Blokkade dreigde voor World Online

De Amsterdamse beurs heeft vlak voor de introductie gedreigd World Online's beursgang te stoppen. De AEX wilde op het laatste moment extra informatie krijgen en ontduiking van beursregels voorkomen.

De opstelling van beursorganisatie AEX leidde tot irritatie bij de begeleidende bank ABN Amro, omdat de beurs met aanvullende vragen kwam nadat het voorlopige prospectus reeds was goedgekeurd. Om een beslissing over de beursgang te forceren, dreigde ABN Amro drie dagen voor de introductie nog met een kort geding. Daarna belde de bank persoonlijk met beurspresident G. Möller, die een compromis accepteerde waarna de weg voor de beursgang vrij was.

Een en ander blijkt uit onderzoek van deze krant op basis van documenten en achtergrondgesprekken met een tiental betrokkenen van alle partijen. Een AEXwoordvoerder bevestigt dat de beurs heeft gedreigd de World Onlinenotering niet te laten doorgaan. ABN Amro wil geen officeel commentaar geven. De bank houdt morgen een persconferentie waarin ze haar visie op de beursgang toelicht.

Een reconstructie van de gebeurtenissen laat zien dat de AEX vooral vragen had over een verkoop van World Online-aandelen van oprichtster Nina Brink aan de Amerikaanse beleggingsmaatschappij Baystar. De beurs vermoedde dat Brink via deze transactie de `lockup' wilde ontwijken, de regeling die bepaalt dat bepaalde aandeelhouders hun aandelen niet binnen een vastgestelde termijn mogen verkopen. Hoewel Brinks regeling met Baystar al in het voorlopig prospectus was goedgekeurd door de AEX, eiste de beurs in de week van 6 maart nieuwe documenten. Deze kwamen pas boven water nadat gedreigd was met stopzetten van de notering.

Uit de gegevens werd duidelijk dat Brink in december haar aandelen voor 60 miljoen dollar aan Baystar had verkocht. Een deel van deze opbrengst (35 miljoen) werd op een Zwitserse rekening van Brink overgemaakt, het andere deel (25 miljoen) werd omgezet in participaties Baystar. Daarnaast maakte Brink de afspraak met Baystar dat zij de helft van de opbrengst zou krijgen als de beleggingsclub de aandelen zou verkopen. Op het beleggingsbeleid van Baystar had Brink echter geen invloed.

De beurs wilde Baystar, dat zich niet aan de lockup had verplicht, alsnog onder deze regeling brengen. Voor de Amerikanen was dat onbespreekbaar. Daarop stelde ABN Amro een compromis voor waarin niet Baystar, maar Brink zelf een extra lockup-regeling kreeg opgelegd. Dit compromis werd uiteindelijk in het prospectus toegevoegd. Andere gegevens over de transactie met Baystar, zoals de verkoopprijs en Brinks belang in Baystar, bleven buiten het prospectus. Zowel ABN Amro als de AEX betoogt dat de regels dat niet voorschrijven. Raadslieden van beleggers wijzen echter op de Europese Richtlijn over opstelling van prospectussen, waarin expliciet vermeld staat dat de regels minimumeisen zijn. Volgens de richtlijn moet alle informatie voor een ,,verantwoord oordeel'' onverkort worden gemeld. Intussen is vanuit de Tweede Kamer kritiek geuit op het feit dat de AEX geen onderzoek instelt naar de beursgang. De beurs bekijkt vooralsnog alleen de publieke uitlatingen van Nina Brink over haar aandelenverkoop. Maar volgens de VVD moet het onderzoek veel uitgebreider zijn. Ook coalitiegenoten PvdA en D66 zijn kritisch over de rol van de Amsterdamse effectenbeurs.

DE BEURSGANG DIE DOOR MOEST GAAN pagina 16