Kunstprijzen voor Wijnberg en Toebosch

De zes tweejaarlijkse oeuvreprijzen van het Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst zijn voor het jaar 2000 toegekend aan beeldend kunstenaars Nicolaas Wijnberg, Stanley Brouwn en Moniek Toebosch, sieraadontwerper Chris Steenbergen, de landschapsarchitect Louis le Roy en kleuradviseur Wim van Hooff.

Het Fonds BKVB geeft zijn nieuwe prijs, de Benno Premselaprijs van 50.000 gulden, vernoemd naar vormgever Benno Premsela (1920-1997) en bestemd voor een persoon die een inspirerende, stimulerende rol speelde voor verschillende generaties kunstenaars, aan galeriehouder Albert Waalkens in Finsterwolde. `Boer' Waalkens richtte in de jaren zestig een galerie op in zijn stal en bood kunstenaars met hun gezinnen onderdak op zijn landgoed. Zijn tentoonstellingen trokken zowel vele Nederlandse jonge kunstenaars, alsook buitenlandse collega's van naam. De oeuvreprijzen, elk 50.000 gulden, gaan naar kunstenaars met een bijzondere staat van dienst en een belangrijk oeuvre, aldus het Fonds, dat als landelijke instelling subsidies verstrekt aan individuele beeldend kunstenaars, vormgevers en architecten.

De realistisch werkende schilder-autodidact Wijnberg (1918) maakte behalve schilderijen en grafiek ook affiches en theaterdecors. Stanley Brouwn (1935) speelde in de jaren zestig een belangrijke rol in de ontwikkeling van de conceptuele kunst en werkte projecten uit over de wisselwerking tussen ruimte en tijd, afstand en maat. Moniek Toebosch (1948) initieerde als beeldend kunstenaar, performer, regisseur en geluidskunstenaar tijdelijke projecten op verschillende gebieden en op uiteenlopende locaties. Vooral haar radioproject Engelen, waarbij automobilisten op de dijk Enkhuizen-Lelystad op engelengezang konden afstemmen, kreeg in 1994 veel aandacht. De edelsmid Chris Steenbergen (1920) heeft behalve objecten vooral sieraden gemaakt van geometrische vlakken en edele metalen. Louis le Roy (1924) is de pleitbezorger van wilde tuinen, om de scheiding tussen cultuur en natuur op te heffen. In het Friese Mildam werkt hij al decennia lang aan een Eco Kathedraal, een bouwsel van zorgvuldig gestapeld afval. En Wim van Hooff (1918), tenslotte, wordt geprezen om zijn grote kennis van kleur, materiaal en lichtinval, toegepast bij het ontwerpen en restaureren van woonhuizen en openbare gebouwen. Hij maakte deel uit van de Bossche school, geënt op het theoretische werk en de maatstelsel van de monnik/architect Dom H. van der Laan (1904-1991). Alle prijzen zullen in december worden uitgereikt.