Wegwezen was vaak het beste

Niet het spelen is het zwaarst, maar elke keer weer je plek moeten bevechten. Acteur Harry van Rijthoven vond zijn plek bij toneelgezelschap De Trust.

Eerst huilend, dan lachend gaat de oude man dood. Zijn sterfscène duurt lang, de ademhaling wordt steeds zachter. Hij draagt een wit kleed, zijn lange grijze haren glanzen. De stilte treedt in. Plots, uit de hoogte van het theater, dondert met oorverdovend kabaal een mud aardappelen naar beneden, gruis stuift de zaal in. De toeschouwers schrikken. De betovering van het doodgaan is in één keer verbroken.

De acteur is Harry van Rijthoven. Na de voorstelling vertelt hij: ,,Dat is de oerknal waarmee ik terug het universum in word geslingerd. Op het sterfbed heb ik ernaar verlangd dat reïncarnatie bestaat. Ik wilde terugkeren op deze aarde, als vrouw, als aardappel, als Wiener schnitzel, als wat dan ook. Ik kon niet geloven dat de dood onherroepelijk is.''

Van Rijthoven speelt, samen met Jappe Claes, de voorstelling India. Vijf jaar geleden werd het stuk geschreven door twee Oostenrijkse cabaretiers, Josef Hader en Alfred Dorfer. Het gaat over twee eenzame mannen uit Wenen, Bösel en Fellner, die samen tien Oostenrijkse hotels en hotelletjes per dag moeten controleren op hygiëne, kwaliteit van de schnitzels, badkamergemak en andere noodzakelijkheden. Ze zijn voor enige tijd aan elkaar uitgeleverd en, vooral, veroordeeld tot het eten van talloze schnitzels. Soms komt er geen water uit de douche of springen de veren dwars door de matras in hun rug. Aanvankelijk haten ze elkaar, geleidelijk ontstaat diepe vriendschap.

Sinds vijf jaar is Harry van Rijthoven (Tilburg, 1950) met zijn scherpe gezicht, wat toegeknepen ogen en hese stem een opvallend acteur bij het gezelschap De Trust uit Amsterdam. Hij kan goed jennen en op een enge manier temen. Zo maakte hij van Polonius in Hamlet een dubbelhartig, laf heerschap met een wrang soort tragiek. Het werd een glansrol. Nooit was hij een `jeune premier', en het hindert hem niet. ,,Mijn carrière is wel een van de grilligste die een acteur zich kan voorstellen'', zegt hij in het souterrain van zijn Amsterdamse huis, schuin tegenover Paradiso en op steenworp afstand van de Stadsschouwburg aan het Leidseplein.

De halve ramen, verscholen achter een ijzeren hekwerk, geven uitzicht op de villa's langs de Singelgracht die Carel Willink nog schilderde. ,,Voor een acteur is dit wel een ideale plek om te wonen. Toen ik hier pas verzeild raakte, dacht ik: `Als ik in de Schouwburg speel, dan loop ik er rustig heen. Als naar mijn eigen achtertuin.' En vervolgens speelde ik in de Schouwburg. De Balie en Paradiso zijn nog dichterbij, en ook daar stond ik. Ik kon me thuis schminken en zo de straat oversteken.''

Waanwijsheden

,,Bij de eerste repetitie van India moest ik sterk aan Beckett denken. Mannen die er samen op uit gaan, het thuis niet op orde hebben. Wachten op Godot, gespeeld door wat sleetse komedianten. De een heeft een afkeer van zijn vrouw en de vriendin van de ander is overspelig. Ook de film Of Mice and Man, naar het boek van Steinbeck, inspireerde me. Ik zie telkens weer hoe de grote man met zijn woeste handen die muis doodknijpt, dat boerenmeisje doodt. Er bestaat een klein standsverschil tussen de twee. De `iets meerdere' dat ben ik, Fellner, hygiënecontroleur met een drang naar het hogere. Dat laatste stelt niets voor. Hoogstens de avondschool gedaan. En met mijn waanwijsheden maak ik Bösel gek. Regisseur Peter de Graef won als acteur de Louis d'Or met zijn rol van De wereldverbeteraar van Thomas Bernhard. Ik zit ook op een troon, net als die wereldverbeteraar. En jen naar hartelust. Toch groeit er een onvoorwaardelijke vriendschap tussen die twee.''

Tijdens het gesprek verwijst Van Rijthoven regelmatig naar films, boeken, andere toneelstukken, onvergetelijke voorstellingen en regisseurs van vroeger die hem vormden. ,,Ouder worden is voor een acteur een zegen, ik heb er geen enkele moeite mee. Ik ga graag met oudere mensen om. Ik vind hen per definitie interessant, ze hebben veel meegemaakt. Ik was de jongste in een gezin van vijf en keek dus altijd naar broers en zussen op. Bij het gezelschap De Trust ben ik de oudste speler. Ik denk dat een acteur zich vanzelf verrijkt naarmate hij ouder wordt. Niet alleen door de stukken die hij speelde of de boeken die hij leest, ook door het leven zelf. Sinds twee jaar geniet ik het voorrecht vader te zijn. Ook gaan er mensen dood die je dierbaar waren, je ouders verdwijnen, met het klimmen der jaren nemen je verantwoordelijkheden toe. Dat geeft diepgang aan je spel. De techniek zal niet veranderen, die blijft gelijk, maar door de ouderdom win je aan veelzijdigheid. Een veelzijdige rol spelen is het mooiste wat er is.''

Dat Van Rijthoven acteerde in literaire repertoirestukken als Faust, De Kersentuin, Tartuffe en Hamlet wekt verbazing wanneer hij praat over zijn passie van vroeger: het circus. ,,Tilburg is de eerste circusstad van Nederland. Op het plein waar wij woonden, kwam wel zes keer per jaar een circus. Ik was een klein scheel jongetje met een bril met één matglas erin, piekhaar, korte broek aan en daaronder dunne beentjes - en daarom mocht ik overal in, al stonden er hekken om het circus. Samen met de oppassers sliep ik in het stro tussen de olifanten.

,,Ik was een dromer met een sterke drang weg te gaan van het alledaagse, net zoals in La Strada van Fellini het circus achterna. Wij woonden in een eenvoudige buurt, mijn ouders zijn van boerenkomaf. Soms hoorde je 's avonds laat ineens kamelen en olifanten door de straat sloffen, want die circussen waren arm en de dieren werden per goederenwagon vervoerd. De tijgers en leeuwen niet, die zaten in kooien. Ik sprong dan uit bed en zag in het schemerduister kamelen voorbij komen. Ik droomde van de wereld van het circus, wilde erbij horen. Circus is spelen, tuimelen, duikelen, goochelen, zwaaien aan de rekstokken. Het is clownerie en commedia dell'arte.''

Schateren

,,Voor kinderen uit de buurt begon ik acts van de clowns na te bootsen. Mijn eerste zelfverdiende geld: vijf cent per kind. Nog steeds hoor ik hen schateren, dan weer waren ze stil of ontroerd. Ik kon hen laten schrikken of bang maken. Bij een circus willen horen, en later bij een toneelgezelschap, heeft ook een andere kant. Het biedt een veilige wereld. Ik ben nogal snel geëmotioneerd en dan biedt niets meer houvast dan de bescherming door een groep. Een schoolvoorstelling van Goldoni's De knecht van twee meesters in 1963, geregisseerd door Erik Vos voor zijn toenmalige gezelschap Arena, was een openbaring. Ik kon mijn ogen niet geloven. Daar glom en twinkelde in het licht van schijnwerpers die wereld waarvan ik droomde.

,,Het bestond dus echt. Ik moest het zelf zien te vinden. Ik ben verlegen maar moed kan me niet ontzegd worden. Ik wist dat er maar één stad was waar ik heen wilde: Amsterdam. Dus niet naar de Toneelschool van Maastricht of Arnhem. Het leek me een slecht idee de ene provincieplaats in te ruilen tegen de andere. Bovendien woonden mijn broer en zuster al in Amsterdam. Ik vond het verrukkelijk in de trein de spoorbruggen van de grote rivieren over te steken en dan het weidse Holland binnen te rijden, dat lieve maar donkere en verstikkende Brabant achter me te laten.

,,In Amsterdam was het elke dag carnaval. Ik wist dat ik een speler was, maar dan ben je nog geen acteur, hoe desperaat ik dat ook verlangde. Toelating tot de Toneelschool mislukte, ik begreep er niets van. Ik ben er de persoon niet naar om via een achterdeur het toneel binnen te komen. Dus studeerde ik Nederlands, deed daarna dramaturgie waar ik losbarstte in het Universiteitstheater. Ik bewerkte en speelde Brief aan Generaal Franco van Havel en speelde in de tennisjurk van de regisseuse en de pumps van mijn zus een soubrette in een absurd Pools stuk. Genoot van hoorcolleges en improvisatielessen, en ging vervolgens toch naar de Toneelschool in Arnhem.

,,Vier jaar ben ik ginds opgesloten geweest in de klaslokalen. Daarna snel terug naar Amsterdam. Dat viel tegen, ik laat me zo snel imponeren door acteurs uit de grote stad. Ik speelde een paar rollen bij Toneelgroep Theater, bij Baal. En ging telkens weer weg. Dat kon gelukkig, ik had kind noch kraai. Ik begon een solo te spelen, Harry's Christmas van Steven Berkoff. Over een man die alleen kerstmis viert. Hij telt zijn kerskaarten en komt tot de ontdekking dat het er elk jaar minder zijn. Uiteindelijk pleegt hij zelfmoord. Ik was niet onbekend met een eenzame kerst. Ik heb op die dagen hier weleens aan het raam gestaan en zag in het huis aan de overkant hoe mensen dansten bij de open haard. Om niet elke avond alleen die monoloog te hoeven doen, huurde ik drie zangeresjes in die mij en de voorstelling opvrolijkten. Met een solo de boer opgaan in de provincie is als een cursus zelfhaat.''

Wegwezen

Van Rijthovens ongedurige carrière heeft nu, bij De Trust in Amsterdam, een rustpunt gevonden. Bij eerdere gezelschappen maakte hij zich uit de voeten als zijn zelfvertrouwen werd aangetast. ,,Wegwezen leek me dan het beste'', erkent hij. ,,Wanneer mensen mij lelijk of slecht beoordelen, dan moet ik altijd toegeven dat daar misschien een kern van waarheid in schuilt. Als toneelspeler ben je autonoom, je mag anderen hun oordeel nooit verwijten.Je bent zelf verantwoordelijk. Je bent uit vrije wil aan het toneel.

,,Het spelen is niet het zwaarste. Zwaar is om telkens weer je plaats te bevechten. Je bent afhankelijk van mensen die je goed vinden. In Nederland heeft vijf procent van de acteurs altijd werk, vijf procent nooit en negentig procent soms wel en soms niet. Degenen die altijd werk hebben, worden in hun talent bevestigd. Voor mij kwam het als een geschenk dat ik, dertien jaar geleden, door Aart Staartjes werd uitgenodigd om te gaan spelen in het jeugdprogramma Klokhuis. Dat geeft houvast. We komen eens in de zoveel maanden bij elkaar, repeteren kort en spelen meteen. In de studio is een berg vol kleren voorhanden, kasten met rekwisieten. Daaruit kies je en je speelt je rol. Het is eigenlijk precies hetzelfde als toen ik in mijn kindertijd een clown speelde.

,,Toen Theu Boermans van De Trust me belde om in te vallen bij Faust was dat opnieuw zo'n gelukkig moment. Wie gaat acteren, weet dat hij een lange loopbaan tegemoet gaat. In de meeste gevallen veertig jaar. Je moet geen haast hebben, het is werk met een lange adem. Ik denk vaak aan de woorden die Hamlet tot Horatio richt: `Ik tart de voortekens. Geen mus valt ter aarde, of het is voorbeschikt. Als het nu moet zijn is het niet in de toekomst. Is het niet nu, dan komt het nog. Bereid zijn is alles.'

,,Dat laatste vormt ook de kern van de voorbereiding op een rol of een voorstelling. Steeds sterker richt je je op het moment van aanvang, van acht uur, half negen. Niets anders is meer belangrijk. Het is een vorm van fysieke en mentale concentratie om samen met de toeschouwers de alledaagse wereld te verlaten en die wonderlijke wereld van de voorstelling binnen te gaan. Ondanks de zwaarte van een rol of voorstelling, zoals India, wil ik dat een toeschouwer ook kan lachen. Je kunt wel zwaar gaan zitten grübeln op het toneel, maar daarmee beeld je als acteur slechts de halve mens uit.

,,Ik blijf altijd op zoek naar de absurditeit. Stel, ik zou Macbeth spelen, dan zou ik ondanks de machtswaanzin uit dat stuk op een gegeven moment toch in lachen uitbarsten. Al was het maar uit gekte. Macbeth die zichzelf in de spiegel ziet. Ook Hamlet is zo'n figuur. In alle ernst toont hij de lichtheid van zijn situatie. Waarom zou hij niet durven vechten? Als hij dood zou gaan, is dat al voorbestemd. Daarom kruist hij met Laertes de degens. Gepieker maakt zwaar en dadenloos. Dat wil Hamlet niet. Hij blijft in de zwartgalligheid de gek spelen, niet alleen om iedereen te misleiden. Ook om de hel waarin hij leeft aan te kunnen. Dat maakt hem ontroerend. Als ik op moet om te gaan acteren, wil ik mensen ontroeren, dat is het belangrijkste. Zoals ik zelf als jongetje ontroerd raakte door de clowns van het reizend circus.''

`India' door De Trust. Regie: Peter de Graef. Trusttheater, Kloveniersburgwal 50, Amsterdam. Première: 28/4. Te zien t/m 20/5. Aanvang: 20.00 uur. Reserveren: 020-5205320.

`Ouder worden is voor een acteur een zegen'

`Met een solo in de provincie, dat is een cursus zelfhaat'