Geen uitstel van proces Lockerbie

Het proces tegen twee Libiërs die ervan worden verdacht in 1988 een Amerikaans vliegtuig boven het Schotse Lockerbie te hebben laten ontploffen, begint definitief op 3 mei. De Schotse rechtbank die de Libiërs conform een internationaal vergelijk in Kamp Zeist zal berechten, wees gisteren een verzoek van de aanklager om meer voorbereidingstijd af. De aanklager wees er daarbij op dat de verdediging haar lange lijst getuigen pas op het laatste moment had ingediend.

,,De beschuldigden zijn sinds 467 dagen in voorlopige hechtenis, wat ongekend is in de Schotse justitiële geschiedenis'', onderstreepte rechter Lord Sutherland aan het eind van een speciale zitting op het terrein van de vroegere Amerikaanse luchtmachtbasis. Hij voegde toe er niet van overtuigd te zijn dat uitstel nodig was.

De aanklager ging niet in beroep, hoewel hij daartoe de mogelijkheid had. Maar hij haalde wel uit naar de verdediging van Abdel Basset al-Megrahi en Al-Amin Khalifa Fahima. Hoewel de verdediging en het openbaar ministerie al sinds maanden contact hadden, had de lijst met 119 getuigen à decharge hem pas de middag voor het paasweekeinde bereikt, zei hoofdaanklager Colin Boyd. Van die getuigen, die in Zweden, Duitsland, de VS, Malta en Libië wonen, kende de aanklager er maar 31. ,,En wat betreft de Libiërs, die zijn ons totaal onbekend.''

De verdediging maakte gisteren bekend dat zij gaat proberen te bewijzen dat anderen dan haar cliënten voor de aanslag op de Boeing 747 van PanAm verantwoordelijk zijn, namelijk tien individuen en twee organisaties. Zij noemde geen namen. Naar verluidt gaat het onder anderen om Mohammed Abu Talb, een van de oorspronkelijke verdachten en lid van het extremistische Volksfront voor de Bevrijding van Palestina – algemeen commando (PFLP-gc). Westerse inlichtingendiensten gingen er aanvankelijk van uit dat de aanslag door het PFLP-gc was uitgevoerd, mogelijk op verzoek van Iran, voor zij Libië verantwoordelijk stelden.