Uitkeringen voor kunstenaars

De Nederlandse Toonkunstenaarsbond (Ntb) en FNV KIEM hebben in de jaren voorafgaand aan de Wet op de naburige rechten (1993) geld voor artiesten geïnd. ,,Uit kosten/baten-overwegingen'' waren individuele uitkeringen echter niet mogelijk.

Dat zeiden de twee belangenorganisaties gisteren in een verklaring. Ze reageren op de claim die de stichting International Rights – Collecting and Distribution Agency (IRDA) afgelopen week legde op deze gelden. De acteurs en musici willen alsnog geld zien voor rechten van hun producten.

Volgens de bonden ging het om enkele tonnen per jaar. Met dat geld is onder andere het systeem opgezet waarmee alleen al in 1998 30 miljoen gulden werd geïnd en verdeeld via de door de bonden opgerichte organisaties SENA en NORMA. Verder is de lobby betaald die nodig was om ervoor te zorgen dat er een wet kwam en werden ook sociale en culturele doelen gesteund.

Volgens de IRDA hebben de bonden ,,aanzienlijke bedragen'' geïnd aan rechten van de NOS, de Belgische Kabel en de platenbranche, verenigd in de NVPI. Om hoeveel geld het gaat zegt de organisatie niet.