Wie niet afvalt, voelt zich minderwaardig

In de VS wordt onderzoek gedaan naar het zelfvertrouwen van mensen met overgewicht. De vooroordelen over een gediscrimineerde groep

WIE AFWIJKT van het gemiddelde, zal dat weten ook. De `gezellige dikzak' bestaat hooguit in sprookjes; dikke mensen worden algemeen beschouwd als lui, dom en sociaal onhandig. Het zou hun ontbreken aan discipline en controle over zichzelf, want ze eten te veel en bewegen niet genoeg. Zelfs kleine kinderen kunnen dit ongenuanceerde, stereotiepe beeld al feilloos oplepelen. En dus worden mensen met overgewicht van jongs af aan gepest en gediscrimineerd.

Nu zijn er veel groepen in de samenleving waar een ongenuanceerd en onjuist negatief beeld van bestaat. Zwarten, ouderen, gehandicapten, homoseksuelen – allemaal hebben ze te maken met discriminatie. Maar mensen met overgewicht hebben niet alleen te maken met de minachting van anderen; ze krijgen heel vaak ook een hekel aan zichzelf. Dikke mensen zijn niet trots op hun dik zijn, zoals sommige etnische groepen wel trots kunnen zijn op hun afkomst.

Jennifer Crocker, als sociaal psycholoog verbonden aan de Universiteit van Michigan, doet al meer dan vijftien jaar onderzoek naar de manier waarop lichaamsgewicht en andere eigenschappen iemands zelfvertrouwen beïnvloeden. Het probleem bij overgewicht is volgens Crocker dat gewicht wordt beschouwd als iets controleerbaars, en dik zijn dus als je eigen schuld.

In advertenties voor fitnessapparaten en dieetpreparaten wordt om het hardst geroepen dat iedereen die echt wil, kan afvallen. Wie dan nog dik is, wordt daar zelf verantwoordelijk voor gehouden. Mensen met overgewicht worden daarom onbarmhartig gediscrimineerd, tegengewerkt en getreiterd. Over dikke mensen worden veel openlijker grappen gemaakt dan over andere groepen `afwijkende' mensen in de samenleving, zegt Crocker.

En dat terwijl het idee dat lichaamsgewicht controleerbaar is volgens Crocker helemaal niet klopt. ,,Het valt te betwisten of mensen die dik zijn, wel altijd te veel eten'', vertelt ze vanaf haar adres in Californië, waar ze een jaar met sabbattical is. ,,Voor een deel is gewicht natuurlijk controleerbaar, maar er zijn grote verschillen tussen mensen – verschillen in stofwisseling, genetische verschillen – die maken dat mensen die hetzelfde eten, niet noodzakelijk ook hetzelfde wegen.''

Toch geloven zelfs mensen die te dik zijn – of die zich te dik voelen, want dat is al genoeg – dat ze gewoon te ongedisciplineerd zijn om af te vallen. Dikke mensen blijken er zelf even negatieve stereotiepe ideeën op na te houden over dikke mensen in het algemeen als mensen met een normaal gewicht. Mensen met overgewicht vinden het daarom vaak best redelijk om gediscrimineerd te worden. In een onderzoek van Crocker schreven dikke vrouwen een afwijzing van een aantrekkelijke man vaak wel toe aan hun eigen gewicht, maar ze vonden het niet slecht of verkeerd van die man dat hij kennelijk discrimineerde. Ze voelden zich weliswaar beroerd, maar zijn schuld was dat niet, vonden ze. Hadden ze zelf maar slanker moeten zijn.

Dikke mensen zijn dus bevooroordeeld tegenover andere dikke mensen – leden van hun eigen groep. Daardoor missen ze een psychologisch mechanisme dat hen zou moeten beschermen tegen een dreigend verlies aan zelfvertrouwen: de trots om tot die eigen groep te behoren. In tegenstelling tot andere achtergestelde groepen in de samenleving zien mensen met overgewicht minder snel aanleiding om zich te verenigen en om te protesteren tegen de onrechtvaardige manier waarop ze worden behandeld. Integendeel: ze proberen zich juist te distantiëren van hun eigen groep, door af te vallen. En wie dat niet lukt, voelt zich minderwaardig en slecht.

Overigens kampen niet alle mensen met overgewicht automatisch met een gebrek aan zelfvertrouwen. Uit onderzoek dat Crocker een paar jaar geleden samen met Diane Quinn van de Universiteit van Connecticut uitvoerde, blijkt dat het vooral voorkomt bij vrouwen die ervan overtuigd zijn dat mensen verantwoordelijk zijn voor hun eigen welbevinden, en dat wie zijn doel niet bereikt er niet hard genoeg voor heeft gewerkt. Zulke tamelijk conservatieve, calvinistische ideeën zijn in Amerika in elk geval wijdverbreid, volgens Crocker. ,,Het is nauw verbonden met de American Dream: het idee dat je zelf je eigen lot in handen hebt.''

Vrouwen, vooral blanke vrouwen, baseren hun zelfvertrouwen sowieso nog altijd meer op hun uiterlijk dan mannen, aldus Crocker. ,,Het enige dat daarin echt is veranderd, volgens mij, is dat we tegenwoordig het idee hebben dat we dat niet zouden móeten doen. Maar we doen het nog steeds. En al die aandacht voor eten en gewicht leidt je af van wat je eigenlijk aan het doen bent.''

In een onderzoek van nog maar een paar jaar geleden, vertelt Crocker, moesten proefpersonen ofwel in zwemkleding ofwel in een grote wijde trui een aantal wiskundesommen maken. ,,Vrouwen bleken minder goed te presteren als ze een badpak aanhadden, en ze gingen dan ook gestoord eetgedrag vertonen – ze aten bijvoorbeeld geen heel koekje op, maar alleen een stukje van een koekje. Voor mannen gold dat niet. Mannen in zwembroek voelden zich wel voor gek staan, maar ze maakten de sommen normaal en aten ook gewoon hele koekjes.''

En dan zijn pogingen om slank te worden ook nog eens lang niet altijd gezond, zegt Crocker. ,,Ik heb vrouwen ontmoet die bleven roken en laxeermiddelen namen om maar niet aan te komen. Veel artsen krijgen misschien een toeval als ze dit lezen, maar ik denk dat veel mensen met overgewicht het idee `er komt een dag dat ik slank ben', los moeten laten. Dat maakt ze alleen maar ongelukkig.''