Met blindheid geslagen

Zou het internet nou eigenlijk niet naast opium en LSD op de lijst van verdovende middelen gezet moeten worden? Of als heksenbroed verboden, verbannen en verbrand? Het heeft zeker een zinsbegoochelend en bewustzijnsveranderend effect. Dat zie je bij talloze gewoonlijk redelijk verstandige beleggers, bij overigens niet onintelligente politici en bestuurders en bij heel wat journalisten. Niet zodra komen zij met het internet in contact of alle remmen gaan los en het gezond verstand blijft op het nachtkastje liggen.

Neem nou de programmamakers van Netwerk. Die hadden een nieuw verschijnsel ontdekt, de `daytrader'. Een daytrader is een particulier die van achter zijn pc op zijn eentje in aandelen speculeert, maar dan zo dat hij aan het eind van elke dag zijn hele portefeuille weer liquide maakt. 's Nachts heeft hij wel geld maar geen aandelen, overdag is het andersom. De kunst is om aan het eind van de dag met iets meer geld te eindigen dan je begon, door telkens de schuimkopjes op de beursgolven te pakken. Dat kan pas sinds kort, via het internet, waardoor je de tussenkomst van logge banken en effectenkantoren kunt omzeilen en thuis over absoluut actuele koersinformatie kunt beschikken.

Het leek een mooie curiositeit ter afwisseling van de dagelijkse zwarigheid van Kosovo en koningshuis, die nog extra opgeleukt kon worden dankzij een creatieve uitbater van een website over online beleggen. Die kon mooi vanuit een videovenstertje in zijn eigen website praten, en dat leek de redactie wel wat. Pratende hoofden zijn er uiteindelijk al genoeg, veel leuker als zo'n hoofd dan eens uit het internet zelf komt, omringd door de vrolijke kleurtjes van het Web.

Het resultaat was een minutenlange reclamespot voor 's mans commerciële website, waarop hij beleggingscursussen aanbiedt. Want boven dat lollige videovenstertje stond in koeien van letters — als ik het goed heb gezien zelfs extra groot voor de gelegenheid — steeds de naam, annex het adres van de onderneming (die overigens op de echte openingspagina in het jaar 100 blijkt te verkeren — nog steeds een millenniumprobleempje, wat toch een weinig zorgvuldige indruk maakt). Had de redactie toch bij het horen van het woord internet zelfs op slag de oudste Wet Van Hilversum vergeten: Gij zult geen reclame maken, of de heren van het Commissariaat voor de Media zullen u flink laten bloeden! Wat zal die site-eigenaar, die heel goed wist wat hij deed en zijn optreden ook op zijn eigen site aankondigde, gelachen hebben. Ben benieuwd hoeveel Netwerk voor deze stommiteit moet dokken, of zou ook het Commissariaat door het internet met blindheid geslagen zijn?

Al even verblind door het internet is het grootste softwarebedrijf ter wereld: Microsoft. Die verblinding is oorzaak van een flink deel van zijn huidige problemen.

Microsoft stelde zich van meet af aan enorm agressief op tegenover alles wat maar naar concurrentie zweemde. Heel in het begin was dat vooral een kwestie van afpakken en wegwezen, zoals vechtersbaasjes op een schoolplein hun minder hanige klasgenootjes hun knikkerzak afhandig maken om er zelf knikkermiljonair mee te worden. Vergeet niet dat MS-DOS, waarmee Bill Gates zijn zegetocht naar Oom Dagobert-status begon, alleen maar een hap-snap aanpassing was van een zelfmaakproduct van een kennis van Bill uit Seattle, QDOS geheten, `Quick and Dirty Operating System', dat op niet helemaal kosjere wijze aan die jongen ontfutseld werd toen Bill aan IBM wel snel een besturingssysteem beloofd had voor de nog ongeboren IBM-pc, terwijl hij daar niet werkelijk over beschikte. Naarmate Microsoft groeide, maakten de ongeremde jongensvuisten plaats voor volwassen ellebogenwerk in de vorm van koppelverkoop en dreigen met uitsluiting.

Dat was allemaal misschien niet netjes, maar ook niet ongebruikelijk. Er zijn wel meer bedrijven die op zo'n manier zaken denken te moeten doen, en vaak hebben ze nog succes ook. De schaamtelozen hebben nu eenmaal de halve wereld, en zelfs als het bezit van een monopolie verboden is, mag je er nog altijd wel naar streven.

Totdat het internet om de hoek kwam kijken was het ook geen irrationele werkwijze. Je maakt een samenstel van bij elkaar passende producten, op een gemeenschappelijke basis, in dit geval het besturingssysteem Windows, je zorgt dat de concurrentie daar technisch moeilijk bij kan aanhaken zodat Windows-gebruikers ook de rest van hun benodigdheden bij jou komen kopen, en je markt is, als je groot genoeg bent, verzekerd. Althans, totdat er iemand opstaat die een zoveel beter totaalpakket kan aanbieden dat je klanten weghollen. Lego doet precies hetzelfde, daar passen ook geen Playmobil-onderdelen op.

Maar het internet veranderde alles, iets dat Bill Gates aanvankelijk leek in te zien maar vervolgens vergat. De essentie van het internet is dat het alles aan elkaar knoopte tot één vloeiend amalgaam zonder duidelijke grenzen tussen domeinen of producten. Een gruwel, vond Gates. Want weg was de waarde van onneembare eilanden van samenhangende productpakketten die zo incompatibel mogelijk waren met het spul van de concurrentie. Het aloude forte was ineens een gigantische hinderpaal. Wie niet naadloos kon aansluiten, sloot zichzelf buiten.

Die draai kon Microsoft niet maken, terwijl het bedrijf het internet ook niet kon negeren. Dus verzon Gates een eigen weg: in plaats van zichzelf zou het alle anderen buitensluiten. Het internet, smeltkroes par excellence, zou met geweld worden omgevormd tot een van vreemde smetten vrije Microsoftwereld. Het resultaat is dat Microsoft hard op weg is om, als het Oostenrijks-Hongaarse Rijk na de verloren Eerste Wereldoorlog, in stukken gehakt te worden.

Was het hoogmoed? Ongebreidelde hebzucht en afgunst? Of was het bezitsdrang gepaard aan gebrek aan inzicht in de aard van het internet, dat gewoon geen geschikte biotoop is voor een reincultuur? In elk geval onderschatte Microsoft waar het aan begon, zoals alle would-be wereldheersers sinds het begin der tijden onderschat hebben wat het betekent om een oorlog te ontketenen tegen alles en iedereen. Zo'n oorlog valt alleen in computerspelletjes definitief te winnen.