Skraelings in Vinland

Hoort Groenland nu wel of niet bij Amerika? Je zou haast in verwarring raken, want vooral aan de overzijde van de Atlantische Oceaan (en op IJsland) wordt dit jaar plechtig gevierd dat 1000 jaar geleden Amerika werd ontdekt. In het jaar duizend landde de Noorman Leif Eriksson op Newfoundland: het legendarische Vinland (`wijnland') uit de IJslandse sages. De eerste Europeanen in Noord-Amerika, jubelt first lady Hillary Rodham Clinton in het voorwoord van de prachtige wetenschappelijke catalogus Vikings. The North Atlantic Saga (W.W. Fitzhugh. E.I. Ward eds. Smithsonian Institute 2000). Vandaag begint de gelijknamige tentoonstelling in het Smithsonian Institute te Washington (tot 13 augustus). Met Leif Eriksson werd de cirkel van de mensheid gesloten: de Vikings uit Europa stuitten er op de indianen die uit Siberië waren gekomen.

De echte Europese ontdekking van de Nieuwe Wereld is natuurlijk ouder, want Leif vertrok nota bene uit Groenland, waar zijn vader Erik als eerste Europeaan in 982 voet aan wal zette. Deze in Noorwegen geboren Erik de Rode was wegens moord verbannen uit IJsland en besloot toen de verhalen van uit koers geslagen Vikingen over land in het westen te gaan onderzoeken. Dat daar land moest zijn, was ook af te leiden uit de jaarlijkse trek van de Grote Alken (een pinguïnachtige niet-vliegende zeevogel die in 19de eeuw is uitgestorven) die iedere zomer wegzwommen van IJsland (en Groenland), om te broeden in wat we nu noemen Newfoundland. Het in bezit nemen van nieuw land kon in de Vikingwereld leiden tot veel eer en rijkdom. Zo ook voor Erik. In 985 voer een koloniseringsvloot van vijfentwintig vikingschepen van IJsland naar Groenland. Het zegt wel iets over de gevaren van de zee dat daarvan slechts veertien de vruchtbare diepe fjord in Zuid-Groenland bereikten waar Erik zijn basis Brattahlid (het huidige Narsarsuaq) had gesticht. Later werd nog een tweede meer westelijk gelegen kolonie gesticht. Erik en de zijnen profiteerden van een tijdelijke opwarming van het klimaat, die duurde tot in de veertiende eeuw. In de loop van de vijftiende eeuw werden de Groenlandse nederzettingen noodgedwongen weer verlaten. In de elfde eeuw woonden ongeveer 1.000 Vikingen op Groenland.

Verdere kolonisering is er niet geweest. Wel stichtte Leif Eriksson, `beroemd om zijn matigheid in alles' in het jaar 1000 Straumfjord c.q. Leifsbudir (het kamp van Leif) in Newfoundland, 3.200 km varen van Brattahlid, als basis voor verdere verkenningen. Maar omdat de Noormannen al snel op veel en nogal vijandig gestemde indianen stuitten, bleek kolonisering er te gevaarlijk. In Groenland daarentegen woonde vrijwel niemand. Lang is de basis van Leif dan ook niet bemand geweest, enkele tientallen jaren (met tussenpozen) op zijn hoogst. Veel ontzag hadden de Noormannen overigens niet voor de indianen (en Inuit) die ze ontmoetten. Skraelings werden de inboorlingen genoemd: een Noors scheldwoord voor `bange zwakkelingen'. De sages uit de dertiende eeuw vertellen onder meer hoe Eriks zwangere bastaarddochter Freydis bij een van de precaire schermutselingen in het zuiden van Newfoundland haar op de vlucht geslagen landgenoten bespotte: `dan kan ik het nog beter dan jullie!' Ze greep een zwaard van een gesneuvelde Noorman en sloeg dat tegen haar ontblote borst. Zo ging ze op de indianen af, die voor dit nogal ongewone gezicht op de vlucht sloegen.

Eeuwenlang behoorde Leif Eriksson tot de wereld van de legendes. Vinland zou hij het gebied rondom zijn basis hebben genoemd: wijnland! Onbewezen maar wel aannemelijk is ook dat Columbus toen hij in 1477 IJsland (en Ierland) bezocht, van deze verhalen heeft gehoord. En in de negentiende eeuw werden de `Amerikaanse Vikingen' zelfs een heuse hype in de VS, waarbij de ene indiaanse vondst na de andere voor `Noors' werd aangezien. In Groenland werden al wel Noorse ruïnes gevonden, maar omdat dat gebied onder Deens bestuur stond, spraken die minder aan dan Vikings in het échte Amerika. Die aanwezigheid werd pas bewezen met de ontdekking van Leifs basiskamp in Noord-Newfoundland in L'Anse aux Meadows in 1961. De Noorse schrijver Helge Ingstad was daar gaan zoeken op basis van een zeventiende-eeuwse IJslandse kaart van Sigurdur Stefanson waarop die plaats `Vinland' was ingetekend. Vrijwel alles bleek te kloppen, zelfs de druiven. Want in L'Anse aux Meadows werden niet alleen de resten van acht Noorse gebouwen gevonden, maar ook twee witte walnoten: een noot die groeit in Zuid-Newfoundland, waar óók wilde druiven voorkomen. De noten bewijzen dat de Noormannen daar ook daadwerkelijk geweest zijn.

Maar hoe spannend de verhalen en hoe opzienbarend ook het onderzoek, nergens in Vikings, the North Atlantic Saga wordt verhuld dat de invloed van de Noormannen in Amerika zeer gering en marginaal is geweest.

Hendrik Spiering

www.mnh.si.edu/exhibits/vikings/