Feest en risico's

OVER ZES WEKEN barst het los. Ruim twintig dagen zullen Nederland en België gastvrijheid verlenen aan het, tot nu toe, massaalste `feest' aller tijden: het Europees voetbalkampioenschap (EK). Zoals bekend zijn niet alle partygangers bij voetbalevenementen even geciviliseerd. Met name hooligans interpreteren het begrip `Voetbal kent geen grenzen', het officiële thema van het EK dat gisteren door de premiers Verhofstadt en Kok gezamenlijk is gelanceerd, op geheel eigen wijze. Alle verloven van de politie zijn dan ook ingetrokken. Bij wijze van preventieve maatregelen is er bovendien een website op internet geopend waarop de speciale spelregels voor het EK in vier talen en pictogrammen staan uitgelegd.

Alle partijen, zowel de organisatoren en gezagsdragers als de supporters, wekken de indruk er klaar voor te zijn. Is dat ook zo? Bondscoach Frank Rijkaard denkt van wel. De reeks oefenwedstrijden, die op een enkele uitzondering na mat zijn verlopen, heeft hem voldoende inzicht gegeven in kracht en zwakte van het Nederlands elftal. En de spelers zijn akkoord met de premiepot die de voetbalbond in het vooruitzicht heeft gesteld, hetgeen op zichzelf al uniek is.

Maar volgens het Crisis Onderzoekteam (COT) zijn de voorbereidingen buiten het trainingsveld nog niet op orde. Vooral de politiekorpsen in de vier steden waar de wedstrijden worden gespeeld, zijn in de ogen van het COT onvoldoende geprepareerd. De algemene dagorder voor de politie is bijvoorbeeld pas begin juni beschikbaar, omdat de opstellers de informatie zo actueel mogelijk willen houden. Bij een oefening in het stadion van PSV bleek gisteren bovendien dat de coördinatie tussen politie en civiele ordediensten nog te wensen overlaat.

Eerder al had het COT vastgesteld dat de KNVB te weinig stewards ter beschikking had. En ondertussen heeft ook de Raad van State vastgesteld dat Justitie de persoonsgegevens van vandalen niet op grond van de Wet Openbaarheid Bestuur mag doorgeven aan de voetbalbond. Het ministerie zoekt nu weliswaar een uitweg via de Wet Persoonsregistratie, maar ook tegen die oplossing loopt inmiddels een juridische procedure. De wetswijzigingen, zoals de mogelijkheid tot `bestuurlijke ophouding', zijn kennelijk toch niet zo sluitend als regering en parlement dachten.

STRUCTUREEL VALT ER echter weinig meer toe doen. Autoriteiten en organisatoren kunnen anderhalve maand voor het uur U alleen nog extra aandacht besteden aan de details, variërend van inlichtingenwerk onder de harde kern der `hooligans' tot agressie dempende festiviteiten voor potentiële meelopers.

Voor het overige rest slechts hoop: hoop dat provocaties binnen en buiten de stadions beperkt blijven, dat de gewone burgers zich niet zullen gaan ergeren aan de hordes supporters die straks het straatbeeld bepalen en bovenal dat de uitslagen op het veld de gevaarlijkste risicowedstrijden op voorhand zullen elimineren.