partijen'', zegt David Chambers, de campagnemanager van de Tories in de elf deelgemeentes van Birmingham en zelf kandidaat voor `Westminster' namens het naburige Wolverhampton. ,,De uitslag is moeilijk te voorspellen'', aldus Chambers. ,,Na een lastige tweeënhalf jaar heeft William Hague zijn rol als partijleider eindelijk gevestigd. Nu moet voor het eerst blijken of zijn programma ook bij de kiezers aanspreekt.''

Hague's kruistocht tegen Europa lijkt aan te slaan. Maar het is de vraag of hij ook een snaar heeft geraakt met zijn recente pleidooien tegen de aanhoudende stroom `nep-asielzoekers', de roep om law and order en zijn voorstel om burgers die een inbreker neerschieten niet langer voor moord te vervolgen. Als zulke ideeën succes hebben bij de rechterflank van zijn partij, kunnen ze het centrum matig boeien. Zo heeft Stephen Norris, die namens de Tories donderdag naar het burgemeesterschap van Londen dingt, de partijleiding kortgeleden ,,in de kern racistisch'' genoemd.

In een stad als Birmingham, de op één na grootste van het land met grote aantallen Bengaalse, Pakistaanse, Indiase en Afro-Caraïbische Britten, is het spelen van de `rassenkaart' al helemaal geen aanbeveling om teleurgestelde Labourstemmers te trekken. Veel minderheden hebben daar trouwens eigen partijen die het mogelijk zeer goed zullen doen.

Labour heeft nu relatief veel wethoudersposten, de erfenis van gunstige gemeenteraadsuitslagen uit haar oppositietijd. In de Britse landspolitiek lijken de wittebroodsweken definitief voorbij. Niet alleen wordt de oppositie effectiever, Blair kampt ook met toenemende kritiek uit eigen gelederen. Op de wachtlijsten voor een hartoperatie, op de aanhoudende puinhoop in het openbaar vervoer, op het prestatieloon voor onderwijzers, op zijn vermeende manipulatie van de Londense burgemeestersverkiezingen, op het dure pond dat de export hindert en op zijn spin doctors die elke besluit van een laagje teflon voorzien. Dat `Old' Labour uit protest Tory stemt, lijkt ondenkbaar, maar wel zouden ze donderdag gewoon weg kunnen blijven.

Labour kijkt daarom naar een zeker verlies en de Tories kunnen op winst rekenen. Onzeker is echter hoeveel zetels verlies Blair écht pijn doen en bij hoeveel zetels winst Hague werkelijk van een comeback kan spreken.

Labour dekt zich alvast in door te zeggen dat Hague pas bij zevenhonderd raadszetels winst succesvol zijn, ongeveer het aantal dat ze in 1996 kwijtraakten. De Conservatieven zeggen dat tweehonderd zetels winst al een ramp is voor Blair. In werkelijkheid ligt voor beide partijen ergens tussen de driehonderd tot vierhonderd, zo lijkt de consensus.

Voor de derde partij, de Liberal Democrats, zijn deze verkiezingen ook een proef. Het zijn de eerste verkiezingen onder Charles Kennedy, de opvolger van Paddy Ashdown.

De LibDems moeten het in het noorden van het land vooral opnemen tegen Labour en in het rijkere zuiden is de Conservatieve partij de sterkste tegenstander. Het `Britse D66' heeft al langer gebrek aan onderscheidend vermogen. Voor de erudiete maar weinig charismatische Kennedy is dit een kans te voorkomen dat zijn partij over een jaar onzichtbaar is geworden.