Duur doen over democratisering

Hulp aan media wordt belangrijk geacht voor de democratisering van de Balkan. Maar Westerse organisaties die de media moeten helpen beconcurreren elkaar, op zoek naar donorgelden.

Het is natuurlijk allemaal goed bedoeld. En een deel van het geld wordt ook goed besteed. Maar er hapert wel het een en ander aan de manier waarop Westerse landen steun verlenen aan `onafhankelijke' media op de Balkan.

Het meest pijnlijke voorbeeld is het televisiestation dat voor bijna veertig miljoen gulden werd opgezet in Sarajevo. Het meeste geld ging naar een leger van Westerse adviseurs, het nieuwe station veroorzaakte een leegloop bij andere media en het eindresultaat was een tv-station dat door het publiek gezien werd als een buitenlandse zender - en dus als ongeloofwaardig. Met enige ironie werd het in de volksmond TV-Bildt genoemd, naar de toenmalig Hoge Vertegenwoordiger van de VN in Bosnië.

Maar meestal gaat het op kleinere schaal mis: een krant die niet zo onafhankelijk is als het leek, lokale media die meerdere malen geld krijgen voor aanschaf van dezelfde apparatuur.

Het geld komt van grote donoren als de Europese Commissie en nationale overheden. De projecten worden uitgevoerd door tientallen niet-gouvermentele organisaties (ngo's), die allemaal min of meer hetzelfde doel hebben. Gevolg: concurrentie en een gebrek aan coördinatie, zeggen de ngo's zelf. A. White, secretaris-generaal van de Internationale Federatie voor Journalisten: ,,Omdat we vissen in dezelfde vijver met donorgeld schrijven we goed klinkende projectvoorstellen die hopelijk aanspreken bij de geldschieters.''

In die voorstellen staan veel woorden als `democratisering' en `promotie van verantwoordelijke journalistiek'. ,,Als al die doelen gehaald zouden zijn, dan was de Balkan nu het vredigste en meest democratische deel van Europa'', aldus White. Eerlijke evaluatie van de projecten ontbreekt volgens hem omdat betrokken organisaties zich niet in hun eigen vingers willen snijden bij een volgende aanvraag.

Neem de trainingen voor journalisten. Het idee is simpel: leer verslaggevers op de Balkan hoe onderzoeksjournalistiek werkt of hoe zij eerlijk verkiezingen moeten verslaan. Goed voor de democratie! Westerse journalisten worden naar de regio gestuurd om een groepje lokale verslaggevers te vertellen hoe het moet.

Maar dan gaat het mis. ,,De buitenlandse journalisten die hier komen om trainingen te geven hebben geen verstand van de problemen waarmee wij kampen'', zegt F. Nazi, voormalig directeur van het Open Society Instituut in Albanië. Die problemen zijn: geldgebrek, financieel afhankelijk van lokale sponsoren met politieke connecties, angst voor hoge boetes wegens smaad en indirecte of directe bedreigingen van een onwelgevallige overheid.

Nazi: ,,Zonder kennis daarvan hoef je mij niet te vertellen hoe ik nieuws moet brengen. Bovendien zijn de trainingen heel algemeen, niet concreet.'' Omdat het publiek meestal bestaat uit Engels-sprekende journalisten die al vaker cursussen hebben gevolgd, is een lezing over `objectiviteit' voor hen weinig leerzaam.

Hetzelfde geldt volgens S. Pecanin, hoofdredacteur van het weekblad Dani in Sarajevo, voor ,,dure conferenties'' over onderwerpen als conflict-preventie of ethiek in de media. ,,Dat klinkt sexy, maar er komt een passief publiek dat aan zulke wijsheden niets heeft.''

Toch organiseren veel niet-gouvermentele organisaties nog altijd trainingen en conferenties. De reden is dat donoren het willen, zegt A. van Heteren, media officer van de OVSE in Kosovo: ,,Met trainingen steken ze hun nek niet te ver uit, het is lekker veilig.'' De ngo's weten dat hun voorstel om trainingen te organiseren waarschijnlijk gehonoreerd wordt, en spelen daarop in. Zij moeten nu eenmaal ook hun personeel betalen.

Het gebrek aan samenwerking tussen ngo's is ,,doodzonde'', volgens Paul Staal, directeur van Press Now. Hulporganisaties uit verschillende landen herhalen elkaars projecten, geven geld of apparatuur aan dezelfde media, trainen dezelfde journalisten. Meer coördinatie van de mediahulp is noodzakelijk, volgens Staal. Press Now werkt inmiddels samen met vier soortgelijke organisaties, maar veel andere donoren dienen nog altijd het liefst hun eigen projectvoorstellen in.

Is het allemaal zinloos? Nee, over het direct financieren van armlastige media zijn de meningen positiever. Computers voor een onafhankelijk krantje in Tuzla, zendapparatuur voor een radiostation in Nis, aanschaf van papier voor een krant in Tirana. Het drukt de kosten. Zonder deze steun van buitenaf zouden verschillende onafhankelijke media in de regio allang ter ziele zijn gegaan, zeggen verschillende betrokkenen. ,,Als je het maar op elkaar afstemt'', aldus Staal.

Het onafhankelijke persbureau Beta in Belgrado probeert al jaren haar eigen broek op te houden, maar slaagt daar nog niet in. Hoofdredactrice L. Markovic: ,,Ondanks alle negatieve aspecten van de hulp aan media is het nog steeds erg nodig. Zonder steun uit het Westen zouden wij nu failliet zijn geweest.''