`Snelbelgwet' als wapen in de strijd tegen xenofobie

Een artikel van Paul Scheffer heeft een discussie op gang gebracht over `het multiculturele drama' in Nederland. Hoe verloopt de integratie van immigranten in het buitenland?

Het decor in de Brusselse gemeente Sint-Jans-Molenbeek heeft iets van de film West Side Story: vervallen huizenblokken en gekleurde jongeren doelloos rondhangend in sombere straten. Brussel is een stad van contrasten. Op een steenworp van de Grote Markt, toeristische trekpleister bij uitstek, ligt een door migranten bewoonde afbraakbuurt.

,,De jongeren luisteren hier niet meer, ze verwerpen iedereen. Er is gebrek aan perspectief en ze zijn zich ervan bewust'',zegt M'Rabet Bachir, een 35-jarige Marokkaanse jeugdwerkcoördinator in Sint-Jans-Molenbeek. De politie raadt er automobilisten aan tijdens het rijden portieren op slot en tassen in de kofferbak te houden, omdat jeugdige criminelen met hamers autoruiten inslaan zodra ze buit zien. ,,Er hoeft hier niet veel te gebeuren voor een explosie'', onderstreept M'Rabet Bachir. De Brusselse gemeente Anderlecht kende drie jaar terug de laatste uitbarsting van migrantengeweld.

Het aandeel Marokkanen en Turken is in Brussel met ruim 10 procent van de totale bevolking niet veel hoger dan de 7 procent in Amsterdam. Maar de concentraties zijn in sommige wijken aanzienlijk hoger. Volgens studies van de universiteiten van Leuven, Brussel en Amsterdam komen in de Belgische hoofdstad buurten voor waar de helft van de bevolking van Turkse of Marokkaanse komaf is, terwijl de concentratie in Amsterdam nergens boven de 25 procent uitkomt. In enkele Brusselse wijken loopt het totale migrantenpercentage zelfs tot tachtig op. Nergens in West-Europa komt dat voor.

Belangrijkste oorzaak is het vrijwel ontbreken van sociale woningbouw en huursubsidies in België, waar achtereenvolgende regeringen onder invloed van christen-democraten vooral geld vrijmaakten voor stimulering van eigen woningbezit. In Brussel wonen de meeste migranten dan ook in de negentiende eeuwse gordel van particuliere huurwoningen, die het zaken- en regeringscentrum bijna geheel omsluit. De etagewoningen zijn overbevolkt en sterk verwaarloosd, soms ontbreekt zelfs een spoelbak in de toiletten. In sommige wijken ligt de werkloosheid boven de 40 procent.

,,Er was hier in België geen debat, geen enkel debat'', zegt Paula D'Hondt. De inmiddels 73-jarige progressieve Vlaamse christen-democrate werd in 1989 door toenmalig premier (en partijgenoot) Wilfried Martens benoemd tot Koninklijk Commissaris voor het Migrantenbeleid. Belangrijkste reden? ,,Men voelde de hete adem van het Vlaams Blok'', aldus D'Hondt. De racistische partij had een jaar eerder het eerste electoraal succes gesmaakt. Volgens D'Hondt, die tot 1993 in functie bleef, zijn op onderwijsgebied de nodige inspanningen geleverd. Zij meent zelfs dat de aanpak van taalachterstand van migranten in België beter verliep dan in Nederland. Ondanks of misschien wel dankzij het geldgebrek, want voor programma's in eigen taal en cultuur waren er nauwelijks middelen. ,,Wij hebben ook strenger toegezien op individuele scholen en leerlingen'', aldus D'Hondt. Van een werkelijke aanpak van de migrantenproblemen door de politiek is het volgens D'Hondt echter ook toen niet gekomen. In 1991 bracht zij het kabinet in verlegenheid door te verklaren dat ,,in de regering geen vijf ministers'' haar rapporten hadden gelezen.

Bovendien benaderen Vlaanderen en Wallonië het migrantenprobleem verschillend. Voor Wallonië geldt het Franse assimilatiemodel. Vlaanderen volgt niet helemaal het Angelsaksische model, dat ruimte laat voor migrantengroepen als minderheden, maar ook niet geheel het assimilatiemodel. In Wallonië kreeg commissaris D'Hondt volgens eigen zeggen van politici zelfs te horen dat er geen migrantenprobleem was. Voor de Waalse socialisten, toen nog dominant, waren migranten net als Franssprekende Belgen allereerst arbeiders. Italianen en Spanjaarden in mijnen en staalindustrie waren eertijds toch ook zonder problemen geïntegreerd.

In Vlaanderen is het debat vertroebeld door de opkomst van het Vlaams Blok. Fractieleider Marc van Peel van oppositionele CVP – de christen-democratische partij die decennialang de Belgische politiek domineerde – gaf extreem-rechts er onlangs nog de schuld van dat de politiek het migrantendebat uit de weg gaat. Terwijl in Wallonië dus niet over het migrantenprobleem werd gepraat omdat het niet zou bestaan, deden Vlaamse politici er het zwijgen toe uit vrees voor extreem-rechts. Bovendien was er nooit geld – overheidstekort en staatsschuld waren door de kostbare gefederaliseerde staatsstructuur al torenhoog.

,,Wie zou niet willen integreren?'', zegt de Marokkaanse jeugdwerkcoördinator M'Rabet Bachir. ,,Het is zeker geen probleem van cultuur. De jongeren zoeken een opening naar de wereld. Maar wat doe je als de deuren zich sluiten?'' De klacht van Bachir, werkzaam bij het midden in de Molenbeekse migrantenwijk gelegen integratiecentrum Foyer van de Vlaamse Gemeenschap, is geen goedkoop excuus. Onderzoek bevestigt dat veel Belgische werkgevers zwaar discrimineren. Zo werd onlangs vastgesteld dat in Brussel veelvuldig de eis van tweetaligheid (Frans en Nederlands) aan allochtonen wordt gesteld, terwijl bij autochtone Belgen met kennis van één taal (meestal Frans) genoegen wordt genomen. De onderzoekers constateerden ,,procedurevervalsingen'' en ,,leugenachtige verklaringen''. Het Vlaamse Kinderrechtencommissariaat toont zich ongerust over discriminatie op scholen, die kinderen om hun etnische afkomst weigeren, omdat ze vrezen een `zwarte' school te worden. De Raad van Europa publiceerde onlangs nog een tamelijk negatief rapport over discriminatie en racisme in België, ofschoon ook vooruitgang werd geconstateerd.

Volgens Johan Leman, directeur van het in 1993 door de overheid opgerichte `Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding', zal vooral Vlaanderen zich moeten losmaken van ,,xenofobe neigingen''. Hij verklaart die neiging deels uit de emancipatiestrijd die Vlamingen zelf moesten leveren tegen Franstalige dominantie. Antropoloog Leman ziet een parallel met andere `kleine' gebieden in West-Europa, zoals Denemarken, Karinthië en de Elzas, waar migranten meer dan elders als bedreiging voor de eigen net verworven welvaart worden gezien.

In Vlaanderen bestaat dan ook nog steeds breed verzet tegen invoering van migrantenstemrecht bij lokale verkiezingen, iets wat in Nederland al ruim tien jaar bestaat. Vooral Vlaamse liberalen (van premier Verhofstadt) en christen-democraten vrezen dat andere partijen van de migrantenstem gaan profiteren. In de nieuwe paars-groene coalitie zijn de liberalen tegemoetgekomen aan `groene' wensen met een legaliseringscampagne voor illegalen en een versoepeling van de naturalisatiewet. Via deze tot `Snelbelgwet' omgedoopte regeling zullen meer migranten stemrecht krijgen en dus ook invloed op het beleid. In Brussel en elders zijn inmiddels alle partijen, uitgezonderd het Vlaams Blok, op zoek naar migrantenkandidaten voor de gemeenteraadsverkiezingen van 8 oktober.

dossierwww.nrc.nl