IJZIGE MAAN VAN NEPTUNUS TOCH BIJZONDER ACTIEF

Triton, de grootste satelliet van Neptunus, is een van de geologisch meest actieve satellieten in het zonnestelsel. Dat concluderen de Amerikaanse astronomen Alan Stern en William McKinnon op grond van nieuw onderzoek aan de inslagkraters aan het oppervlak van deze maan. Die grote activiteit is opmerkelijk omdat Triton tevens een van de koudste objecten in het zonnestelsel is. Aan het met ijs bedekte oppervlak heersen temperaturen rond de 235 graden onder nul: slechts 38 graden boven het absolute nulpunt. Bovendien is Triton met zijn diameter van 2.700 kilometer kleiner dan onze maan. Hoe kan hij dan nog geologisch actief zijn?

Toen de Amerikaanse ruimtesonde Voyager 2 in augustus 1989 op korte afstand langs Triton vloog, zag hij aan het oppervlak betrekkelijk weinig kraters van komeetinslagen. Hieruit werd afgeleid dat de sporen van die kraters door ijsvulkanisme bij zeer lage temperatuur (cryovulkanisme) worden uitgewist. Het nu zichtbare oppervlak zou niet ouder dan zo'n miljard jaar kunnen zijn. In de jaren negentig werd echter net buiten de baan van Neptunus een gordel van komeetkernen ontdekt, de zogeheten Kuipergordel, die een extra bron van inslagen blijkt te zijn. Triton wordt dus door veel meer objecten belaagd dan tot dan toe werd aangenomen.

In de Astrophysical Journal (119, p. 945) laten Stern en McKinnon nu zien dat de kleinste kraters op Triton veroorzaakt zijn door objecten met een diameter tussen ongeveer 100 meter en 10 kilometer: precies die diameters die bij de objecten in de Kuipergordel het meest worden verwacht. Op grond van de veel grotere inslagfrequentie leiden de twee astronomen af dat de sporen aan het oppervlak van Triton slechts 100 miljoen jaar oud kunnen zijn. Triton is 98 procent van zijn bestaan geologisch actief geweest en waarschijnlijk is hij dat ook nu nog, aldus de twee astronomen: het zou wel heel toevallig zijn als de activiteit net voordat wij er gingen kijken was gestopt.

Zij hebben berekend dat op Triton per jaar zo'n 0,01 kubieke kilometer materiaal wordt verplaatst: een waarde die veel groter is dan die van alle andere satellieten in het zonnestelsel. De enige uitzonderingen zijn Io en Europa, de twee grote manen van Jupiter die door de getijdenwerking van deze reuzenplaneet worden `gekneed' en verwarmd. Bij Triton doet dit verschijnsel zich echter niet voor. Stern en McKinnon denken dat in Triton door het verval van radioactieve elementen blijkbaar nog steeds voldoende warmte wordt opgewekt om in de mantel temperaturen van boven de 200 K in stand te houden: voldoende hoog voor cryovulkanisme.