Een doolhof van glas

Een keer per jaar zijn dagjesmensen welkom in de Brusselse privé-oranjerie van het Belgisch koningspaar. De Koninklijke Serres van Laken, zeven indrukwekkende koepels van glas en staal, herbergen een bijzondere collectie tropische en subtropische planten.

De Belgische koning Leopold II was geboren met een baksteen in de maag. Zo verklaarden intimi aan het Hof althans de onstuitbare bouwlust van de vorst. Leopold liet tijdens zijn regeringsperiode (1865-1909) in Brussel vele paleizen bouwen, triomfbogen oprichten en brede boulevards en fraaie parken aanleggen. De jonge Belgische staat moest schitteren om respect af te dwingen bij de omringende landen, zo meende de vorst. De koning was rijk geworden met de handel in ivoor en rubber in Kongo, een kolonie die hij als een privé-eigendom exploiteerde. ,,Over de ruggen van de zwartjes'', schreef een bezoeker in het gastenboek na het zien van een tentoonstelling over de werken van `Le Roi bâtisseur'.

De koning was behalve een enthousiast bouwer ook een groot natuurliefhebber en hij wilde de Brusselse stadsbevolking laten meegenieten van het buitenleven. Leopold nodigde daarom zijn onderdanen uit om in de lente, waarin de bloei op z'n mooist was, zijn plantencollectie te bewonderen. Hij wilde zelfs de vestibule van het Koninklijk Paleis laten aansluiten op een te bouwen spoorwegstation om de massa te verwelkomen, maar dat plan werd nooit uitgevoerd.

Op het domein van Laken, waar ooit een zonnetempel, een ijskelder, een gotische ruïne en een dierentuin waren ondergebracht, liet Leopold zijn koninklijke serres bouwen. Hofarchitect Alphonse Balat tekende imposante constructies van glas en staal, destijds zeer moderne materialen, naar het voorbeeld van de palmenserre van de Londense Kew Gardens. Bij de aanvang van de bouw in 1874 was er in België maar één gediplomeerde metaalconstructeur en men riep dan ook de hulp in van een Franse inspecteur van bruggen en wegen. En zo bouwde Balat met zijn leerling Victor Horta op 14.000 vierkante meter grond een transparante stad van 36 serres, onderling verbonden door een doolhof van glazen gangen en ondergrondse galerijen. In het plan was ook een geheime ondergrondse doorgang naar het paleis voorzien, want Leopold hield ook van amoureuze avonturen.

Na de officiële opening in 1880, ter gelegenheid van de verloving van prinses Stéphanie en de Oostenrijkse kroonprins Rudolf, mocht het stadsvolk zich aan het wonder komen vergapen. Dat het niet de bedoeling was dat arbeiders uit de volkswijk Marollen zouden komen, blijkt uit de naam van de ingang van de serres: embarcadère, de plaats waar de gasten uit de koets konden stappen.

Nog elk voorjaar weeft zich een lang lint van bezoekers vanaf de embarcadère tot ver in de koninklijke Parklaan, die de koninklijke serres willen zien. De belangstelling is groot, alleen al omdat de serres slechts twee weken per jaar zijn geopend. Plantenliefhebbers, amateurkwekers, koningsgezinden en dagjesmensen sluiten aan in de rij. Hier en daar hoor je de naam van koningin Fabiola vallen. Sinds het overlijden van haar echtgenoot, koning Boudewijn, woont zij in het paleis van Laken en ze is vaak in de serres te vinden. Boudewijn had groene vingers, hij kweekte plantjes en gaf zaden aan bevriende vorsten op officiële staatsbezoeken.

Eenmaal binnen schuifelt de stoet langs geraniums in vormen en kleuren die je nooit aan een balkon zult zien hangen. Het is warm en vochtig in de lange gangen. Als een liefhebber blijft staan voor een uitzonderlijke plant, wurmen de achtervolgers zich langs de bewonderaar met zichtbare angst een koninklijke bloem te knakken. De gangen vormen één groot groen doolhof, maar verdwalen is moeilijk omdat de stroom bezoekers dezelfde richting volgt. Wie geen oog heeft voor het zaaigoed van Boudewijn of het resultaat van Fabiola's groene vingers, kan zich vergapen aan de fantastische glazen koepels, de grote zuilen en het witte marmer op de vloer van de hoge serres. Dit is de plaats waar Filip en Mathilde hun huwelijksfeest vierden, waar koninklijke banketten werden gehouden of onder de oude palmbomen naar concerten werd geluisterd. En in 1909 overleed hier koning Leopold II. Hij werd gevonden in zijn geliefde palmenserre, waar nu kinderen tikkertje spelen rondom de zuilen.

Koninklijke Serres van Laken, T/m 7 mei, in het weekeinde ook avondwandelingen. Entree (overdag) 50 Bfrs (avond) 100 Bfrs Inl 0032-2 5040390 (keuzetoets topevenementen)

    • Piethein Burmanje