Karel Lotsy

De man die decennia het gezicht heeft bepaald van de Nederlandse sport is Karel Lotsy. Hij verwierf onder andere roem als de geestelijk leider van het Nederlands voetbalelftal in de jaren dertig, als voorzitter van de KNVB, als bestuurslid van het Nederlands Olympisch Comité en van de wereldvoetbalbond FIFA. Ook was hij Chef de Mission op de Olympische Spelen van 1936, 1948 en 1952. In 1959 is hij overleden; zijn tweede vrouw Aaltje Lotsy-Beltman is deze maand op 94-jarige leeftijd gestorven.

Zij heeft de voor de familie pijnlijke periode meegemaakt dat Karel van zijn voetstuk viel nadat in 1979 Frits Barend en Henk van Barend over zijn oorlogsverleden hadden geschreven. Tien jaar later volgde het proefschrift van André Swijtink, met dezelfde conclusie: Lotsy was fout geweest.

Eén van de grootste problemen was dat hij de voorzittershamer van de voetbalbond overnam in de oorlogsjaren, na de nodige bemoeienis van de Duitsers. Ook was hij aanwezig bij wedstrijden tussen Nederlanders en Duitsers, iets waar na de bevrijding veel sporters voor zijn gestraft. Lotsy ontsprong de dans tot grote frustratie van oud-international Bram Appel, die wél werd geschorst voor het spelen van een duel in Duitsland dat Lotsy nota bene bijwoonde.

Dhr. W.D. van der Veen is de enige kleinzoon van Lotsy. ,,Toen dat nieuws uitkwam hebben we dat zwaar bevochten. Het is unfair om iemand die al lang dood is zo aan te vallen. Het klopt ook niet, want hij is nooit `fout' geweest. Hoogstens kun je zeggen dat mijn grootvader te naïef is geweest in zijn ijver om sport in de oorlog door te laten gaan. Hij heeft echter nooit sport en politiek met elkaar willen mengen.''

Het dieptepunt voor Van der Veen was dat de Karel Lotsylaan in Amsterdam werd gewijzigd in de Gustav Mahlerlaan. ,,We hoorden het van een neef, die in die buurt woont. Wij wisten van niets, want de gemeente had ons er niets over verteld. Het ligt heel zwaar in de familie.''

Van der Veen meent dat de naamswijziging op onterechte gronden is genomen. ,,Het is zo makkelijk om nu te zeggen wat goed en fout is geweest in de oorlog. Veel beschuldigingen over bijvoorbeeld anti-semitisme hebben een eigen achtergrond. De legendarische, joodse scheidsrechter Leo Horn beschuldigde Lotsy hiervan, maar dat deed hij omdat hij een belangrijke wedstrijd niet kreeg toegewezen. Dus was mijn grootvader anti-semiet.''

De Gustav Mahlerlaan is een feit en zal dat ook blijven. Het wordt tijd om Lotsy's leven te onderzoeken. Niet alleen maar om naar de oorlogsjaren te kijken, maar naar het totale leven van een man die zo veel voor de Nederlandse sport heeft betekend.

    • Jurryt van de Vooren