Schoolexamens vaak ondermaats

Examens die middelbare scholen zelf afnemen, zijn vaak onder de maat. Dat concludeert de Onderwijsinspectie in het Onderwijsverslag 1999, dat vanmiddag is gepresenteerd.

Bij 70 procent van de opleidingen voor middelbaar beroepsonderwijs (MBO) zijn de examenopgaven onder het vereiste niveau: ze zijn te makkelijk of toetsen maar een deel van de lesstof. Op een van de vijf middelbare scholen is slechts één leraar verantwoordelijk voor de vragen en de beoordeling van de schoolonderzoeken, die de helft van het eindexamencijfer bepalen. Op universiteiten en hogescholen maken en beoordelen de docenten de tentamens; onafhankelijke controle ontbreekt.

Leerlingen op middelbare scholen halen voor de schoolonderzoeken hogere cijfers dan op het onafhankelijke centrale eindexamen. Vooral bij allochtone leerlingen is het verschil groot. Zij krijgen gemiddeld een halve punt meer.

F. Mertens, hoofd van de inspectie, weet niet zeker of allochtone leerlingen bevoordeeld worden. ,,Maar als het zo is, is dat ernstig.'' Mertens wil dat scholen zich beter aan de regels gaan houden bij het opstellen van examens. Volgens hem mag een leraar of docent niet voor zijn eigen leerlingen of studenten zowel de examens maken als beoordelen. In het hoger onderwijs moet volgens hem niet de opleiding zelf de verantwoordelijkheid hebben, maar een onafhankelijke commissie.

Door het tekort aan leraren en ziekteverzuim krijgen leerlingen op basisscholen en middelbare scholen vaak minder uren les dan wettelijk is vastgesteld. Op basisscholen schiet gemiddeld zeven procent van de lestijd erbij in, op middelbare scholen is dat tien procent. Een kwart van de MBO-scholen voldeed niet aan de wettelijke norm van 850 uur. Volgens de inspectie is het lerarentekort een bedreiging voor de kwaliteit van het onderwijs, vooral op achterstandsscholen. Het aantal onbevoegde leraren op middelbare scholen steeg in 1999 spectaculair ten opzichte van het jaar daarvoor, blijkt tevens uit het verslag. In 1998 vroegen scholen drieduizend keer toestemming om een onbevoegde leraar in te zetten. In 1999 was dat meer dan vierduizend keer.

Net als vorig jaar constateert de Inspectie dat de prestaties van allochtone en autochtone achterstandsleerlingen achterblijven. Vijf procent van de 7.000 basisscholen slaagt er niet in de leerlingen voldoende te leren. Het gaat hierbij niet alleen om scholen met veel allochtone leerlingen, maar vaker nog om scholen met autochtone achterstandsleerlingen. Van de allochtone leerlingen hebben Turkse, Marokkaanse en Antilliaanse leerlingen de grootste achterstand.

VRAAGGESPREK: pagina 2