Werkgroep wil studie naar rugligging baby's

De Landelijke Werkgroep Wiegendood wil een onderzoek naar bijverschijnselen van de rugligging voor baby's. Ouders wordt geadviseerd hun baby niet op hun buik maar op hun rug te laten slapen, om de kans op wiegendood te verminderen. Maar bij ongeveer 8 procent van de zuigelingen ontstaat een tijdelijk afvlakking aan de achterkant of één kant van het hoofd. Bij een kwart van hen (2.000 tot 4.000 kinderen) is het erg goed zichtbaar. De afvlakking verdwijnt binnen zes tot achttien maanden.

Volgens voorzitter prof.dr.G. de Jonge veroorzaakt het bijverschijnsel veel onrust bij ouders. Hij kent echter geen gevallen waarin het scheeftrekken tot blijvende schade heeft geleid. ,,We willen onderzoeken of en hoe het scheeftrekken is te voorkomen. Zo zou de baby eventueel vaker op de zij kunnen worden gelegd, of op zijn buik als het kind wakker is en iemand erbij is. Ook zouden ouders bij flesvoeding vaker van arm kunnen wisselen.''

Wanneer het onderzoek plaatsvindt, is nog niet duidelijk. De werkgroep heeft nog geen geld. Volgens De Jonge moeten mensen niet afstappen van de rugligging. Hierdoor is het aantal kinderen dat aan wiegendood overleed, drastisch gedaald van jaarlijks zo'n 240 twaalf jaar geleden tot ongeveer 30 per jaar.